Terug naar hoofdinhoud

Kroniek van het goede leven in Friesland

Zakelijk human interest magazine
Verschijnt tweemaandelijks – jaarabonnement € xxxx
Redactie: Albert van Keimpema
Abonnement: administratie@friesjournaal.nl

Noeste Bildtkers brengen alle grote topevenementen ter wereld in beeld

SINT ANNAPAROCHIE – De eerste keer dat Faber Audiovisuals, toen nog Radio Faber geheten, prominent in beeld kwam was tijdens de tv-reportage over de Elfstedentocht van 1963, toen in het poollandschap rond Bartlehiem op de achtergrond een Volkswagenbusje van het bedrijf stond geparkeerd en verslaggever Arie Kleijwegt de doorkomst van de schaatsers becommentarieerde. Tegenwoordig is het gemeengoed dat het bedrijf meelift op de grote evenementen die het zelf in beeld en geluid registreert. In niets lijkt de onderneming meer op hoe het ooit was. Door de commercialisering van sport en business, en daarmee het toenemend belang van publicitaire ondersteuning, is Faber Audiovisuals enorm gegroeid.

Dat een bedrijf uit Sint Annaparochie zo internationaal opereert is bijzonder. Maar de periferie is volgens eigenaar/directeur Cees Jan Faber geen nadeel, kijk naar buurman Smeding, hoewel hij enkele jaren geleden plannen had zijn bedrijf te verhuizen naar Heerenveen. Echter, hij kon het hele complex – woning, tuin en kantoren met bedrijfsruimten en opslagloodsen – aan de straatstenen niet kwijt.

‘Ik had geen zin om alles voor een appel en een ei van de hand te doen en daarom besloot ik in Sint Anne te blijven en nieuwbouw te plegen op de bestaande locatie. De gemeente Het Bildt hielp mee om ons complex aan de achterkant te ontsluiten waardoor wij qua routing gunstiger komen te liggen. Bovendien hebben wij hier ruimte genoeg om uit te breiden. Onlangs hebben we een nieuw pand laten bouwen en als het moet kunnen we nog meer uitbreiden,’ zegt Cees Jan.

Indrukwekkende referentielijst

Grote trailers op het bedrijfsterrein met daarin hypermoderne apparatuur, computers, camera’s, lichtsystemen, studio’s, aggregaten en reusachtige videoschermen wijzen op de bruisende dynamiek. Dagelijks rijden ze uit naar alle uithoeken van Europa om allerlei evenementen audiovisueel te faciliteren. De referentielijst van opdrachtgevers en happenings is indrukwekkend. Faber is present bij grote concerten (o.a. Shakira World Tour, The Monkees, Pinkpop), bij landelijke publieksevenementen (o.a. huldiging Nederlands elftal, Veteranendagen, Open Dagen Koninklijke Landmacht, 5 Mei Slotconcert in Amsterdam, Red Bull Air Races, bevrijdingsfestivals, Uitmarkt) en bij topsportevenementen (o.a. de verzorging van LED-banners bij negen Eredivisieclubs en het Nederlands elftal, Formule I, alle DTM-races, TT, WK roeien, paardensport waaronder 60 races in Frankrijk en 20 in Duitsland, FIS World Cup skiën, Kieler Woche, WK vrouwenvoetbal). Gerenommeerde bedrijven mag Faber tot de clientèle rekenen: Sony, Radio 538, Aegon, TNT, HP, Vodafone, KLM, Puma, Microsoft, ACE, FrieslandCampina.

Hoe bind je zo’n keur aan gereputeerde klanten aan je? Cees Jan stelt nuchter vast dat kwaliteit, slagkracht en service de pijlers zijn waarop zijn bedrijf stoelt: ‘Wij bieden een totaalpakket en we beschikken over de beste en nieuwste technieken te beschikken.’

Hij is de derde generatie die aan het roer staat. Opa Jippe en oma Hylkje bestierden in Sint Annaparochie een winkel in elektronica. Van lieverlee begon hij zich toe te leggen op licht en geluid. Zijn zoon en opvolger Cees hield op met de winkel en specialiseerde het bedrijf in audio/video. Faber verzorgde het geluid en later ook de beelden bij alle koersen in Nederland en ook bij praktisch alle hippische evenementen. De paardensport had in de omzet een aandeel van tegen de vijftig procent. ‘Nog steeds doen we draverijen maar die vormen nu niet meer dan één procent van onze omzet,’ zo illustreert Cees Jan de veranderde tijden.

Nieuwe impulsen

In 2003 nam hij de onderneming van zijn vader over. Het bedrijf had toen vier mensen in vaste dienst. Momenteel zijn dat er 35. Al gauw gaf Cees Jan nieuwe impulsen. Door de combinatie van de verhuur van LED-schermen an audio konden nieuwe markten worden aangeboord en groeide het bedrijf snel. Technologische ontwikkelingen volgden elkaar in rap tempo op en Cees Jan was daar goed van op de hoogte. Met dank aan de ervaringen die hij had opgedaan.

Cees Jan: ‘Via mijn vader kon ik in 1996 aan de slag bij JVR in Roosendaal, een concurrent van ons die vooropliep met grootschermen. LED was iets nieuws en ik zag toen al een markt die nog ontwikkeld moest worden. Drie jaar heb ik bij JVR gewerkt en in die periode heb ik mooie contacten opgebouwd en veel kennis vergaard. Daarna ben ik agent geworden bij Mitsubishi, dat in LED de beste ter wereld is, en kreeg ik nog meer knowhow van techniek en kwam ik erachter dat je niet achter de feiten aan moet lopen. In 2005 werden miljoenen geïnvesteerd in LED-schermen die toen nog heel exclusief waren. Tegenwoordig is de aanschafprijs nog maar de helft van de prijs in 2005, maar toch was dat het juiste moment om te investeren, want daardoor waren wij in staat een top drie positie in Europa te veroveren en slaagden wij erin grote evenementen, organisaties en bedrijven binnen te halen. Hoe verder je bent in je mogelijkheden, hoe minder concurrentie je ondervindt, hoe sterker je in de markt staat. Daar ligt onze kracht en het is de enige manier om geld te verdienen.’

Vader Cees lag in 2005 wakker van die forse investering toen hij een ontkennend antwoord van zoonlief kreeg op de vraag of hij opdrachtcontracten had. Moeder Janine haalde haar zoon over om te melden dat het wel zo was. Achteraf was dat goed voor de gemoedsrust van Cees, die nog iedere ochtend op kantoor komt voor de debiteurencontrole.

Modulaire en mobiele LED-systemen

Tegenwoordig kun je bij de hele grote evenementen niet zonder modulaire en mobiele LED-systemen. Op dit moment wordt een nieuwe mobiele trailer gebouwd met een schermoppervlak van 80 m². Een unicum op de Europese markt. Je praat dan over een investering van € 1 miljoen.

Hoe is het om in mondaine oorden en entourages te werken? Cees Jan: ‘Wij kijken er niet meer van op. Bij het skiën transporteren helikopters de materialen naar de posities. Voor een slotconcert van Shakira in Parijs wordt alles tot in detail voorbereid. We draaien onze hand er niet voor om. Onze 35 mensen zijn gemotiveerde kwaliteitslui die heel zelfstandig kunne werken. Dat is een prettige zekerheid. Het merendeel is Fries. Het zijn poetsers die dag en nacht het gas erop hebben. Het is toppersoneel waarmee ik me gelukkig mag prijzen. Goede mensen zijn schaars, maar niet in deze regio. Een vestigingsfactor die van groot belang is.’

Doorgroeien wil Cees Jan wel, maar niet met meer mensen. Cees Jan: ‘Investeren in middelen en techniek blijft doorgaan om onze voorsprong te behouden, maar wat mij betreft doen we dat met de huidige sterkte. Dan is ons bedrijf van een goede toekomst verzekerd.’

‘Al heeft de mens maar tien procent invloed op het klimaat, dan nog is het zaak actie te ondernemen’

moment De klimaattop in Cancún

DEN HAAG - Slechts vijf minuten bedenktijd kreeg Joop Atsma na de vraag van vicepremier Maxime Verhagen of hij zitting wilde nemen in het kabinet-Rutte. Niet voldoende om nog met zijn echtgenote te overleggen. Tea Atsma hoorde tijdens haar werk het nieuws op de radio. ‘Natuurlijk hebben we in het verleden wel over deze mogelijkheid gesproken. Het is een eervol verzoek, weigeren is eigenlijk niet aan de orde,’ vertelt Joop Atsma. De overgang naar vak K is groot voor de man die zich altijd een volksvertegenwoordiger in hart en nieren noemde en ondanks zijn nieuwe rol nog even toegankelijk is als altijd. Onlangs vertegenwoordigde Joop Atsma de Nederlandse regering op de klimaatconferentie in Cancún, Mexico. De dag voor vertrek werd er nog even geschaatst op het Friese ijs. ‘Dat moest nog wel even gebeuren. Je weet maar nooit of die kans zich deze winter nogmaals voordoet.’
Hoe heeft u uw eerste internationale top ervaren?
Het was een bijzondere en indrukwekkende ervaring. Meer dan 15.000 deelnemers in een mondain oord. De eerste avond hadden wij, samen met een aantal Europese delegaties, een diner met VN-topman Ban Ki-moon. Hij riep de Europese landen op gezamenlijk op trekken. Daar is de afgelopen jaren hard aan gewerkt en het is pure winst dat Europa op het gebied van klimaatbeheersing één blok vormt. Dan kun je echt een verschil maken en invloed uitoefenen. Ban Ki-moon was ook enthousiast over het Nederlandse initiatief voor een website waarop vermeld staat hoeveel geld landen ontvangen en waar dat geld aan wordt besteed en wat de resultaten zijn. Er was scepsis over de besteding van geld en behoefte aan meer transparantie. Die website draagt daaraan bij.
De klimaattop is afgesloten met een akkoord. Verrassend?
Er is tijdens de conferentie hard gewerkt om een akkoord te kunnen sluiten. Het was spannend tot de laatste dag. Het is niet eenvoudig om 193 landen op één lijn te krijgen. Vooral landen als de Verenigde Staten, China, Rusland en Japan zijn lastig over de streep te trekken. Gastland Mexico heeft daar een grote rol in gespeeld. Zoals ik tijdens de conferentie heb gezegd moeten kleine, zinvolle stappen worden gezet en niet grote, onrealistische sprongen worden gemaakt. Het moment dat een akkoord was bereikt, om kwart over vijf in de ochtend, vond er een enorme ontlading plaats onder de delegaties. Mensen vielen elkaar in de armen. Dat is niet meteen mijn aard, maar het geeft wel even aan hoe de beleving was.

Wat zijn de belangrijkste resultaten? Er is ondermeer afgesproken dat de temperatuurstijging van de aarde de twee graden niet mag overstijgen. Verder zijn afspraken gemaakt om de CO2 uitstoot verder te reduceren, ontbossing tegen te gaan en er komt een klimaatfonds waarmee ontwikkelingslanden worden geholpen in te spelen op klimaatveranderingen. De invulling van deze afspraken wordt het komende jaar besproken zodat er op de volgende top in Durban concrete plannen liggen.

De winter is hier al weer vroeg ingetreden. Hoezo opwarming van de aarde? Het klimaat verandert over lange termijn. Klimaatsceptici waren ook aanwezig in Mexico en ik heb met een aantal gesproken. Dat het klimaat verandert staat buiten kijf en wordt door vrijwel niemand ontkend. De discussie gaat over de mate waarin, en de invloed van de mens daar op. Maar al heeft de mens tien procent invloed, dan nog is het verstandig daar over na te denken en actie te ondernemen. Afwachten en met de handen over elkaar gaan zitten lost niets op. Landen moeten juist inspelen op de toekomstige ontwikkelingen. Neem bijvoorbeeld het IJsselmeer. Een temperatuurstijging van een graad betekent concreet dat de Afsluitdijk moet worden verhoogd. Dat kost miljarden. Het is dus van groot belang om maatregelen te nemen tegen de klimaatverandering. Het bedrijfsleven moet hierbij nauw worden betrokken.

Waar hebben we het dan over? Neem bijvoorbeeld de KLM die graag op groene kerosine wil overgaan, wat een grote stap is in CO2-reductie. Maar het heeft niet veel zin als de KLM dat als enige gaat doen. Vliegmaatschappijen moeten dat gezamenlijk afspreken. Private initiatieven moeten Europees en mondiaal worden besloten en gedragen. En dit geldt evenzeer voor overheden.

Wat zijn ontwikkelingen in Friesland die de komende jaren aandacht behoeven? De toekomst van de Afsluitdijk is een belangrijk onderwerp. Deze moet in ieder geval worden verhoogd en versterkt. De commissie-Nijpels heeft onderzocht hoe de verbetering van de Afsluitdijk kan worden ingebed in een innovatief plan waarbij aandacht is voor toerisme, het opwekken van zonne-energie en windenergie en watertechnologie zoals een getijdencentrale en het scheiden van zoet en zout water. Het Friese watertechnologisch instituut Wetsus speelt daar een belangrijke rol in. Innovatieve projecten die een voorbeeld kunnen zijn voor de rest van de wereld en waar het mes aan twee kanten snijdt.

U bent nu een aantal maanden bewindspersoon. Hoe bevalt het? Het is een grote overgang en een razend drukke baan. Ik moet nog wel eens wennen aan mijn nieuwe rol, vooral tijdens debatten in de Tweede Kamer. Waar je altijd gewend bent geweest vragen te stellen ben je nu de persoon die de antwoorden moet geven. Dat is even omschakelen. Vrije tijd is er vrijwel niet meer en ik ben weinig thuis, maar ik vervul deze taak met veel plezier en ben vast van plan resultaat te boeken.

Het familiebedrijf Paardenbedrijf VDL Stud

‘Uitgangspunt is dat we het allemaal eens moeten zijn, zo niet dan heeft Heit het laatste woord’

BEARS – Weinig mensen buiten de paardenwereld zullen zich realiseren dat één van de grootste paardenbedrijven ter wereld gelegen is in het weidse Friese land rondom Bears. De familie Van de Lageweg leidt een internationale hengstenhouderij, fokkerij en sportstal met meer dan zeshonderd paarden en vestigingen in Weidum, Jorwert, Deinum en Coevorden. In 2009 werd VDL Stud uitgeroepen tot KWPN Fokker van het Jaar, de kroon op het werk van de familie.

Wie een bezoek brengt aan de familie Van de Lageweg en het bedrijfscomplex in Bears raakt onder de indruk van de dynamiek van dit hectische familiebedrijf. De telefoon staat roodgloeiend, op kantoor en op het terrein is het een drukte van belang. Ondertussen staat moeder Van de Lageweg achter een grote pan snert die weldra zal worden geserveerd op de langgerekte stamtafel in de keuken waar tal van medewerkers en familieleden aanschuiven. Op de schuur naast het woonhuis prijkt de veelzeggende spreuk ‘Hân oan’e ploech en de blik foarút’. De hele familie is in touw voor het bedrijf dat wereldwijd aanzien geniet.

Nimmerdor
Wiebe-Yde van de Lageweg is één van de drie broers die samen met vader en oprichter Wiepke van de Lageweg het familiebedrijf runnen, maar ook de vrouwen zijn actief binnen het bedrijf. De historie voert terug naar 1972 toen veehouder en veehandelaar Wiepke zijn eerste paard kocht.

‘Heit is altijd gek van paarden geweest. Hij had het kleine boerenbedrijf van pake overgenomen hier in Bears en wilde wat extra activiteiten ontplooien. In 1975 zag hij tijdens een hengstenkeuring het paard Nimmerdor dat door hem werd aangekocht. Een regelrechte klapper dat de basis vormde voor het bedrijf zoals het nu is.’
Nimmerdor groeide uit tot een wereldberoemd springpaard en werd, ondanks de grote aangeboden bedragen, nooit door Wiepke verkocht.

De twintig medewerkers houden zich bezig met de handel, de opfok van jonge paarden, het dekstation, het berijden van de (topsport)paarden, het bewerken van de vele hectares land en het vangen van sperma dat vers of ingevroren wereldwijd wordt gedistribueerd. Juist die veelheid aan activiteiten maakt VDL Stud tot een bijzonder bedrijf.
Wiebe-Yde: ‘Er zijn veel paardenfokkers en handelsstallen. Maar er zijn maar enkele in de wereld die, zoals wij, de complete cirkel van activiteiten bieden.’

Geen wonder dat buitenlandse partijen de weg naar Bears weten te vinden zoals de Cubaanse regering.
‘Cuba was vroeger een groot paardensportland maar is de afgelopen decennia nogal in het slop geraakt. De regering wil weer een fokkerij opbouwen en heeft ons advies gevraagd. Daarnaast leveren we ook paarden aan Cuba. Dat soort verzoeken komen regelmatig bij ons binnen, dat gaat allemaal via via,’ aldus Wiebe-Yde.

Vader en zonen Van de Lageweg hebben een duidelijke taakverdeling. Senior richt zich op de handel met Zuid- en Midden-Amerika en bedient klanten in Zuid-Nederland. Wiebe-Yde houdt zich bezig met het dekstation en de binnenlandse handel, broer Janko met de export in het algemeen en Sipko is verantwoordelijk voor de spermaopvang, de opfok en de landerijen. Alle zakelijke besluiten worden gezamenlijk genomen.

‘Uitgangspunt is dat we het allemaal eens moeten zijn en mocht dat een keer niet het geval zijn, dan heeft Heit het laatste woord. Uiteindelijk moet er één de baas zijn,’ glimlacht Wiebe-Yde.

De familie houdt het liefst alles in eigen hand en alles moet snel gebeuren. Een reden dat destijds ondermeer werd besloten tot de bouw van een paardenkliniek op eigen terrein.
‘Dat scheelt een hoop reistijd. Een gerenommeerde veeartsenmaatschap huurt de kliniek waar tevens paarden uit de wijde omgeving worden behandeld.’

VDL Stud heeft vele toppers voortgebracht die internationaal presteerden tijdens Olympische Spelen en wereldkampioenschappen zoals de legendes Ahorn, Emilion, Glennridge, Chin Chin, Bubalu en Jus de Pomme.

Hoe herken je een potentiële topper?
‘Als een paard 2,5 jaar is kun je een goede selectie maken. Natuurlijk kun je bij een veulen al zien of het kwaliteiten heeft. Kwaliteiten die zwaar tellen zijn: vermogen, souplesse, het paard moet willen en over een heel goed karakter beschikken. Wij selecteren altijd zelf en gaan niet over één nacht ijs. Zes à zeven jaar is de leeftijd dat je een paard goed kunt beoordelen. Daarom houden wij onze hengsten ook vrij lang. Merries en ruinen worden meestal eerder verkocht. En wil je internationaal presteren dan moet je goede ruiters vinden. We hebben een aantal ruiters in dienst. Sommige melden zichzelf en voor sommige paarden zijn we specifiek op zoek naar een ruiter. Het moet klikken met het paard, maar even belangrijk is dat het ook tussen ons en de ruiter moet klikken.’

Het zijn momenteel geen goede tijden in de paardenhandel. Er is minder handel, minder export en marges staan onder druk.
Maar geen reden tot paniek in Bears: ‘Je moet zorgen dat je in goede tijden reserves opbouwt en voortdurend de kwaliteit verbetert. Want met kwaliteit houd je altijd handel, daar danken wij onze goede reputatie aan. Onze filosofie is “Kwaliteit wint de strijd”.’

VDL Stud heeft inmiddels het blikveld verruimd naar Azië, vooral Rusland en China. Dat brengt weer geheel nieuwe inzichten.
‘Er is Chinese belangstelling voor onze paarden. Onlangs hadden we een echte topper in de aanbieding, maar dat paard wilden ze niet hebben, omdat het een witte achtervoet heeft en volgens Chinees bijgeloof brengt dat ongeluk. Ja, zo leer je elke dag weer bij.’

De familie is zes dagen per week, vrijwel dag en nacht, bezig met het bedrijf. De handen vol en toch kriebelt nog wel eens een ander virus, dat van een boerenbedrijf.
Wiebe-Yde: ‘Tot tien jaar geleden hadden we nog een veehouderij, maar door de groei van het paardenbedrijf hebben we het laatste deel van het melkquotum verkocht. Nu denken we er wel eens aan om het weer op te starten, maar door de drukte van de paarden zit dat er voorlopig nog niet in.’

De stoere vrouwen van de hardrijderij

HINDELOOPEN - Al meer dan tien jaar geleden nodigde Gauke Bootsma, directeur en eigenaar van het Eerste Friesche Schaatsmuseum in Hindeloopen, tientallen oud-hardrijdsters uit voor een reünie in zijn bijzondere museum. Sindsdien komen de kampioenes van de kortebaan uit de jaren vijftig en zestig met enige regelmaat bij elkaar. De dames hebben sinds zij elkaar op leven en dood bestreden op de 140 meter lange ijsbanen door de hele provincie een bijzondere band. Liefst  47 van hen trouwden met zogenaamde ‘hardrijderseer.’

De eerste was Sietske Pasveer, die in december 1943 in Akkrum trouwde. Zij was één van de kampioenes van de kortebaan en stuurde een aantal collega-rijdsters en de journalist Douwe Miedema, die altijd bij hun wedstrijden aanwezig was een trouwkaart,’ zegt Gauke. ‘Ike Nienhuis, ook zo’n kampioene van de kortebaan, sprak er over met Miedema en die regelde dat er negen dames met hun schaatsen in de hand een erepoort voor het bruidspaar maakten, toen ze het gemeentehuis uitkwamen.

Daarna werd het een traditie, waarmee liefst 47 huwelijken werden opgevrolijkt. Baukje Spoor uit Garyp was op 26 maart 1970 de laatste. Op de lijst komen alle toppers van de kortebaan uit die jaren voor: Nederlands kampioene Fokje van der Velde uit Marsum (16 december 1946), Ike Nienhuis uit Makkinga (4 april 1950), Tine de Vries uit Kortezwaag (11 mei 1856) en de drievoudige wereldkampioene langebaan Atje Deelstra uit Irnsum, die op 7 maart 1962 haar Jelle het ja-woord gaf. Want ook Atje haalde haar eerste successen op de kortebaan.

De bijzondere traditie en – uiteraard - de uitzonderlijke sportieve prestaties van de ‘meiden van de kortebaan’ werd door Hedman Bijlsma (66) beschreven in het boek De Vrouwen van de Hardrijderij dat op initiatief van de stichting Vrienden van het Eerste Friesche Schaatsmuseum onlangs werd uitgegeven. Bijlsma is al tientallen jaren de ‘bibliothecaris van het ijs’. Zijn collectie schaatsboeken is met ruim 5000 exemplaren de grootste ter wereld en zelf schreef hij er ook al een aantal, waaraan nu dus De Vrouwen van de Hardrijderij is toegevoegd.

In dit boek heeft hij een prachtig brok Friese sportcultuur vastgelegd. “Het mooie van de vrouwen, die op de kortebaan reden, is dat zij elkaar altijd op het scherp van de snede bestreden, maar buiten de baan vriendinnen werden,” zegt Bijlsma. Al in de jaren zeventig kwam hij in contact met Douwe Miedema, die onder het pseudoniem D.M. van der Woude – een verwijzing naar zijn geboorteplaats Oranjewoud – vanaf de jaren veertig tot zijn dood in februari 1978 over de vrouwen schreef en ook als manager en raadgever van hen optrad. Hij werkte altijd voor het Nieuwsblad van Friesland, maar ook voor de Friese Koerier en de Leeuwarder Courant.

“Zijn contacten met de vrouwen gingen zo ver dat sommige dames kort voor hun huwelijk nog bezorgd aan hem vroegen of hun toekomstige man wel de ‘Ware Jacob’ was,” zegt Bijlsma. Hij sprak Miedema talloze keren en de oude journalist begon zijn uitgebreide archief stampvol ego-documenten, uniek fotomateriaal en wedstrijdverslagen over de vrouwenrijderijen en de dames zelf aan Hedman over te dragen. Die gegevens vormen nu de basis van het boek. “Zijn eigen huwelijk bleef altijd zonder kinderen,” zegt Bijlsma, “en dat met zijn grenzeloze liefde voor de Friese volkscultuur is vermoedelijk wel de reden geweest dat hij altijd zo intensief  met de vrouwen van de hardrijderij is bezig geweest.”

Zo zorgde Douwe er voor dat alle dames bij hun huwelijk een grote tabakspot van Makkumer aardewerk van hun collega hardrijdsters kregen. Uiteraard met een ijstafereel er op. Die traditie begon eigenlijk al bij Tiete Rinsma uit Warga, die op 9 mei 1946 trouwde. Maar toen kwam Miedema nog met drie kastkommen in blauw uit Workum aanzetten. Een paar maanden later trouwde Fokje van der Velde. Er werd in die maanden met de ‘meiden van het ijs’ een door Douwe geschreven lied ingestudeerd en tijdens één van die repetities kwam hij met een tabakspot aanzetten, waarop hij de tekst ‘Oan Fokje van der Velde, iis-kampioene 1942  Fan Fryske Hurdrydsters 1946’ had laten aanbrengen. Konden de dames kiezen voor het huwelijksgeschenk: kommen of tabakspot.

De keuze viel op de pot, waarvan er daarna 45 werden gemaakt bij Tichelaar’s aardewerkfabriek in Makkum. De tabakspotten zijn inmiddels waardevolle verzamelaarsobjecten en museumstukken geworden. Het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek heeft in zijn ijskamer de pot staan, die Annie van der Meer in 1956 van haar rivalen ontving. Gauke Bootsma heeft er ook één in zijn museum, maar die moest hij wel eerst in elkaar lijmen, want Martha Wieringa uit Franeker - de absolute kampioene begin jaren ‘50 - maaide hem van de schoorsteenmantel tijdens het stoffen.

‘Vrouwen schaatsen? Wij moesten bidden en werken!’

HINDELOOPEN – De rol van de vrouwen in de Elfstedentocht is altijd onderbelicht gebleven. In het verleden wist het bestuur niet goed raad met de aanwezigheid van de dames. Die reden dan ook, meestal in het kielzog van een broer of hun vader, met de mannen mee. Door de jaren heen groeide het aantal deelnemende dames. Pas in 1985 werden vrouwen voor het eerst tot de wedstrijd toegelaten. Ze reden mee in de mannenwedstrijd en de organisatie had weinig mededogen want ze moesten gewoon binnen dezelfde tijdslimiet in Leeuwarden terug zijn.

Dat gaf stof tot stevige discussies en vervolgens nam het bestuur van de vereniging ‘De Friesche Elf Steden’ het besluit om een aparte wedstrijd voor vrouwen uit te schrijven met een eigen klassement en tijdslimiet die ook nog voor de editie van ’85 golden. Iedere deelneemster die binnen twee uur na de winnares arriveerde werd geklasseerd en kreeg het felbegeerde kruisje. Na Lenie van der Hoorn waren Tineke Dijkshoorn en Klasina Seinstra respectievelijk in 1986 en 1997 de winnaressen volgens de nieuwe reglementen.

Om voor de dames zo eerlijk mogelijke omstandigheden te scheppen gaan bij een volgende tocht de mannen en vrouwen van de wedstrijd niet meer gelijktijdig van start. De mannen vertrekken om 5.20 uur en de vrouwen een kwartier later. Direct daarna beginnen de eerste toerrijders aan hun tocht.

Als eerste officiële winnares werd Lenie van der Hoorn uitgenodigd enkele jaren geleden de speciale vrouwenvitrine in het Eerste Friesche Schaatsmuseum te openen. Ze vertelde dat het voor de meeste vrouwen moeilijker was aan de start te verschijnen dan het schaatsen van 200 kilometer.

Hoezeer de dames vroeger hun best moesten doen om überhaupt te schaatsen bleek uit het relaas van Lenie: “Jan van ome Gerrit kon zo goed niet schaatsen als ik en hij mocht als kind met de groten mee, terwijl ik bij de kleine meiden moest blijven op dat prutslootje, zo herinner ik mij. Later wilde ik persé noren en wat kreeg ik? Kunstschaatsen! Dat zwieren zag er zo gezellig uit en hoorde bij meisjes. Maar ik vond het vreselijk. Van de moeder van Annie Kooy kreeg ik een paar noren, maat 41. Veel te groot en jarenlang heb ik met kranten in de neuzen geschaatst. Toen ik oud genoeg was om zelf noren te kunnen kopen stapte ik over op maat 36!”

Nee, schaatsen werd bij meisjes niet gestimuleerd. Lenie: “Je hoorde altijd: doe dat nou niet, stel je voor dat je valt. Die tegenwerking heeft vele vrouwen afgehouden van de schaatssport. Daarom heb ik zo’n bewondering voor de vrouwen die toch hebben doorgezet zoals Debora van der Hoorn die derde werd in de Elfstedentocht van 1947. Ter Aar stond op z’n kop. Zij reed de Ronde van Loosdrecht in een rok. Dat was bij de Elfstedentocht ook gebeurd als zij geen broek en jack had kunnen lenen. ’s Ochtends om half zeven arriveerde zij in Leeuwarden zonder te hebben geslapen. Zo ging dat vroeger, snap je?”

En ook Lenie heeft haar uiterste best moeten doen: “Ik was een kind van de meisjesschool in Pijnacker. Die hoorde bij de juffen en de nonnen. Schaatsen was helemaal niet vanzelfsprekend. Het was eerder ora et labora, bid en werk, en een gezinnetje stichten. Waartoe zijn wij op aard? Dat moesten wij ons afvragen.”

Ouderwetse kortebaan op de Uilesprong

UILESPRONG – Wat is er nog over van de rijke kortebaantraditie in Friesland? Veel, als je de eerste rijderij van dit seizoen in het pittoreske Uilesprong in beschouwing neemt. Een prima startlijst van 26 man, schitterende sport, een prachtig ijsbaantje in de landerijen met op de achtergrond het anderhalve eeuw oude huiskamercafé van Frida Onderwater en de huisjes van het buurtschap, en een ouderwetse starter in de persoon van voorzitter Rinze Bruinsma van de organiserende ijsclub Klein Begin: ‘Klaarrr?, aff!’ Kon het mooier en beter? Nee. Maar toch was er slechts een handjevol mensen langs de baan. Dat baart zorgen want zo sterft de kortebaan een langzame dood.

Waar blijven de Friezen? Dit laat je toch niet aan je voorbijgaan? Koning Winter is er zelden zo vroeg bij geweest en dan ook meteen maar een dikke min op de thermometer. Eind november vroor het al matig en dat is heel bijzonder. Het was gemeen koud op de Uilesprong maar dat mag natuurlijk geen reden zijn weg te blijven. Wees blij dat het winter is. Toegegeven: er werd weinig ruchtbaarheid aan de seizoensprimeur gegeven. Klein Begin mag best wat harder op de trom slaan.

Media komen niet meer bij drommen op de kortebaan af. Vroeger, nog geen 15 jaar geleden, waren er op de Uilesprong zomaar zes cameraploegen. Nu liep er een wat verdwaasde representant van Omrop Fryslân om met een handycam in zijn hand. Nou ja, het mocht de pret niet drukken.

De baan op de Uilesprong is al niet lang en moest nota bene ook nog iets worden ingekort. Het bestuur was vergeten de buis van de watertoevoer van het ijs te halen waardoor er een plas water lag. Aan de meet moesten de deelnemers vreemde capriolen maken om niet het land op te vliegen. Sommigen konden na de finish de bocht niet maken en zij stuiterden hard op de bevroren wal.

Er was een goed gezelschap sprinters op de eerste wedstrijd af gekomen. En nog van internationale samenstelling ook. Zo waren twee Australische schaatsnomaden aanwezig van wie Daniël Craig tweede werd. Knap hoe deze kleine mannen, komend uit een land waren het nu dik boven de veertig graden is, zich weerden in de ijzige kou. Dit zijn liefhebbers en pure sporters! Maar die heb je ook in Nederland. Zo was niemand minder dan de Olympische baanrenner Jenning Huizenga aanwezig, evenals wielrenner René Hooghiemster.

Winnaar werd nationaal kampioen Jesper Hospes uit Heerenveen. Hij versloeg in de finale Daniël Craig over twee ritten. Beide keren ging Jesper op het laatste stuk zijn tegenstrever voorbij. Jesper werd begeleid door zijn vader Henk, in de jaren zeventig een topsprinter. In het café kreeg Jesper zijn prijs: een envelop met 150 euro. Een vetpot is het niet. Zeker niet als je dit prijzengeld vergelijkt met vroeger. Maar de mannen genoten en kwamen niet voor de premies.

In het café kwam de weeïge stallucht je tegemoet. Frieda boert nog steeds en heeft haar koeien mooi in het stro. Warme ‘poeiermolke’ en beerenburg gingen grif over de toog. In de hoek van het café speelden Jelte Postma (een legendarische trainer in het Friese amateurvoetbal) en de vrouw van Rinze Bruinsma op de accordeon. Iedereen zat smûk aan de tafels met Perzische kleedjes. De winter van 2010-2011 begon met een ouderwetse topdag.

Friese topcafé’s: Hessel op één

TERSCHELLING – De Groene Weide van zanger Hessel in Midsland op Terschelling is op de eerste plaats geëindigd in de Nederlandse Top 100. De lijst van beste cafés 2011 is samengesteld door het vakblad Misset Horeca. De jury beoordeelde 400 zaken. De verkiezing wordt jaarlijks gehouden. Behalve De Groene Weide zaten nog zes Friese cafés in de Top 100: De Stee in Leeuwarden (10), De Walvis op Terschelling (31), Nescafé op Ameland (57), Die Porte von Cleve in Sneek (85), De Dikke van Dale in Leeuwarden (86) en de Ierse pub Paddy O’Ryan in Leeuwarden.

Hessel van der Kooy was verguld met de uitverkiezing: ‘Dit is heel bijzonder omdat ik in 2011 veertig jaar in mijn zaak sta. Het wordt dus een mooi jubileumjaar. Een droom komt uit.’ Hij droeg de nummer één positie op aan zijn personeel: ‘Dit is een compliment aan alle medewerkers. Wij doen het met zijn allen. Zo hebben we als team de zaak verbouwd en geschilderd. Ook het meubilair hebben we zelf gemaakt.’ Daardoor is de identiteit, waar De Groene Weide om is geprezen zo staat in het juryrapport te lezen, nog sterker geworden. Maar er liggen meer motiveringen aan het succes ten grondslag. Duurzaam ondernemen staat hoog in het vaandel van Hessel. ‘We hebben LED-verlichting aangebracht en we hebben een systeem van warmteterugwinning ingevoerd. De warmte van de koelmachines wordt aangewend voor de verwarming van het café en het terras. We zijn nu ook écht De Groene Weide,’ lachte Hessel, die zijn collega’s aanspoort haast te maken met, zoals hij het zegt, ‘de groene revolutie’. ‘Anders ga je in de toekomst nat aan energielasten,’ voorspelt hij.

Slotfeest jubileumjaar Oostergoo

Slotfeest jubileumjaar Oostergoo door Albert van Keimpema | Maandag 10 januari 2011 | Editie: 58 | januari februari 2011

GROU – Het was het jaar wel voor het 152-jarige hotel Oostergoo dat in 2010 het 150-jarig bestaan vierde omdat twee jaar geleden Marcel Oost werd getroffen door een herseninfarct. Drie hoogtepunten kende het jubileum afgelopen jaar: een lunch om de feestelijkheden te openen, een evenement op een ponton bij het skûtsjesilen en een slotfeest op 20 november.

Commissaris der koningin John Jorritsma opende de avond met een compliment aan Oostergoo en de gastvrijheid. Hij noemde speciaal de steiger, een van de pleisterplaatsen van het statenjacht Friso. Verder merkte hij op dat Oostergoo een bijzonder jubileumgeschenk heeft gekregen: Grou krijgt Leeuwarden erbij…

Nadat Frans Bonnema een breedsprakige rede had gehouden over familiehotels wees Rienk Wegener Sleeswijk op het belang van Oostergoo als huiskamer van de gelijknamige zeilvereniging, de één na oudste van Nederland en zelfs nog tien jaar ouder dan het etablissement. Hij wees op een belangrijk moment in het voortbestaan van Oostergoo, waarvoor een projectontwikkelaar belangstelling toonde. Die wilde de zaak platgooien om er een appartementencomplex van te maken. Hoe diep de liefde bij sommigen is voor het familiehotel met authentieke gelagkamer bleek toen. Een zekere Wim Velthuizen uit Baarn kocht Oostergoo en parachuteerde Marcel en Annemarie Oost (what’s in a name) er als uitbaters!

Aansluitend was er een veiling voor het goede doel. De kavels waren belangeloos beschikbaar gesteld en de opbrengst, bestemd voor ZaZa, bedroeg € 20.000 en er komt nog steeds geld binnen.

Tal van prominente gasten waren aanwezig, onder wie directeur Marc van Gulick van Lauswolt. Hij heeft een zwak voor een zaak als Oostergoo: ‘Naast het luxe segment heeft Friesland volkse zaken als Oostergoo nodig. Hotels met een warme ambiance, een plezierige gastvrijheid en een eerlijke keuken, zoals Oostergoo.’

Marc was net terug uit Australië waar hij samen met zijn chef-kok Geert Jan Vaartjes gastkok was op het tweejaarlijks Oranje Bal in Melbourne. De twee toppers van restaurant Heeren van Harinxma, het hoogst genoteerd in deze provincie, gingen uiteraard graag in op deze prestigieuze invitatie van de Nederlandse Kamer van Koophandel voor Australië. Het duo trakteerde de 150 gasten op een vijfgangen menu met typische Nederlandse gerechten als haring en paling en een Bossche Bol als dessert. Gastheren waren diplomaat Nico Schermers en honorair consul-generaal in Victoria, Hans Nieuwland.

‘Een prachtige ervaring. Zo gaat Lauswolt de hele wereld over!,’ aldus Marc.

‘Wij zijn wel van de cijfertjes’

Naam Harry Westers | Leeftijd 60 jaar | Woonplaats Vlieland/Harlingen | Burgerlijke staat gehuwd met Jennifer, 4 zonen (2 van 38 en 33 uit het 1ste huwelijk en 2 van 17 en 15 uit het 2e huwelijk) | Functie directeur/grootaandeelhouder Westcord Hotels (o.a. Art Hotels, Fashion en City Centre in Amsterdam; Hotel Delft; WTC Hotel in Leeuwarden; Hotel Noordzee op Ameland; Residentie Boschrijck en Hotel Schylge op Terschelling; Residentie Vlierijck, Hotel de Wadden en Strandhotel Seeduyn op Vlieland en hotel New York in Rotterdam) | Locatie De Gastronoom Harlingen | Chef-kok Marco Poldervaart | Bediening Kees van der Wal (stagiair)

In hoeverre bepaalt geld verdienen uw leven? Niet in de zin van dat ik een spender ben en dat ik privé veel nodig heb, maar wel om de bedrijven overeind te houden. Je mag in de horeca niet verslappen. Geld heb je nodig om te leven en, zoals wij, bedrijven te ontwikkelen en te exploiteren. Geld is noodzakelijk om wat te bereiken. Een prettige bijkomstigheid is dat wij ons goed kunnen redden. Voor een minimumloner valt dat niet mee. Dat weet ik want ik ben in betrekkelijke armoede opgegroeid. Door keihard werken moesten mijn ouders een bestaan opbouwen. Mijn vader was behoudend en mijn moeder was dynamisch. Dat gaan we doen, zei ze dan.’

Hoe bent u hotelier geworden? Toen ik nog maar drie maanden was verhuisden mijn ouders, die in Oost-Groningen een bakkerij runden, naar Vlieland, waar ze ook een bakkerij hadden en als enige in dat vak overbleven. Een student was ik niet en mijn toekomst werd voorbestemd door mijn ouders. Zij kochten hotel De Wadden toen ik nog geen 18 was. Op mijn 20ste was ik al zelfstandig ondernemer. Ik kreeg ontheffing, die via de burgemeester en de Koningin moest worden geregeld, omdat je destijds pas op je 25ste mocht beginnen. Enige jaren later kwam hotel Zeezicht er bij. In 1972 had ik al een optie op de grond ernaast genomen maar door veel tegenwerking heeft het 15 jaar geduurd voordat er kon worden gebouwd. De zaak was net enkele maanden in bedrijf toen er augustus 1987 op de personeelsafdeling brand werd gesticht door een medewerker die verliefd was geworden op een serveerster. Als een prins op het witte paard wilde hij haar op deze bizarre manier veroveren. De schade bedroeg 2,5 miljoen gulden. Dat was een moeilijke tijd die we gelukkig hebben overleefd. Twee jaar later hebben we Seeduyn gekocht en weer twee jaar later nieuwbouw gepleegd.

Wat drijft u? Ondernemen en investeren is prachtig. Het is scheppend. Je hebt een beeld voor ogen en dat te zien verwezenlijken is een intrigerend proces. Ik heb het getroffen met het zakelijk inzicht van mijn zakenpartner Cees van der Schoot. Zonder hem had ik dit niet kunnen bereiken.’

Uw vrouw werkt met u samen. Hoe is dat? Het is heel leuk om met mijn vrouw te werken! Fantastisch zelfs. Onze bureaus staan tegenover elkaar. Dat is praktisch. Dan weet ze meteen waar ik mee bezig ben. Hoef je ’s avonds in de woonkamer niet meer zaken te bespreken, behalve als het nodig is, uiteraard.’

Westcord is een bonte verzameling van hotels op opvallende locaties.  Zit er een idee achter? Niet in de zin dat de bedrijven op elkaar moeten lijken of op een bepaalde doelgroep gericht zijn. Wel op de manier waarop de bedrijven zijn georganiseerd en hoe ze worden gerund. Ik hou van de verscheidenheid van onze groep. Zo hebben we op Vlieland een strandtent wat een wereldzaak is. Daar kom ik graag en dan geniet ik.

Hoe kunt u al die bedrijven aansturen en het overzicht behouden? Door op elk bedrijf een management te hebben en verantwoordelijkheid te geven. Wij managen vanaf de werkvloer. Zondags om 12 uur komen alle weekrapporten via de mail binnen. Wij weten exact hoe de bedrijven draaien. Verder ben ik erg betrokken. Alle arbeidsovereenkomsten, dat zijn er nu zo’n 450, teken ik zelf. Onder alle rekeningen van crediteuren zet ik persoonlijk een handtekening. Ik wil weten wat er gebeurt. Wij zijn wel van de cijfertjes.

Hotel New York is een parel aan de kroon. Hoe voelt het om zo’n vermaarde topzaak te hebben waar rijen voor de deur staan? Mijn zoon kwam er in 2004 mee aan. We keken wat mogelijk was, we hebben onze visie erop los gelaten en het management en de inkoop bijgeschaafd. Het personeel was gereserveerd. Zal die Fries ons het hier even vertellen?, zag je ze denken. Maar de samenwerking is heel goed en de zaak loopt als een trein. Prachtig om te zien als ik eens langskom en aan de bar sta.

Is verkopen en stoppen een optie? Nee. Dat zou slecht voor mij zijn.

Wat is de strategie ten aanzien van de opvolging? Mijn kinderen nijgen ook naar dit vak. De oudste zit in het bedrijf, de tweede onderneemt op Curaçao en de oudste van de twee die nog thuis zijn wil naar de Hogere Hotelschool. Mijn wens is dat WestCord intact blijft, maar je weet niet hoe de toekomst er uit ziet.

Menu Arrivé Ajo blanco (koud soepje van knoflook en amandel, sandwich van sesam, geitenkaas en basilicum, wafeltje gevuld met paprika en piccalilly) | Amuse Een salade van gepofte aardappel van de BBQ, kaas zandkoekje met bleekselderij en savora mosterd, maïs blinie met kaviaar van sojasaus. | Voorgerecht Kalfstong, artisjok, groene asperges, piperade (paprika, tomaat, ui, pimenton), soubise, aceto dressing en uitgebakken mosterd. | Hoofdgerecht Gebakken tarbot met spinazie van boer Jochum, gekonfijte tomaat en jus van Friese worst. | Nagerecht Bavarois van bramen met een bros van witte chocolade, limoensnoepjes, parfait van limoen en een bramenbonbon.

Koninklijke Chaumet-avond bij Fleurons & Prins

LEEUWARDEN – De klasse droop er van af bij Fleurons & Prins in Leeuwarden, dat een presentatie hield van sieraden en horloges van het befaamde, wereldberoemde huis Chaumet. Dit merk wordt vertegenwoordigd door Fleurons & Prins, gevestigd in hartje Leeuwarden aan de Grote Kerkstraat. Gasten op de speciale VIP avond konden zich vergapen aan zoveel moois en exclusiefs.

[banner]

Chaumet is hét merk van de Europese vorstenhuizen. De Koninklijke traditie werd al gauw ingezet na de oprichting van Chaumet in 1780 door Marie-Etienne Nitot. Een van zijn eerste klanten was Joséphine, de vrouw van Napoleon Bonaparte. De Franse keizer viel om van bewondering toen hij haar voor het eerst met een sieraad van Chaumet zag. Na de dood van Nitot in 1814 maakte Chaumet onder Jean-Baptiste Chaumet en diens zoon Jules romantische sieraden en juwelen geïnspireerd door de Italiaanse renaissance. Hun opvolger Jean-Valentin Morel (1794-1860) opende een juweliershuis in Londen en mocht Koningin Victoria tot zijn clientèle rekenen. Hij werd de ambassadeur van stijl genoemd.

Onder Joseph Chaumet (1852-1928) ging het huis zich specialiseren in het maken van tiara’s; kronen die gedragen worden door koninginnen en prinsessen, door adel en in aristocratische families. Nog tot op de dag van vandaag dankt Chaumet haar wereldfaam aan deze specialiteit. Zoon Marcel Chaumet (1886-1964) staat bekend als een avant-gardistische juwelenmaker die Chaumet, sinds 1907 gevestigd in een Koninklijke residentie in het centrum van Parijs aan 12 Place Vendôme, die het huis naar een nieuwe tijd loodste.

Tophotel van Van der Valk in Sneek

SNEEK – De Friese hotelmarkt heeft een belangrijke impuls gekregen door Van der Valk. Had dit concern bij Wolvega al een perfecte accommodatie neergezet, nu is er bij de entree van Sneek aan de A7 een prachtig geoutilleerd hotel gebouwd. Op een uitgelezen locatie: strategisch aan de vernieuwde rondweg, aan een waterpartij en met uitzicht op het schitterende natuurgebied van De Brekken met zijn rietlanden. Van der Valk Sneek is er voor een brede doelgroep. Het is zowel een familiehotel als een hotel voor de zakelijke en toeristische markt. Er zijn in totaal 214 kamers waaronder één voor minder validen, drie business suites, vier family suites, één superior suite en een bruidssuite. In het restaurant is plaats voor 300 gasten. Verder heeft het hotel een grote lounge, een gezellige bar met open haard (geopend tot één uur) en zijn er op de tweede etage negen zalen, variërend in grootte van 45 tot 545 m². Burgemeester Hayo Apotheker verrichtte de officiële opening, samen met het echtpaar Jan Matser en Tanja Beljon dat er de scepter zwaait. De feestelijkheden werden afgesloten met een groot vuurwerk.

Advocaten van De Haan in nieuw kippenhok

LEEUWARDEN – Ze zijn er al een poosje aan het werk, de juristen van De Haan Advocaten, in de nieuwe huisvesting aan de Tesselschadestraat, maar een officiële opening moest er nog komen. Nou ja, opening, het was meer een informele ontvangst van relaties. De verhuizing moet voor de oudgedienden een cultuurshock zijn geweest: van de statige villa aan de Sophialaan (sinds 1987 was het kantoor daar gevestigd) naar het transparante, moderne reclamekantoor van voorheen Creative Industries. Wim Sleijfer zei zich als een kat in een vreemd pakhuis te voelen en Pieter Tuinman plaagden we met de opmerking dat clientèle er in de Blokhuispoort-achtige structuur alvast konden wennen aan het cachot. Maar deze mannen verkeren in de herfst van hun carrière en de toekomst ligt in handen van de nieuwe generatie, waarvan Oscar van Oorschot een revelatie vormt. Door spreker Ruud Glas werd hij, hoewel de rust zelve, omschreven als een ‘wervelwind’ in het kantoor dat in 2006 als TuinmanSleijfer samenging met De Haan Advocaten en sinds 2010 onder laatstgenoemde naam opereert. Het zijn trouwens helemaal geen haantjes die de vlag hoog houden, getuige bedachtzame lieden als Wim Veldjesgraaf, Anne Henk van der Wal, Marcel Sturms en Ruud Glas. Door de girlpower van de dames Jeulink, Grijpma, Siesling-Vellinga, Jansen, Bolt en Bos wordt dat overigens aardig gecompenseerd en mag je eigenlijk spreken van een kippenhok. In de juridische sector is het evenmin stil, liet Ruud Glas weten. Hij doelde op de fusie tussen de gerechtshoven van Leeuwarden en Arnhem, de samensmelting van de rechtbanken Leeuwarden, Groningen en Assen tot één arrondissement, de verhuizing van personeel van Leeuwarden naar Groningen, de drempelverhoging bij de kantonrechters waar geschillen tot € 25.000 worden uitgevochten en de opkomst van internet in de advocatuur. Zo is er in de Verenigde Staten al een virtueel kantoor geopend. Eigenlijk ben je dus niet eens meer een gezamenlijk dak nodig.

Thom Mercuur heeft Badpaviljoen Hindeloopen op het oog

HINDELOOPEN – De publicatie in het Fries Journaal nr. 57 over het Badpaviljoen Hindeloopen heeft belangstelling gewekt bij Thom Mercuur. Hij was al langer op zoek naar een geschikte locatie voor zijn uitgeverij Eb en Vloed annex een ruimte voor exposities en niet-commerciële presentaties. Het Badpaviljoen Hindeloopen is een bedreigd stuk erfgoed in onze provincie.

Hij had reeds een ruimte in Lauwersoog in het vizier en daarover voert hij nog overleg met de firma Wagenborg omtrent de mogelijkheden, maar het verpauperde Badpaviljoen laat hem niet los. Toen hij poolshoogte kwam nemen aan de Westerdijk was hij meteen verkocht. Een grondige restauratie is nodig. Maar als de houten trappen en de gaanderijen in ere zijn hersteld en de betonreparaties zijn uitgevoerd (het in 1913 gebouwde paviljoen is een van de vroegste gebouwen die van beton zijn opgetrokken), dan is er voor Thom geen romantischer huisvesting denkbaar. ‘Kijk naar dit zaaltje met zijn houten vloer en het IJsselmeer op de achtergrond. Ik zie het dansen van een tango nu al voor me,’ mijmerde hij.

Werk van Jopie Huisman gezocht voor jubileumexpositie in 2011

WORKUM – Volgend jaar wordt in het Sleeswijckhuys in Workum van 7 april tot 1 november een expositie gehouden van onbekend werk van Jopie Huisman. Dit werk hangt bij particulieren in het hele land. Initiatiefnemers zijn Jacob Huisman (foto links), de jongste zoon van Jopie, en diens neef Joop Huisman. Aanleiding tot de tentoonstelling is het feit dat het Jopie Huisman Museum volgend jaar een kwart eeuw bestaat.

Dat de expositie in het Sleeswijckhuys wordt gehouden is zowel praktisch (het pand staat tegenover het museum aan It Noard) als symbolisch (het museum is daar in 1986 begonnen). Jacob en Joop huren het pand voor een jaar van de vereniging Hendrick de Keyser. Alle verzekeringen en beveiligingen zijn geregeld. Ze hebben op 1 december de sleutel gekregen.

De expositie draagt de naam ‘De andere kant’. Die duidt op de ligging van het pand en op het nog nooit tentoongestelde werk van de vermaarde schilder. Van hem zal een duidelijker beeld worden verkregen. De expositie wordt een van de belangrijkste nationale kunstmanifestaties in 2011.

Inmiddels hebben de twee bijna honderd werken van Jopie Huisman weten te achterhalen en in bruikleen gekregen. ‘Maar onze zoektocht gaat gewoon door. Er is nog meer werk van mijn vader. We verwachten dat we ver boven de honderd uit zullen komen. Bij dezen doen wij een beroep op mensen die in het bezit zijn van een werk van mijn vader om contact met ons op te nemen,’ aldus Jacob.

Het is om meerdere redenen belangrijk dat er een zo compleet mogelijk overzicht komt. Niet alleen voor de expositie, maar ook voor het opmaken van het register. Het oeuvre van Jopie Huisman is nog nooit in zijn geheel in kaart gebracht. Er wordt tevens een expositieboek gemaakt waarin zo veel mogelijk werken worden afgebeeld en waarvan de achtergronden worden opgetekend. Dit boek wordt geredigeerd door Albert van Keimpema.

De organisatoren hopen een samenwerkingsvorm met het museum te kunnen verwezenlijken. Jacob: ‘Dat is in het belang van zowel de expositie als het museum. Je kunt wat betreft kaartverkoop, vrijwilligers en arrangementen synergie creëren.’

Jopie de Verteller

WORKUM – Jopie Huisman (1922-2000) kon niet alleen geweldig schilderen, maar ook fantastische verhalen ophangen. Van de epistels die hij in zijn leven op schrift stelde is een boekje verschenen: ‘Jopie de Verteller’. Hans Wiegel vierde zijn rentree naar Friesland met het in ontvangst nemen van het eerste exemplaar van deze verhalenbundel.

Dat Wiegel dat deed heeft te maken met zijn lidmaatschap van ‘De Visclub’, een gezelschap van elf eminente mensen (o.a. Freek de Jonge, Guus Hiddink, Foppe de Haan, Rients Gratama, Syb van der Ploeg) die als ambassadeur voor het Jopie Huisman Museum optreden en die in hun kielzog elf ondernemers trokken die elk vijfduizend euro op het kleed legden. Zo wast de ene hand de andere. Een ideetje van museumvoorzitter Riemer van der Velde, die ook de stoot gaf aan de oprichting van een ondernemerssociëteit. Sportclub Heerenveen in het klein.

Jopie Huisman en Hans Wiegel hadden een band. Ze herkenden zich in elkaar: beiden flamboyante artiesten die het volk bespeelden. Beiden ook orakels omdat wat ze zegden hout sneed. En een smeuïge anekdote beeldend vertellen ging hen gemakkelijk af. De twee leerden elkaar kennen toen Wiegel in 1982 in Friesland commissaris der koningin werd. Hij was uiteraard aanwezig bij de opening van het museum in het Sleeswijckhuis 1986 en bij de opening van het huidige museum zes jaar later.

Wiegel ving zijn verhaal aan met een anekdote over de tour die hij na zijn benoeming door Friesland maakte en Jopie zou het met een glimlach hebben aangehoord. ‘Op een gegeven moment was Stavoren aan de beurt,’ zo begon Wiegel. ‘Het burgemeestersechtpaar woonde boven het gemeentehuis. Na de lunch wilde ik de secretarie bezoeken. De burgemeester sputterde wat tegen, maar ik stond er op de ambtenaren te ontmoeten. Het waren er drie. Op een geven moment ging de telefoon, we schrokken er een beetje van. Toen nam een dame de hoorn op en zei: ‘Goedemiddag, gemeente Stavoren.’ Iemand vroeg naar de afdeling ruimtelijke ordening. Ze legde de hoorn neer en nam die na een paar tellen weer op: ‘Afdeling ruimtelijke ordening, zegt u het maar’.’

Of dat nu zoveel slechter was dan heden ten dage met minder dan de helft van de gemeenten destijds liet Wiegel wijselijk in het midden.

De opening in 1986 staat Wiegel nog helder voor de geest: ‘Ik werd verzocht samen met Jelle Zijlstra de opening te verrichten. Met zijn drieën hadden we een heel plezierig gesprek. Jopie vond dat er te veel mensen waren en hij wilde zich onttrekken aan de plechtigheden. ‘Kom, we gaan naar mijn huis en dan gaan we daar gezellig doorpraten met vers gerookte paling’. Hij wilde nog voor de opening weggaan! Jopie was heel serieus, of hij deed alsof. Dat kon ook, want hij was een heel aparte.’

Dat geldt ook voor Wiegel. Toen Nijefurd een nieuwe burgemeester moest hebben koos Wiegel naar eigen zeggen voor Jan van der Meer: ‘Omdat hij op Jopie leek.’

Wiegel liet weten dat er ooit een bod was uitgebracht op het werk van Jopie. Door de niet meer bestaande Spaar- en Voorschotbank in Surhuisterveen die werd geleid door Jelle Bekkema, een fervent kunstliefhebber die ook enkele doeken van Jopie in bezit heeft. Hij wilde er vijf miljoen gulden – een kleine 2,3 miljoen euro – voor neertellen. Jopie weigerde.

Schilderen en vertellen gingen bij Jopie hand in hand. Zijn schilderijen vertellen namelijk ook verhalen, maar dan in beeld. Zelden is dat in de geschiedenis zo treffend gedaan als door Jopie Huisman, die door kunstkenner Pierre Jansen werd geduid als ‘de Rembrandt van de twintigste eeuw’.

Zoon Pepy Huisman, tevens bestuurslid van het museum, haalde aan dat zijn vader de verhalen wist aan te dikken: ‘Om ze nog meer tot de verbeelding te laten spreken. Hij schilderde de verhalen in woord en gebaar.’

Jopie mocht graag schrijven en veel van de sprekende en historische gebeurtenissen zijn opgetekend en voor het nageslacht bewaard gebleven. Schoondochter Joyce Huisman, vrouw van Pepy, heeft het boekje samengesteld en laten redigeren door Aure Straatman.

Friese artiesten zingen Bob Dylan

LEEUWARDEN – Als je een muzikaal eerbetoon brengt aan een groot artiest als Bob Dylan is dat geen sinecure. Mans erfgoed is welhaast heilig en het getuigt van eigenzinnigheid en moed om daarmee aan de slag te gaan. Elf Friese artiesten durfden het avontuur echter wel aan. Mede geïnspireerd door het succes van een eerder en vergelijkbaar project – ‘Cohen in het Fries’ (2008) – zetten de artiesten hun tanden in de liedjes. Resultaat: twaalf Friestalige en volledig naar eigen inzicht bewerkte nummers.

Het project vond plaats onder de muzikale leiding van Jan Tekstra (foto links). Tekstra werkte o.a. eerder samen met Marco Borsato en ontving recent een prestigieuze John Kraaijkamp Musical Award voor zijn belangrijke bijdrage aan de musical ‘Dromen zijn bedrog’. Alle nummers zijn live op locatie opgenomen. Eerlijk en ongepolijst, net als Bob Dylan. Voor de geluidsopname tekende Harry Zwerver en de regie deed Bart van Sinderen.

Jan Tekstra benaderde een divers aantal Friese artiesten voor ‘Dylan in het Fries’. De reacties van de  artiesten waren eensluidend: uitdagend, maar tegelijkertijd ook niet eenvoudig om een eigen en Friestalige wending te brengen. De creatieve uitdaging won het echter van het voorbehoud.

De vertalingen en overzettingen zijn grotendeels gedaan door schrijfster/journaliste Baukje Wytsma en dichter Harmen Wind († 1-10-2010).

Sieraden van Watze van der Wal: kleine kunstobjecten die je kunt dragen

JOURE – Een boerenzoon die koos voor het vak van goudsmid en sieradenontwerper mag gerust een verrassende combinatie worden genoemd. Opgegroeid in Yndyk bij Woudsend wist Watze van der Wal al snel dat het boerenwerk niet aan hem was besteed. De directeur van de LTS ontdekte het creatieve en technische talent van Watze. Dat bracht hem naar de Vakschool in Schoonhoven. Watze van der Wal heeft sinds vier jaar zijn eigen atelier en winkel in Joure.

[banner]

Juist de combinatie van creativiteit en techniek deed Watze besluiten goudsmid en ontwerper te worden: ‘Ik heb nog even overwogen om instrumentenmaker te worden, maar dan maak je wat er op de tekentafel ligt en kun je niet zelf ontwerpen. In het vak van edelsmid kan ik alles kwijt. Je moet elk sieraad precies berekenen waarbij vakken als wiskunde, natuurkunde en scheikunde aan bod komen. En het geeft bijzonder veel voldoening als een idee resulteert in een fraai sieraad.’

Veel sieraden worden gegoten, maar Watze smeedt alles zelf. Het begint met een octogoon, een klein goudstaafje, dat als basis dient voor vele typen sieraden. ‘Ik sla en smeed het in de juiste vorm en het is heel belangrijk dat de vorm goed is, want daarna treedt verlies van materiaal op door vijlen, schuren en polijsten,’ aldus Watze.

De basis van zijn vakmanschap werd gelegd bij het gerenommeerde atelier van Alexander van der Hoven in Arnhem. Watze wist daar een stageplek te bemachtigen: ‘Daar heb ik alles geleerd door de zeer kritische blik van de meester. Als er ook maar iets heel kleins mankeerde aan een sieraad belandde het rechtstreeks in de schrootbak. Daar was geen discussie mogelijk. Ik ben daardoor heel kritisch geworden waar ik nu profijt van heb. Het perfectionisme is erin gedrild.’

Gevolg is dat de sieraden van Watze van een zeer grote kwaliteit, uitzonderlijke perfectie en exclusiviteit getuigen. Elk sieraad met veel zorg en liefde gemaakt.

Sublieme afwerking Sinds de opening van zijn eigen atelier en winkel in Joure heeft Watze hard gewerkt aan zijn eigen collectie die fraai tentoongesteld is in de winkel en waar je de smid aan het werk ziet. De sieraden worden gekenmerkt door de sublieme afwerking met oog voor detail en veelvuldig gebruik van edelstenen, diamanten en parels. ‘Imitatiestenen worden door mij niet gebruikt. Ik heb een voorliefde voor stenen met een bijzondere slijpvorm en die laat ik in opdracht ook maken,’ legt hij uit.

Zijn sieraden er alleen voor de happy few? ‘Nee hoor, ik heb sieraden in alle prijsklassen. Om het aanbod wat te vergroten maak ik ook regelmatig zilveren sieraden. En ik werk heel veel in opdracht. Dan maak ik in overleg met de klant een schets, maar het uiteindelijke stuk is altijd een verrassing. Vooral trouwringen worden in opdracht gemaakt.’

De clientèle van Watze is afkomstig uit heel Nederland en reikt zelfs tot over de landsgrenzen heen. De klanten vallen niet te typeren. ‘Dat is heel verschillend. In de zomer heb ik wel eens een toerist in de winkel gehad die binnen tien minuten een dure ring kocht. Maar daar tegenover staan ook klanten die sparen voor een sieraad en dan regelmatig even komen kijken tot ze het bedrag bij elkaar hebben. Dat vind ik heel bijzonder.’

Lense Koopmans voorzitter Commissie van Wijzen

LEEUWARDEN – De commissie die de provincie zal adviseren over samenwerkende of herindelende gemeenten heeft Lense Koopmans als voorzitter. De commissie wordt naast Koopmans, woonachtig in Sondel en voorzitter van de Raad van Commissarissen van Rabobank Nederland, gevormd door voormalig PvdA-Kamerlid Dick de Cloe en Michel Marijnen (oud-burgemeester Skarsterlân en Roosendaal).

De commissie van wijzen is op voordracht van gedeputeerde Sjoerd Galema door het college van GS benoemd. De opdracht voor de commissie is om een advies op te stellen over de provinciale visie op de bestuurlijke inrichting van Friesland. Dat advies moet op 9 maart 2011, na de provinciale verkiezingen klaar zijn, zodat een nieuw college ermee aan de slag kan.

Momenteel voertt Gedeputeerde Staten met alle Friese gemeenten gesprekken over hun bestuurlijke toekomst. Welke kansen en dilemma’s zien zij de komende jaren op hun af komen en hoe willen ze daar op reageren: door meer samen te werken, zelfstandig te blijven of door te fuseren? De provincie geeft zo invulling aan de motie van Tweede Kamerlid Pierre Heijnen, die bij de behandeling van het fusievoorstel Súdwest-Fryslân is aangenomen, en de visie van Provinciale Staten op provinciale regie.

De commissie van wijzen voert met procesarchitect Fred Schriever zelf overleg met gemeenten. Het advies moet de basis zijn om de gemeentelijke bestuurskracht in Friesland in één keer goed te regelen, met als kristallisatiepunt 1 januari 2014.

Sjoerd Galema houdt de blik vooruit

LEEUWARDEN/HARTWERD – Lococommissaris Sjoerd Galema haalt alles uit de kast om richting te geven aan het provinciaal beleid, maar hij kan geen ijzer met handen breken, zoals in de herindelingspolitiek. Vooraf werd bepaald dat het allemaal ‘van onderop’ moest gebeuren, en dus niet ‘van bovenaf’, waarbij je vraagtekens kunt zetten. De bevlogen bestuurder en vergaderboer geeft zijn bespiegelingen. Van hem mag er wel wat meer uitgaan van lokale bestuurders.

Sjoerd Galema (CDA) zit nog even na te genieten van de gemakkelijke overwinning die Heerenveen op Willem II boekte (5-0) als het gesprek weer over ‘zijn’ Friesland gaat. Net als in de voetballerij gaat het er daar soms ook hectisch aan toe.

Neem de herindeling. Er zijn regio’s waar het op een stoelendans lijkt. De nieuwe Friese landkaart was niet op het Provinsjehûs te tekenen.

‘De rol van de provincie is complex,’ verzucht hij. ‘Wij kunnen adviseren, bemiddelen, kennis verschaffen en partijen bij elkaar brengen, maar alleen als de gemeenten het willen, erom vragen.’

Het stoort hem dat er met Heerenveen wordt gesold. ‘Het gaat hier om een Fries belang. Heerenveen is een belangrijke plaats die een nog sterkere, bovenregionale centrumfunctie moet krijgen. Daarvoor heeft het bestuurlijke massa nodig. Met alleen 20.000 inwoners er bij ben je er niet.’

Hij is voorstander van een nieuw Thialf op de locatie bij het Abe Lenstrastadion. Dat hoort volgens hem bij de ambitie van Heerenveen, dat het schaatsmekka van de wereld moet blijven. Die positie wordt serieus bedreigd, vindt Sjoerd Galema.

‘Tot 2012 is de A-status verzekerd, daarna niet meer als er niks gebeurt. Thialf raakt qua tijden en duurzaamheid steeds meer achterop. Overal ter wereld, van Nagasaki tot Vancouver, zijn nieuwe schaatstempels verrezen en dat gaat voorlopig nog door. In het buitenland investeert men er lustig op los en dan zouden wij als schaatsland niets doen? Onbestaanbaar. Bovendien moeten we als Friesland op onze hoede zijn en de A-status niet verliezen aan een andere plaats in ons land. Iedereen is superjaloers op onze A-status, geloof me. Het ijzer is nu heet want Nederland heeft Olympische ambities en het NOC*NSF wil daarom veel meer medailles. Er is maar één sport waarin we flink kunnen oogsten en dat is het schaatsen. Nu moet het ijzer dus worden gesmeed.’

Een tweede baan, dus eentje voor de recreatieschaatsers en eentje voor de wedstrijdschaatsers, is geen must, maar wel een pre: ‘Wil je uitgroeien tot een belangrijk trainingscentrum dan is een tweede baan onontbeerlijk. De toppers kunnen dan altijd over ijs beschikken, zoals ze in het buitenland ook kunnen.’

Een tweede baan kost € 20 miljoen extra en brengt de totaalinvestering op € 120 miljoen. Geld lijkt niet het grootste probleem te zijn. Er zijn fondsen. Nu al ligt er zo’n € 70 miljoen voor een nieuw Thialf klaar. Dat te gebruiken is raadzaam: ‘Anders wordt het buiten de provincie besteed.’

Het oude Thialf renoveren is naar de mening van Galema ontoereikend om de ambities waar te maken. Nieuwbouw op de huidige locatie zou een optie kunnen zijn, maar dan mis je volgens hem exploitatievoordelen die je als buur van het voetbalstadion wel hebt. ‘Onder de koepel van Sportstad Heerenveen creëer je op tal van fronten – energie, stadionbeheer, administratie, ticketing, parkeren, sportvoorzieningen, medische voorzieningen – synergie tussen sc Heerenveen en Thialf,’ aldus Galema, die Sportstad pas echt de spin-off ziet genereren als Thialf erbij komt.

In het vroege voorjaar van 2011 zal de beslissing vallen over de toekomst van Thialf. De dialoog tussen de provincie met de 31 gemeenten is er, op alle terreinen.

Maar: ‘Ik mis dikwijls de visie en ook de ambitie in de gemeenten. Dienstverlening bieden is meer dan paspoorten en vuilnis regelen. Soms schrik ik van de weinige respons die wij krijgen op de balletjes die door ons worden opgegooid omdat er potjes zijn. Men stelt zich niet proactief op. Wat wil je, welke doelstellingen zijn er, hoe richten we de openbare ruimte in, in welke infrastructuur moet worden geïnvesteerd? Vaak blijven antwoorden uit, laat staan dat er initiatieven worden ontplooid. En als er een stevige mening is, dan wordt die regelmatig gevoed door sentiment zonder dat er sterke argumenten aan ten grondslag liggen.’

Het provinciaal bestuur trekt soms aan paarden die misschien niet dood zijn, maar wel op apegapen liggen. En dat blijft zwaar trekken. De publieke opinie wil nog wel eens zurig zijn.

Een boer als Galema zit echter niet snel bij de pakken neer. Hij ziet de vruchten van het doorzetten: de Centrale As, de Haak om Leeuwarden, de rondweg om Sneek, de situatie rond Harlingen, het Friese merenproject, het sociaaleconomisch masterplan Noordoost-Friesland. Allemaal zaken die niet vanzelf zijn gegaan maar wel van de grond zijn gekomen, of nog worden uitgevoerd. Mede dankzij de deal die het noorden met ex-minister Eurlings van Verkeer en Waterstaat sloot: € 2,1 miljard compensatiegeld voor het niet doorgaan van de Zuiderzeelijn. ‘Het mooiste succes sinds ik gedeputeerde ben,’ aldus Galema.

Friesland vaart wel bij de nieuwe infrastructuur, boten en auto’s die elkaar niet in de weg zitten. Bovendien zijn het niet alleen verbeteringen in infrastructuur, maar zijn de investeringen esthetisch heel verantwoord.

Galema: ‘Zo kunnen we al werkende Friesland verfraaien. Neem de rondweg om Sneek, de mooiste van ons land. Dat is niet alleen het reconstrueren van een weg, maar mag een integraal gebiedsproject worden genoemd.’ Hij houdt altijd rekening met het karakter van Friesland en met de landschappelijke waarden.

Zo irriteert het hem dat niet alle boeren hun koeien laten weiden. Bij hem zul je overdag altijd de koeien in de wei zien: ‘Omdat het bij Friesland hoort.’

Fries waterproject succesvol in Mozambique

LEEUWARDEN – In Mozambique werken Friese partijen samen met Mozambikaanse gemeenten aan veilig drinkwater en sanitaire voorzieningen. Dit gebeurt met het Friese project ‘Schoon water voor Mozambique.’ Zo worden er bijvoorbeeld toiletgebouwen gebouwd op scholen. De eerste gebouwen staan er al en worden goed gebruikt.

Gedeputeerde Tineke Schokker bekeek de resultaten ter plekke. In Mozambique bezocht zij van 29 november tot en met 3 december een conferentie. Ze ging langs bij het projectkantoor in Xai Xai en bekeek diverse scholen waar toiletten gebouwd zijn. Namens de Friese partijen provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân, Vitens en de Friese gemeenten tekende zij een overeenkomst met vier gemeenten in Mozambique en het Mozambikaanse ministerie van Openbare Werken. Het project ontvangt een financiële bijdrage van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

De gedeputeerde zag dat het Friese project zijn vruchten afwerpt: ‘Goed om ter plekke te horen en te zien dat het project echt resultaten geeft. Met dit project helpen wij de gemeenten in Mozambique op het gebied van riolering, afval en samenwerking met de bevolking. Zo kunnen ze een organisatie opbouwen die ook na afloop van het project de werkzaamheden voortzet en uitbreidt. Het project maakt ons millenniumdoel ‘veilig drinkwater en sanitatie’ bereikbaar.’

In Mozambique poepen en plassen de schoolkinderen vaak nog op een hoek van het schoolplein. Handen wassen is door gebrek aan schoon water bijna onmogelijk. Hierdoor worden veel kinderen ziek. Het grondwater wordt vervuild, maar wel gebruikt als drinkwater.

Provinciale wegen krijgen led-verlichting

LEEUWARDEN – Vanaf 2011 wordt er gestart om provinciale wegen te voorzien van led-verlichting. Ook wordt gekeken of provinciale wegen wel verlichting nodig hebben en of er alternatieven zijn. De provincie wil zo de CO2 uitstoot terugdringen. De komende jaren wordt er € 2.5 miljoen geïnvesteerd in Led-verlichting. Door de led-verlichting verwacht de provincie jaarlijks rond de € 50.000 aan energiekosten te besparen. In 2011 bespreken Provinciale Staten het beleid voor openbare verlichting.

‘We willen duurzaam met onze schepping omgaan. Led-verlichting gaat twee à drie keer langer mee dan de huidige verlichting en verbruikt ook veel minder energie,’ zegt gedeputeerde Piet Adema. De stroom die de provincie verbruikt voor openbare verlichting wordt al duurzaam ingekocht. Nu wil de provincie verder gaan en de verlichting alleen maar aandoen wanneer dat noodzakelijk of wenselijk is. Ook wordt gekeken naar alternatieven zoals wegmarkering die zelf licht geeft. De provincie is bij de N355 Leeuwarden en N361 tot aan de Trynwâlden een aantal jaren geleden al gestart met dimbare verlichting.

Piet Adema: ‘Als provincie willen we ook ondernemers langs provinciale wegen vragen om de reclame tussen elf uur ’s avonds en zes uur ’s ochtends uit te doen.’

Partnership Caparis en sc Heerenveen

HEERENVEEN – Sportclub Heerenveen en Caparis gaan samen aan de slag. De club neemt diensten af van Caparis Schoonmaakservice en Caparis Business Post. De samenwerking levert Caparis een hoop werk op dat prachtig aansluit bij de medewerkers van de sociale werkvoorziening (SW). sc Heerenveen kiest voor kwaliteit en vindt maatschappelijke verantwoordelijkheid bovendien belangrijk. De samenwerking levert dus een win/winsituatie op.

Caparis Schoonmaakservice is per 1 november van start gegaan met de schoonmaak van o.a. de zakenloges, kantoren, restaurants, trainingslocatie en het spelershome. Caparis Business Post gaat per 1 november alle posthandelingen voor sc Heerenveen verzorgen.

Caparis Schoonmaakservice richt een joint venture op waarin Caparis en een partner hun krachten zullen bundelen. De beoogde partner is onderdeel van een internationale service organisatie, die o.a. actief is op terreinen van zorgdienstverlening, facilitaire dienstverlening en personeelsdiensten. Het bedrijf werkt al geruime tijd samen met andere SW-bedrijven in de schoonmaakbranche. Caparis Business Post werkt behalve voor sc Heerenveen ook voor diverse gemeenten die aandeelhouder zijn van de Caparis NV. Business Post verzorgt met name voor bedrijven, overheids- en semi-overheidsinstellingen de postzaken en doet dat volgens de algemeen geldende richtlijnen. De formule van Business Post is in handen van een groep SW-bedrijven in Nederland.

Friese Merenproject sluit eerste tien jaar positief af

LEEUWARDEN – Het Friese watersporttoerisme kreeg er de afgelopen tien jaar 884 banen bij, vooral bij de jachtwerven. In totaal telt de watersportsector 4563 banen, een vijfde van alle Friese toeristische banen. Het aantal watersportbedrijven groeide sinds 2000 met 437 tot 1365. Er zijn 12 nieuwe jachthavens bijgekomen of verbeterd. Fryslân telt nu 219 havens en 33.000 ligplaatsen. Nationaal gezien is Fryslân veruit marktleider in het watertoerisme, Europees gezien nummer 5. Dat staat in de evaluatie van 10 jaar provinciaal Friese Merenproject.

Gedeputeerde Jannewietske de Vries: ‘Samen meerdere jaren blijven werken aan betere kwaliteit loont. De Friese watersport scoort op vele fronten landelijk bovengemiddeld. Dat past bij ‘Frysk’ gastheerschap. Investeren in kwaliteit was nodig, is nodig en blijft nodig. In economisch mindere tijden houd je zeker de basis, onze vaarwegen, de brug- en sluisbediening en de havens op kwaliteit. Ook verbeter je waar dat moet, zoals de toegangssluis van Stavoren. De promotie naar doelgroepen maak je sterker en gerichter. Niet investeren betekent onherroepelijk achteruitgang.’

De vijf Friese aquaducten zijn inmiddels nationale boegbeelden van veilig en ongehinderd varen. De unieke houten bruggen bij Sneek kregen internationale bekendheid.

Fryslân is de meest populaire watersportbestemming onder Nederlandse en Duitse watersporters. Watertoeristen waarderen de vrijheid op het water, het gevarieerde Friese aanbod van groot en klein vaarwater, de sfeervolle dorpen en steden. Vooral de vele nieuwe en betere aanlegplekken van samenwerkingsverband De Marrekrite in Friese natuurgebieden zijn in trek.

De meeste buitenlandse toeristen komen uit Duitsland. Duitse watersporters hielden circa 50.000 bootvakanties in Fryslân. Zij besteedden in Fryslân € 26 miljoen, dat is 38% van het totaal (€ 68 miljoen) in Nederland. Nederlandse watersporters hielden 186.000 bootvakanties in Fryslân. Zij besteedden € 38 miljoen, 30% van het landelijk totaal in het watersporttoerisme. In recessietijd ligt de dagbesteding aan de wal op zo’n € 41 per persoon per dag.

Europa, rijk, de provincie Fryslân en 25 gemeenten, brancheorganisaties en ondernemers investeerden in tien jaar € 235 miljoen in Het Friese Merenproject. De provincie droeg € 21 miljoen bij aan projecten van andere partijen en € 89 miljoen aan het totaal van het uitgevoerde programma. Er is dus sprake geweest van een sterk financieel aanjaageffect.

‘De specialisten zijn niet te vertrouwen’

LONDEN – In The City, het financiële hart van Londen, maakt een ‘Fries om útens’ naam en faam als beleggingsgoeroe: Lex van Dam (42). Hij leert de gewone man beleggen. Lex heeft niks op met de specialisten: ‘In de ideale wereld zou je de experts vertrouwen. Maar  ze hebben het heel slecht gedaan. Ze zijn dus niet meer te vertrouwen. Mensen moeten nu zelf de verantwoordelijkheid nemen.’

Miljonair Lex van Dam werkt al 20 jaar in de belangrijkste bankstad ter wereld. Hij begon zijn carrière als handelaar bij Goldman Sachs. Daarna trad hij in dienst bij het hedgefonds GLG. Sinds 2006 heeft hij met partners zijn eigen hedgefonds: Hampstead Capital. Mensen leren beleggen is nu zijn drive. Vorig jaar baarde hij opzien met het door hem bedachte televisieprogramma Million Dollar Traders dat bij de BBC was te zien. Deze maand startte hij zijn online academie om mensen te leren beleggen en handelen.

Waarom hij deze activiteiten begon? Lex: ‘Mensen hebben hun geld aan tussenpersonen gegeven om daar mee te beleggen. Die experts rijden in grote auto’s en hebben een heerlijk leven, terwijl de mensen zelf bang moeten zijn voor hun pensioen. Dat is de wereld op zijn kop.’

Lex, die economie heeft gestudeerd in Groningen, trekt de deskundigheid van de specialisten in twijfel: ‘Als je advies vraagt aan een bankier is het niet duidelijk of hij het wel weet. Misschien heeft hij geschiedenis gestudeerd of rechten en is hij aangenomen omdat hij zo leuk met klanten om kan gaan.’

In Londen is het not done om zo te praten, hoewel velen het met Lex eens zijn. ‘Het is als professionele golfers en tennissers. Die gaan de toeschouwers ook niet vragen waarom ze zo veel geld neertellen om ze een partijtje te zien spelen.’

Met het tv-programma wilde hij laten zien hoe het er werkelijk aan toe gaat: het grote geld verdienen, de psyche, de stress. Beleggen is in zijn woorden geen rocket science. Lex trainde twee weken lang een soldaat, een student en een huisvrouw. Daarna liet hij ze acht weken handelen met € 1 miljoen. Geld uit eigen zak! Voor Lex peanuts: ‘Als je twintig jaar in Londen hebt gewerkt en nog geen miljoen verdiend, dan heb je heel veel verkeerd gedaan.’ De nieuwbakken beleggers deden het beter dan de professionele handelaren. Ze verloren weliswaar 2%, maar de professionals gingen 4% in de min.

Dit smaakte naar meer. Hij ging naast zijn drukke baan een boek schrijven en zette een online academie op. Lex ziet het als een hobby: ‘Ik wil gewone mensen die niet op de universiteit hebben gezeten laten zien hoe het werkt. Het spel leren spelen.’ Voor slechts € 249, want Lex hoeft er niet van te bestaan.

Men krijgt via een vijfstappenplan de basisbeginsels onder de knie, ze moeten in een bepaald idee geloven, de winstgevendheid van de betreffende onderneming onderzoeken en nagaan of de leiding deugt.

Gouden bergen belooft hij niet, dat doen de specialisten wel. Lex: ‘Mijn missie is aan te tonen hoe het financiële systeem werkt en hoe je er mee om moet gaan.’

‘Ik brainstorm graag over hoe het moet’

LEEUWARDEN – Dirk Hoekstra (66) is niet zomaar een makelaar.  Hij is een man die voorop loopt. Eentje die idee heeft hoe de ruimtelijke ordening moet worden vormgegeven, hoe en waar gebouwd moet worden: ‘Ik weet wat mooi is, en wat verkoopt.’ Daardoor wordt hij vaak al in het voortraject van ontwikkelingen betrokken en daardoor sleept hij moeiteloos grote verkoopopdrachten in de wacht. Hij wil meedenken en meedoen. ‘Als ik alleen huizen zou moeten verkopen, dan was ik al gestopt. Want dat stompt af,’ zegt hij veelbetekenend.

De grootste makelaar van Friesland is ook letterlijk de grootste. Dat machtige lijf, het ronde hoofd, de grote mond die op een gegeven moment wordt getuit om een sigaar van kaliber te klemmen. Maar vergis je niet. Het lichaam is fitter dan het oogt. Dirk zorgt voor onderhoud: twee keer per week op de tennisbaan, elke ochtend thuis op de loopband en daarna zwemmen in het privébad van zijn woonboerderij in Goutum. Pas dan vertrekt hij richting Willemskade waar het hoofdkantoor is gevestigd in het voormalige Landbouwhuis. Niet al te vroeg. Zo rond de klok van half tien arriveert hij. Die luxe moet een AOW’er zich kunnen permitteren, vindt hij. Maar aan stoppen denkt hij totaal niet.

Zoals de dag met rituelen begint – training, ontbijt, krantje, een kus van zijn Patricia – zo wordt het werken ook volgens een vast patroon afgesloten: met een bezoek aan het café. Vroeger de Pub van het Oranje Hotel en nu meestal Intermezzo. Maar dat wordt een wokrestaurant en dus zal het straks Wouters zijn. Zaterdags zit hij regelmatig aan de toog in het Oranje Bierhuis waarvan hij mede-eigenaar is. Altijd onder de gewone mensen want Dirk is een man van het volk.

In zijn kantoor, dat via een schuifdeur verbonden is aan de werkplek van zijn maat, collega en broeders hoeder Klaas Buwalda (die werkt aan een versleten tafelblad van zijn bureau), hangt kunst. Mooie schilderijen. Van Friese schilders, want een liefhebber beperkt zich. Er is werk van o.a. Andries van der Sloot, Piet van der Hem en Simon Kamminga.

En ook in de kunst blijft het bij Dirk om mensen gaan: ‘Neem Andries van der Sloot. Hem bracht ik als jongen de krant, Het Parool. Dan krijgt zijn werk voor mij nog meer betekenis. Piet van der Hem, van hem ben ik een absolute fan, had in Parijs verkering met Mata Hari. Kijk, dan gaat de verbeelding bij mij spreken: twee jonge Friezen op het amoureuze pad in zo’n mondaine stad. Daardoor wordt zijn werk voor mij waardevoller.’

De brug tussen deze kunst – veel stadsgezichten en landschappen – en Dirk’s werk is snel geslagen. Het gaat om de omgeving, de wereld waarin wij leven. Dirk: ‘Onroerend goed is daarom zo mooi, omdat alles onroerend goed is; elke meter grond, elk gebouw, elk water. Ik mag graag brainstormen over de toekomst, zit vaak in informele denktanks. Zakendoen is nodig om het bedrijf te runnen maar dat is voor mij niet voldoende. Neem het pand aan het Zuidvliet van wijlen Ype Bolman. Jaren was er geen bestemming voor en dan zoek ik partijen om het gezamenlijk te ontwikkelen en er iets moois van te maken. Je moet wel historisch besef hebben wil je daarin slagen. Ik dring er altijd op aan extra te investeren in de aanblik. Voor een beetje meer geld kun je een gevel mooi maken, of zelfs beeldbepalend. De meeropbrengst valt dan altijd hoger uit dan de meerkosten. Begin net als een schilder met een soort houtskoolschetsje om je ideeën te ontwikkelen, adviseer ik dan.’

Dat is volgens hem de reden waarom ontwikkelaars van buiten de provincie dikwijls nat gaan als ze in Friesland aan de slag zijn: ‘Die kennen de markt hier niet. Het ontbeert hen ook aan historische kennis. Ik zou willen dat we in onze provincie wat meer vertrouwen op regionale partijen.’

Momenteel spelen westers ontwikkelaars hier geen rol. Dankzij de slechte markt, die door Dirk ook als positief wordt beschouwd: ‘In een slechte markt krijg je betere producten. In een goede markt is iedereen bezig, wordt alles toch wel verkocht en gaat het puur om winst. Dan krijg je ramsj. In een slechte markt is men voorzichtiger, wordt er meer nagedacht en is men gericht op kwaliteit.’

De malaise gaat niet aan Makelaardij Hoekstra voorbij, maar er worden altijd nog zwarte cijfers geschreven: ‘We hebben geen geld verloren, geen mensen hoeven te ontslaan. Integendeel. We hebben ons kantorennetwerk van Leeuwarden, Heerenveen, Sneek en Drachten zelfs nog uitgebreid met vestigingen in Joure en Harlingen. Van daaruit gaan we allianties aan met andere marktpartijen. We werken veel en goed samen met woningcorporaties. Voor Elkien en Accolade zijn we de exclusieve verkoper bij het uitponden van woningen. Een andere reden waarom wij goed zijn blijven draaien is onze beheerpoot. Wij zijn dankzij Klaas de grootste vastgoedbeheerder van het noorden. Die activiteiten blijven gewoon op peil.

Ambities om buiten Friesland te opereren heeft Dirk niet: ‘Waarom zouden we? De Friese markt is voor ons groot genoeg en Friesland biedt alles; zee, strand, eilanden, meren, bossen, wouden. We weten niet eens hoe rijk we zijn! Neem de steden. Leeuwarden is een prachtige stad waar vijfhonderd monumenten staan. Je ziet pas echt hoe mooi deze stad is als je door de grachten vaart. Dat zou men meer moeten doen, varen door Leeuwarden. Op stand wonen is hier bovendien betaalbaar. Voor een zachte prijs koop je er een grachtenpand.’

De provincie wordt bedreigd door krimp. De Rabobank heeft geopperd om in dorpen waar leegstand de overhand krijgt verpauperde woningen te slopen. Een idee waar Dirk achter staat: ‘Sint Annaparochie is een idyllisch dorp wat wordt ontsierd door leegstaande woningen. Als die slecht onderhouden zijn en er is geen markt voor, dan moet je ze platgooien. Net als de tandarts doet moet je de rotte kiezen eruit halen. Zorg voor regelingen en fondsen. Laat de overheden anders die woningen kopen, opknappen en verhuren. Voor goedkope woningen is altijd een markt omdat ze door de huursubsidie heel betaalbaar zijn. Dat is voor gemeenten en corporaties een heel aantrekkelijke investering; een huis van tachtig mille kopen, voor twintig opknappen en verhuren voor vijfhonderd euro per maand. Dat geeft een uitstekend rendement van vijf procent.’

Dat de leegstand toeneemt komt volgens Dirk doordat er de laatste jaren te veel is gebouwd en dat er te weinig rekening wordt gehouden met de demografische ontwikkeling. Veel dorpen in de periferie zien hun inwonertal afnemen. Vinex-wijken zullen niet meer worden gebouwd, voorspelt Dirk. De nieuwbouwwijk De Zuidlanden onder Leeuwarden is een van de laatste projecten en zal geheel worden bebouwd, zij het in een veel trager tempo. Blitsaerd zal daarentegen niet opschieten omdat deze nieuwbouwwijk concurrentie van De Zuidlanden ondervindt. Logisch, volgens Dirk, omdat mensen liever wonen aan de warme zuidkant van een stad dan aan de kille noordkant. Een planologische misser dus.

Zorgen maakt Dirk zich over het beleid ten aanzien van bedrijvenparken: ‘Daarin heeft Friesland veel fouten gemaakt. Elk dorp moest zijn eigen industrieterreintje. Dat is het minste van beide; het dorp wordt er lelijker door met die witte puisten en minder leefbaar, en het is zonde voor de steden die bedrijven nodig hebben omdat ze investeren in faciliteiten. Neem Grou. Die plaats zuigt bedrijven uit Leeuwarden weg terwijl Grou zich juist zou moeten richten op recreatie en watersport. Nu moeten mensen uit Leeuwarden komen om in Grou te werken. De omgekeerde wereld. De provincie had moeten sturen in de zinloze competitie tussen gemeenten om bedrijven binnen te halen. Heerenveen heeft de grond gratis weggegeven en is er niks mee opgeschoten, als je nu de herindelingsperikelen ziet. Skarsterlân wil niet met Heerenveen, lijkt nergens op. Weer een gebrek aan sturing door de provincie.’

Stad en dorp kunnen prima samen, vindt hij. ‘Een grote plaats funest voor dorpen? Laat me niet lachen. Kijk naar Wytgaard en Wirdum, die hebben het prima met Leeuwarden. Er wordt goed naar hun geluisterd, ze zijn hartstikke tevreden. Een stad kan een prima dorpenbeleid voeren. Warga wil dolgraag bij Leeuwarden. In de schaduw van Grou heeft dat dorp het veel zwaarder. Het fietspad tussen Warga, Wartena en Grou kan niet eens worden aangelegd. Een schande. Schoolgaande kinderen worden aan hun lot overgelaten. Kijk naar Goutum, dat dorp krijgt alles wat het wil hebben.

Och, het kan allemaal zoveel meer doordacht. Dirk pakt een stadskaart en tekent een alternatief voor de staande mastroute die nu vanuit Dokkum helemaal om en door Leeuwarden heen voert, wat tot openstaande bruggen en veel verkeersoverlast leidt. Een oostelijke route door het Ouddeel was voor de bootjesvaarders bovendien veel aantrekkelijker geweest in de verbinding tussen het noorden en het zuiden.

Zijn geest blijft jong. Niet alleen door de zaak, maar ook door zijn privéleven. Bij zijn eerste vrouw heeft Dirk twee kinderen en bij Patricia ook twee, een dochter van 23 en een jongen van 14. ‘Het is een genot als hij thuiskomt. Ik geniet van het leven, dat je door de klauwen heen vliegt. Mijn werk is mijn sociale leven. Relaties worden vrienden. Door mijn kinderen en mijn medewerkers blijf ik jong. Jeanette, mijn oudste dochter, werkt al jaren in de zaak en in 2011 neemt ze de laatste aandelen van Klaas over. De continuïteit is gewaarborgd. Ik ben een gelukkig mens. Je zal maar ziek zijn, dan ben je de pineut.’

Hoogste punt Provinsjehûs

LEEUWARDEN – De bouwers van het Provinsjehûs aan de Tweebaksmarkt hebben het hoogste punt van het nieuwe gebouw bereikt. Ze plaatsen het eerste torentje op het dak van de hoogbouw. Die meet nu 45 meter. Een groot deel van de a is al klaar. Daar zijn de steigers inmiddels weggehaald. Alleen voor het hoogbouwdeel staan nog steigers. In het gebouw vorderen de werkzaamheden in hoog tempo. De warmtebron die aardwarmte gebruikt voor de verwarming van het gebouw, werkt sinds week 50. Daardoor kan de aannemer een deel van het gebouw langs de Oosterstraat en de Heerestraat al verwarmen. De bouw ligt op schema zodat de medewerkers van de provincie eind 2011 terug kunnen verhuizen van de Snekertrekweg naar de Tweebaksmarkt.

Wende Thuis op Terschelling

TERSCHELLING – In het Westend Theater op West-Terschelling vond 8 december de première plaats van ‘Thuis op Terschelling The Movie’ met in de hoofdrol de muze van Terschelling, zangeres Wende Snijders. Het verfilmen van de promotiecampagne is een initiatief van de Stichting Marketing en Promotie Terschelling (SMTP). Dit past in de ambitie om het eiland op onconventionele wijze te promoten. Uit de opnames die zijn gemaakt in juli door Oscar en Tineke Seykens en creatieve geest Rob Severein is een prachtig product tot stand gekomen in een 60-, 30- en 20-seconden versie, waarbij de 20-seconden versie in de vorm van een Movie-Graphics (stilstaande beelden) is uitgevoerd. De promotiefilm wordt in december en van 10 maart tot 6 april als Movie-Graphics vertoond in 49 geselecteerde bioscopen.

Afsluitdijk wordt vernieuwd

KORNWERDERZAND – De Afsluitdijk gaat op de schop. Een consortium van ingenieursbureaus heeft een totaalplan ontwikkeld dat wordt geregisseerd door een adviescommissie onder leiding van Ed Nijpels.

Het plan voorziet mogelijk in naviducten (aquaducten met sluizen, mochten de huidige schutsluizen te slecht zijn om te renoveren), een centrale die energie opwekt uit de vermenging van zout en zoet water (Blue energy), een 20 km lang scherm van zonnepanelen, een vispassage, recreatie met zicht over het IJsselmeer en het Wad, natuurgebieden,  een bezoekerscentrum waar toepassingen van duurzame energie worden getoond en een gebogen betonnen stormschild.

Als waterkering voldoet de in 1932 aangelegde dijk namelijk niet meer aan de eisen. Berekend is dat de dijk een superstorm die eens in de 10.000 jaar voor komt niet kan weerstaan. Dat zou betekenen dat de IJsselmeerkust op veel plaatsen zal overstromen. Nijpels noemt de conditie van de in principe vier jaar geleden al afgekeurde Afsluitdijk ‘zorgelijk’. Nieuwe vormen van vervoer zullen er niet komen. Het plan voor het leggen van een spoor is jaren geleden al gesneuveld en een superbus die 300 km per uur rijdt (een idee van ex-astronaut Wubbo Ockels) is visionair maar niet haalbaar.

Hopelijk blijft de Afsluitdijk gevrijwaard van recreatieve toeters en bellen, want de dijk is allerminst saai. Juist die rechte, ogenschijnlijke oneindigheid die aan de kim verdwijnt is de charme van de Afsluitdijk, hier gefotografeerd vanaf de brug bij het monument en mooiste wegrestaurant van Nederland. Rechts het standbeeld van geestelijk vader Cornelis Lely.

Tjitze van der dam

Tjitze van der Dam uit Oudeschoot behoort tot het koksgilde nationale jeugdkookteam. Dit team won tweemaal goud in de klasse koud buffet op de Culinary World Cup in Luxemburg tijdens de beurs Expogast. De inzending voor koud buffet kreeg de hoogste waardering en het team van Tjitze werd tevens overall winnaar van de jeugdteams.

Naam Tjitze van der Dam

Geboortedatum en plaats 20 September 1986 te Jubbega

Woonplaats Oudeschoot

Beroep Ben momenteel werkzaam als Sous Chef bij restaurant De Jufferen Lunsingh te Westervelde

Opleiding Laatst genoten opleiding is niveau 4 Gespecialiseerd Kok

Gezin Samenwonend met mijn vriendin Jeanet

Hobby’s Koken

Inspiratie Eigenlijk haal ik overal inspiratie vandaan; uit de natuur, reizen, maar ik word ook geïnspireerd door mijn collega’s

Voorbeeld Een voorbeeld gaat bij mij verder dan één persoon, kijk bijvoorbeeld naar je gezin, familie, vrienden en collega’s. Maar als ik een chef zou moeten noemen kom ik al snel op René Redzepi, een Scandinavische chef die vooral met streekproducten werkt

Ambitie Er zijn zoveel ambities, chef worden van een goedlopend restaurant, internationale prijzen winnen op wedstrijdniveau en ga zo maar  door

Hoogtepunt Het winnen van deze wedstrijd is natuurlijk wel één van de hoogtepunten uit mijn nog korte carrière en hoop er nog veel aan toe te voegen

Hekel aan Ongestructureerd werken, gebrek aan discipline, ongemotiveerd zijn

Blij van Gemotiveerde collega’s, mooie streekproducten en natuurlijk van tevreden gasten, want daar draait het hele vak om

Beste advies Blijf maar gewoon dan doe je al gek genoeg. Wel een beetje cliché maar het is natuurlijk wel zo

Levensmotto Leef en geniet van elke dag, het kan nu nog!

Bouw Amicitia van start

LEEUWARDEN – Nu het strippen van het Amicitia-gebouw in Leeuwarden is voltooid kon een start worden gemaakt met de nieuwbouw van dit prestigieuze project dat ontwikkeld is door Elizen Vastgoed. Alleen het skelet is blijven staan. Het gebouw, dat algemeen wordt beschouwd als het lelijkste van Leeuwarden, wordt naar een ontwerp van architect Jo Coenen omgetoverd in een zeer luxueus appartementen- en winkelcomplex dat voor Noord-Nederlandse begrippen van een ongekend hoog kwaliteitsniveau is.

Amicitia werd in 1969 gebouwd op de plaats waar in 1840 onder architectuur van de bekende stadsarchitect Thomas Romein Sociëteit Amicitia verrees. Dit neoclassicistisch gebouw met veel allure werd in 1968 gesloopt. Ervoor in de plaats kwam een somber, Oostblokachtig gebouw. Na ruim veertig jaar wordt deze rotte kies uit de binnenstad getrokken.

Op de begane grond en de eerste verdieping zijn winkelpromenades gesitueerd. Deze promenades worden door glasgevels comfortabel gemaakt. Roltrappen verbinden de transparante bouwlagen en geven allure aan dit hoogwaardige shopping center. Per 31 maart 2011 wordt het winkelcomplex opgeleverd en is het geopend voor het publiek.

Amicitia telt over vijf woonlagen negen riante appartementen en drie royale penthouses. Er staan nog één penthouse en drie van de negen exclusieve appartementen te koop. Op de derde verdieping wordt een geasfalteerd parkeerdek gerealiseerd die via een speciale autolift bereikbaar is.

Marjan Miedema van Makelaardij Hoekstra begeleidt de verkoop. Zij zegt over het project: ‘Nog nooit eerder is in Leeuwarden een zo prestigieus appartementencomplex op de markt gekomen. De afwerkingen en de voorzieningen zijn van zeer hoog niveau. Het nieuwe Amicitia is een verrijking voor de stad en een opwaardering van het centrum. Als je straks Leeuwarden binnenkomt zal de entree heel anders zijn, uitnodigend.’

Directeur Jan Dijkstra van Bouwgroep DijkstraDraisma laat weten dat zijn bedrijf voor een grote uitdaging staat: ‘Je maakt niet vaak mee dat je een zo ingrijpende nieuwbouwrenovatie uitvoert waarbij alle disciplines om de hoek komen kijken en waar veilig werken heel belangrijk is. Planning en logistiek moeten perfect op elkaar zijn afgestemd omdat je in een stadscentrum weinig ruimte hebt en je gebonden bent aan afspraken als je verkeersmaatregelen treft. Een lastige opdracht, maar juist daarom een mooie klus.’

Het hele complex wordt najaar 2011 opgeleverd.

Handel in vastgoed vlot nog niet

LEEUWARDEN – De zevende Friese Vastgoedborrel in Intermezzo weerspiegelde geen ander beeld dan een jaar eerder. De handel in vastgoed zit nog steeds muurvast. Niettemin werd er vrolijk gekletst en gedanst, want vastgoedlui zijn geen korte termijndenkers en zeker geen sombere mensen.

De vier bedrijven achter de Friese Vastgoedborrel zijn thans Makelaardij Hoekstra, De Haan Advocaten, Leyten Vastgoed en Friesland Bank, die nieuw is als vierde partner. Nog altijd is de animo voor de Friese Vastgoedborrel groot. Ruud Glas van De Haan Advocaten constateerde dat de vraag naar kaarten zo groot was dat het een vermogensvormende belegging zou zijn geweest. Niettemin wordt een select gastenbeleid gevoerd én gehandhaafd. Zo strikt, dat er nog wel wat ruimte overbleef. Maar ja, het volk klit nu eenmaal gezellig bij elkaar. Dat was voor het voeren van gesprekken wel nodig ook, want de muziek was erg luid.

Veel fiducie hebben de Friese vastgoedondernemers nog niet in de markt. Toch hoor je ze niet snel klagen. De meesten zijn behoorlijk taai omdat ze al jaren actief zijn en dus het nodige vet op de botten hebben. Het zijn met name de nieuwkomers die moeite hebben om het hoofd boven water te houden.

Waar onze provincie het de komende jaren vooral in moet zoeken is kwaliteit en exclusiviteit. Lokale overheden: investeer in hoogwaardige vestigingsfactoren. Zowel wat betreft bedrijfspanden en kantoren als woningbouw. Zeker dan kan Friesland zich blijven onderscheiden.

Alle productie verdwijnt uit Nederland. Ondernemingen in ICT, hightech, innovatie en exportkoepels, die net zo goed in de periferie kunnen zitten, willen mooie, grote groene bedrijfscomplexen, schone lucht, duurzame huisvestingen en gemotiveerde medewerkers. Friesland is voor deze bedrijven een walhalla, daar moeten we ons zelf van bewust zijn. Wij moeten voor hen een visitekaartje zijn. Geloof in eigen kracht!

Skûtsjesilen met Pikstart in Grouw

GROUW – We zijn weer flink onder water geweest tijdens het skûtsjesilen. Wat een feest, maar dan hebben we het voornamelijk over Grouw en Langweer! Het begon direct goed in Grouw waar zestig jaar lang niet op het Pikmeer was gestart. De wind stond gunstig en de commissie was niet benauwd, dus: starten maar! Dit mocht een echte Pikstart heten. Het was een schitterend gezicht hoe de SKS-vloot op dit smalle water en rond het starteiland manoeuvreerde. De kleine waters bieden sowieso het meeste spektakel want de beperkingen maken de wedstrijden daar nog spannend. Voor de rest valt het niveau van de wedstrijden zwaar tegen: een start, een eerste kruisrak en dan maar carrouselzeilen. Er staan ook nauwelijks meer kerels aan het roer. Zolang mannen als Ulbe Zwaga op de wal staan valt er weinig verbetering te verwachten. Welke commissie wil volgend jaar vooraan strijden? Het kampioenschap ontbeerde alle spanning. Heerenveen was heer en meester. Joure maakte te veel fouten en Sneek en Grouw vielen tegen doordat ze (nog) niet gewend zijn aan de nieuwe formules. In het Langweerder skûtsje wordt meer geld gestoken dan in alle dertien anderen bij elkaar, maar zeilen ho maar. Omdat het skûtsje snel is drijft het per ongeluk eens naar voren, maar dan is een tweede plaats alleen maar een bewijs hoe matig er gepresteerd wordt. Bij windkracht vijf vindt de bemanning het te zwaar om de grootschoot eens lekker te testen. Er was dus geen harde competitie en het beleid is gebaseerd op kleffe verhoudingen en willekeur. De SKS moet zich grote zorgen maken want publicitair kalft de belangstelling danig af en er komen veel minder mensen bij de wedstrijden, uitgezonderd de wedstrijd bij Stavoren. Net als de Sneekweek dreigt het SKS-kampioenschap alleen nog interessant te zijn als zuipfestijn. Maar in Grouw en in Langweer was de sfeer geweldig en deze skûtsjefeesten zullen altijd blijven bestaan.

Nyck de vries

Een uitzonderlijk racetalent is Nyck de Vries, wisselend woonachtig in Sneek en Italië. Sinds dit jaar staat hij onder contract bij het beroemde McLaren team, een unicum in de Nederlandse racesport. De jonge karter komt uit voor het Italiaanse Chiesa Corse Zanardi Team en wint de ene race na de andere.  Hem wordt door de vader van ex-wereldkampioen Lewis Hamilton een grote toekomst toegedicht: ‘Een potentiële toekomstige wereldkampioen in de Formule I.’

Naam Nyck de Vries.

Geboortedatum en plaats 6 februari 1995 te Sneek.

Woonplaats Lonato (Italië) / Sneek.

Opleiding Wereldschool havo/VWO.

Gezin Zusje Seychelle, papa Hendrik-Jan.

Hobby’s Fietsen, hardlopen, zwemmen, jongleren, skiën.

Inspiratie Mijn sport, met de uitdaging om te winnen.

Voorbeeld Niet echt. Ik ben wie ik ben en ik probeer mijn doel op mijn manier te bereiken. Ik heb wel veel respect voor topsporters zoals Lewis Hamilton en Valentino Rossi.

Ambitie Wereldkampioen Formule I worden.

Hoogtepunt Dat zijn er meerdere. In mijn eerste jaar junioren werd ik winnaar van het WSK en Duits kampioen. In mijn tweede jaar het WSK, Duits kampioenschap en het Europees kampioenschap gewonnen. In mijn eerste jaar SKF, de hoogste klasse in de kartsport, 2e in de WSK Euroseries geworden en nu 1e in de WSK World series met nog één race te gaan.

Blij van Winnen!

Beste advies Om te gaan samenwerken met Dino Chiesa (mijn huidige teambaas)

Levensmotto Het kan altijd beter en sneller.

Beleggingszekerheid met indexbeleggen

HEERENVEEN – De Tracker is een beleggingsproduct in opkomst. En dat is niet zo verwonderlijk volgens Gosse Akkerman, Senior Beleggingsadviseur bij Nyenburgh Vermogensbeheer, gevestigd in het oude Herema State aan de Marktweg in Heerenveen: ‘Voor beleggers die behoefte hebben aan meer zekerheid, een betere risicospreiding en toch een goed rendement, is de Tracker een ideaal beleggingsproduct.’ Reden genoeg voor Nyenburgh om een gespecialiseerde activiteit op te starten: Indexus, vermogensbeheer doormiddel van Trackers.

Trackers, ook wel bekend als ETF’s (Exchange Rated Funds), is een indexbeleggingsproduct. ‘Het is een innovatief beleggingsmiddel dat is opgebouwd als een beleggingsfonds en als een individueel aandeel wordt verhandeld. Op de beurzen is een groot aantal Trackers genoteerd die een breed scala aan indices volgen. Met Trackers is het mogelijk om in zeer uiteenlopende markten en regio’s te beleggen. Risico’s zijn beter gespreid omdat een index meerdere aandelen of obligaties bevat. Net als bij individuele aandelen en obligaties wordt ook dividend uitgekeerd van de aandelen en obligaties die zijn opgenomen in de Tracker,’ vertelt Gosse Akkerman.

Het beleggingsproduct is volgens Gosse toegankelijk voor een groot publiek: ‘Vanaf een vermogen van 20.000 euro is het al mogelijk in te stappen. Met een klein bedrag kun je al een grote spreiding aanbrengen en het risico reduceren. Onze klanten variëren van kleine beleggers tot zeer vermogende particulieren. Een groot voordeel van Trackers is dat het veel minder kosten met zich meebrengt dan traditioneel beleggen. In plaats van kosten te maken voor de aankoop van individuele aandelen, worden slechts eenmaal kosten gemaakt voor de aankoop van een serie aandelen die de index vertegenwoordigen. Trackers zijn ook een goed alternatief voor een spaarrekening of deposito. Met de huidige lage rentestand is een obligatietracker een interessante optie.’

Gosse Akkerman benadrukt het voordeel van Trackers ten opzichte van beleggen in huisfondsen van banken: ‘Veel banken adviseren een standaardportefeuille met eigen, vaak dure, beleggingsfondsen. Ontwikkelingen van deze fondsen worden nauwelijks gevolgd door banken. De ervaren vermogensbeheerders van Indexus bieden iedere relatie een gedegen vermogensadvies.’

Het nieuwe elan van De Haan Advocaten Leeuwarden

LEEUWARDEN – Een nieuwe naam, een nieuw pand en een nieuwe partner. De Haan Advocaten in Leeuwarden heeft de organisatie eens flink opgefrist. De veranderingen sluiten aan bij het karakter van de overige vestigingen van het grootste advocatenkantoor in Noord-Nederland: een modern en transparant fullservice kantoor waar cliënten zich thuis voelen en kunnen rekenen op uitstekende juridische bijstand.

In 2007 fuseerde het kantoor van Wim Sleijfer en Pieter Tuinman, de gevestigde orde van de Friese advocatuur, met advocatenkantoor De Haan tot De Haan TuinmanSleijfer. De toevoeging was belangrijk voor de naamsbekendheid van het gefuseerde kantoor. Met de fusie werd het monumentale pand aan de Sophialaan te krap voor de circa dertig medewerkers.

‘Het souterrain en de zolder moesten worden benut om iedereen een plek te geven. Vanaf dat moment zijn we op zoek gegaan naar een nieuw pand. Eind 2009 viel ons oog op dit kantoorpand aan de Tesselschadestraat in Leeuwarden,’ vertelt partner Anne Henk van der Wal.

De verhuizing naar het nieuwe pand vormde de aanleiding tot het voeren van een nieuwe naam: ‘De Haan Advocaten is inmiddels een bekende naam, maar de heren Tuinman en Sleijfer blijven betrokken.’

Creatief karakter In het huidige kantoorpand was een reclamebureau gevestigd. Het ruimtelijke pand bestaat uit twee delen en wordt gekenmerkt door het transparante en open karakter. De medewerkers en cliënten zijn enthousiast over de nieuwe werkplek.

‘Het pand heeft een moderne en frisse uitstraling en energieke sfeer. Het creatieve karakter van de vorige eigenaar is voelbaar. Voldoende inspiratie voor het verrichten van ons werk,’ glimlacht Oscar van Oorschot.

Oscar is onlangs toegetreden tot De Haan Advocaten na jarenlang zelfstandig kantoor te hebben gehouden in Leeuwarden. Van solo naar een groot kantoor. Is dat niet enorm wennen? ‘Het was een bewuste keuze. Na vijftien jaar was ik toe aan een nieuwe uitdaging en werkomgeving. Het klikte meteen met de partners van De Haan Advocaten en ik krijg hier voldoende ruimte voor het uitoefenen van mijn vak.’ Oscar is curator en cliëntadvocaat. Hij beschouwt zichzelf als een echte procesadvocaat: ‘Mijn klanten zijn vaak stellig en willen hun gelijk halen voor de rechtbank. Daar voel ik mij comfortabel bij, ik bijt me graag vast.’

De vestiging van De Haan Advocaten Leeuwarden bestaat uit vijf partners. Naast Oscar van Oorschot zijn dat Anne Henk van der Wal, Ruud Glas, Matthijs Sturms en Wim Veldjesgraaf.

Door het vuur De partners delen allen de passie voor de advocatuur en het streven om voor elke cliënt door het vuur te gaan. Ruud Glas: ‘Wij werken oplossingsgericht en proberen zaken altijd snel af te handelen. Een cliënt is niet gebaat bij jarenlange procedures. Ons doel is een stabiel klantenbestand van MKB ondernemers en grootzakelijke ondernemingen op te bouwen. Deze ondernemers bieden wij volledige juridische ondersteuning. Vanzelfsprekend staat ons kantoor open voor iedereen die juridisch advies nodig heeft.’

De Haan Advocaten heeft vestigingen in Groningen, Almere, Assen en Zwolle. ‘Het voordeel van de grootte van ons kantoor is dat wij ons meer kunnen specialiseren,’ zegt Anne Henk. ‘Iedereen kan doen waar hij of zij goed in is. Dat geeft comfort en kracht en betekent dat wij klanten niet teleurstellen,’ besluit Oscar van Oorschot.

Friese markt interessant voor Amsterdamse vermogensbeheerder

AMSTERDAM – In de Randstad is IVM Vermogensbeheer een gevestigde naam op het gebied van Financiële Planning & Coaching en Beleggen. Veel ondernemers en vermogende particulieren vertrouwen op de kennis en ervaring van de Amsterdamse vermogensbeheerder en komen door die expertise niet voor verrassingen te staan. IVM, gevestigd in een statig kantoorpand aan de Keizersgracht, wil haar klantenkring uitbreiden naar Noord-Nederland.

Relatiemanager Ragnar Martens reist regelmatig af naar Friesland om hier voet aan de grond te krijgen: ‘Het cultuurverschil is duidelijk. In het westen stappen mensen eenvoudig over naar een andere vermogensbeheerder. In het noorden zijn de mensen over het algemeen terughoudend en trouw in hun zakelijke relaties. En daar is niets op tegen. Integendeel, het spreekt ons juist aan en wij zijn ervan overtuigd dat wij een goede partner zijn voor Friese cliënten.’

Financiële coach Die overtuiging komt voort uit de werkwijze en aanpak van IVM. Ilco Snoey Kiewit, hoofd relatiemanagement bij IVM: ‘Wij investeren veel tijd in onze klanten en fungeren als financiële coach. We brengen allereerst de persoonlijke en financiële situatie in kaart zoals gezinssituatie, toekomstplannen, verwachtingen en wensen. We inventariseren ondermeer verzekeringen, bespreken bezit en fiscale planning. Dit alles resulteert in een volledig  inzichtelijk verslag dat voor de klant via internet beschikbaar is. Hierna kan pas worden onderzocht welke mogelijkheden er zijn voor beleggen en wordt zorgvuldig een risicoprofiel in overleg met de klant vastgesteld. En ja, de conclusie kan zijn dat beleggen geen verstandige keus is, omdat geld opzij moet worden gezet voor toekomstige ontwikkelingen. Als coach monitoren wij de financiële situatie van onze klanten. Elk jaar wordt een persoonlijk jaarverslag opgesteld. Hierdoor heeft de klant zijn financiën keurig op een rijtje en actueel. IVM Vermogensbeheer staat voor alert relatiebeheer en geen verrassingen. Dat zal Friese ondernemers ook aanspreken.’

IVM profileert zich met Triple AAA dienstverlening: Aandachtig, Anticiperend en Alomvattend. Met een knipoog naar de bankenrating waarin AAA voor de hoogste kredietwaardigheid staat.

Volgens de heren van IVM kunnen ondernemers nog wel wat advies gebruiken: ‘De praktijk wijst uit dat een groot deel oververzekerd is en dat weinig een testament hebben opgesteld of dat deze verouderd is. Ook voor deze zaken hebben wij aandacht en werken wij samen met professionele partijen.’ Bij IVM kunnen klanten tevens rekenen op een vast aanspreekpunt voor alle zaken en niet ieder jaar een nieuwe: ‘De relatiemanagers van IVM zijn honkvast, zich bewust van het belang van het opbouwen van een langdurige relatie met cliënten.’

 

Pensioenopbouw De crisis in pensioenland wordt door IVM met belangstelling gevolgd. Veel mensen willen onafhankelijk zijn van de grote pensioenfondsen. Voor DGA’s zijn er veel mogelijkheden zoals pensioenopbouw in eigen bedrijf of pensioen BV.

Ilco Snoey Kiewit: ‘Groot voordeel is dat je het pensioenkapitaal voor de financiering van je bedrijf kunt gebruiken. Maar dat is tevens het nadeel. Vaak wordt het geld door de onderneming opgesnoept. Externe pensioenopbouw bij een verzekeraar kan dan veiliger zijn. Maar de mate van eigen invloed is dan weer kleiner. Wil je die invloed wel, dan is sparen of beleggen in privé een optie. Maar hier worden weer fiscale voordelen gemist. Coaching is ook hier weer belangrijk. Op die manier kunnen ondernemers zich bij hun leest houden terwijl IVM de financiële vinger aan de pols houdt.’

MSP Dak en Wand werkte mee aan nieuwbouw KNVB

ZEIST – Het bondskantoor van de KNVB in Zeist is uitgebreid en gerenoveerd. Een van de partijen die aan de ver- en nieuwbouw heeft meegewerkt is een Fries bedrijf: MSP Dak en Wand uit Heerenveen. De nieuwbouw betrof een halfronde en schuine opbouw op het oude bestaande kantoorgebouw. MSP leverde en monteerde de dak- en wandbeplating aan de hoefijzervormige opbouw, alsmede de dakbedekkingen en de permanente valbeveiliging. Een mooi staaltje vakmanschap in een bijzonder referentieproject.

Kick-off ‘BroodnodigVerzekerd.nl’

JOURE – NBOV blijft het ledenvoordeel uitbreiden. Woensdag 8 september 2010 is tijdens een feestelijke bijeenkomst de aftrap gegeven voor een nieuw initiatief: BroodnodigVerzekerd.nl.  Een eerste pilot wijst uit dat bakkerondernemers aanzienlijk voordeel op de verzekeringspremie kunnen realiseren. De eerste bakkers zijn inmiddels overgestapt.

BroodnodigVerzekerd is een samenwerking tussen NBOV en Marsh. Marsh, onderdeel van het internationaal opererende Marsh & McLennan Companies, is wereldwijd marktleider als het gaat om verzekeringsoplossingen.

Marsh gaat onder de naam BroodnodigVerzekerd NBOV leden benaderen om het huidige zakelijke verzekeringspakket te analyseren door erkende verzekeringsadviseurs. Via een website kunnen leden zelf een vragenlijst doorlopen en zodoende een risicoprofiel van hun organisatie opstellen. Op basis van dit risicoprofiel bieden zes verzekeraars hun premie aan, waarbij de bakkers kunnen kiezen uit de drie scherpste aanbieders. Regionaal opererende verzekeringsadviseurs gaan NBOV leden hierbij ondersteunen. Op de website kan ook een bezoekafspraak worden gemaakt. Zodoende hebben NBOV leden naast een scherpe premie ook toegang tot goed advies.

Pilot in Friesland Ynte Kuindersma van Kuindersma Verzekeringen uit Joure benaderde samen met Marsh de NBOV voor een proef onder 12 Friese bakkers. En wat bleek? Alle bakkers konden voordeel realiseren. Ook was er bij 80% van de bakkers sprake van onderverzekering. In geval van schade kan dit leiden tot een lage uitkering en zelfs faillissement van de bakker. Bakkers kunnen op de premie besparen, in de pilot is de besparing opgelopen tot ruim € 5.000. Afhankelijk van de omvang de bakker kan dit voordeel nog verder oplopen.

Vanwege het grote succes in de pilot heeft de NBOV besloten samen te gaan werken met Marsh via BroodnodigVerzekerd en het voordeel voor alle leden toegankelijk te maken.

Verzekeringsadviseur Kuindersma zal starten in de provincies Friesland, Groningen en Drenthe. Voor de overige provincies wordt samengewerkt met regionale kantoren.  Via www.broodnodigverzekerd.nl kan een afspraak worden gemaakt met een adviseur of een profiel worden opgesteld dat met een adviseur zal worden besproken.

Huwelijk Ids en Anni kerkelijk ingezegend

DEERSUM – ‘Het grote feest is pas volgend jaar als we in de kerk trouwen,’ zei de Duitse schaatslegende Anni Friesinger op 12 augustus 2009 toen ze in haar woonplaats Salzburg in het huwelijk trad met de Friese oud-wereldkampioen en Olympisch kampioen Ids Postma. Op zaterdag 14 augustus was het zover: Ids en Anni lieten in Deersum, waar Ids een boerenbedrijf runt, hun huwelijk kerkelijk inzegenen. Ze wilden deze grote dag geheim houden en ze deden daarbij een beroep op de dorpelingen. Maar het lukte niet om dit nieuws voor iedereen stil te houden. De Friese vlag stond in top op het oude kerkje van Deersum toen Ids en Anni in een prachtig witte oldtimer Jaguar MK 9 Limousine arriveerden. Ze werden opgewacht door de gasten onder wie in Beierse klederdracht gestoken vrienden en familieleden van Anni. Onder de gasten bevonden zich tal van (ex)schaatstoppers zoals Gianni Romme en Tonny de Jong. ’s Avonds werd op Epema State in Ysbrechtum de bruiloft gehouden.

Beatrix op de Sneekweek

SNEEK – Het bezoek aan de 75ste Sneekweek was voor Koningin Beatrix een welkome afleiding van de lastige kabinetsformatie. Op het Starteiland werd ze verwelkomd door een grote feestende menigte. Ze stond zelf aan het roer van De Groene Draeck toen de aak een rondje om het eiland maakte, gevolgd door een armada van schepen. Dat ze het varen en zeilen niet is verleerd bleek hoe handig zij manoeuvreerde en de boot afmeerde. Bij de starttoren werd ze onder begeleiding van commissaris John Jorritsma en burgemeester Hayo Apotheker verwelkomd door Sneekweek-voorzitter Dirk van der Zee. Links bij de roef Jet Wegener Sleeswijk, echtgenote van Kamerheer Rienk Wegener Sleeswijjk.

[banner]

Keermuur Harlingen dicht gat Nederlandse Deltawerken

HARLINGEN – Met de ingebruikname van de keermuur in Harlingen is na bijna zestig jaar de bedijking rond Nederland helemaal op Deltahoogte gebracht. De watersnood van 1953 (waarbij bijna 2.000 mensen verdronken) vormde de aanleiding tot de Deltawerken, ‘s werelds grootste infrastructurele waterbouwkundige operatie.

Dat Harlingen het laatst aan bod kwam lag aan het afronden van de stedelijke ontwikkelingen in deze enige Friese zeehavenstad. Dat moest eerst gebeuren. Bovendien was het verhogen van de Harlinger waterkering vele jaren niet het meest urgent. De bouw van de keermuur en de opening op 24 augustus was een prachtig symbolisch en historisch moment. De waterkering, die 6,75 meter boven NAP ligt, is 500 meter lang.

Bijzonder is de constructie van de keermuur (kosten € 40 miljoen) die bij een stormvloed heel licht terugveert, waardoor energie ontstaat en de muur extra sterk het water ‘terugduwt’.

In de van basaltblokken opgetrokken waterkering is een doorgang (met hydraulische sluisdeur) aangebracht waardoor Willemshavengebied ontsloten blijft voor voetgangers. De doorgang oogt fraai. Het ministerie van verkeer en waterstaat houdt rekening met het esthetisch aspect van de waterwerken, liet topambtenaar Wim Kuijken weten. ‘We willen Nederland niet alleen veiliger maken, maar ook mooier. De recreatiesector moet profiteren van wat wij de komende jaren maken. Het blijkt nu al dat mensen veel belangstelling hebben voor waterwerken,’ aldus Kuijken.

Robert Veenstra uitgezwaaid bij Stenden Hogeschool

LEEUWARDEN – Zijn afscheidsreceptie op de hoofdlocatie van Stenden in Leeuwarden stond in het teken van het ontplooien van je talent, het favoriete thema van Robert Veenstra, de nieuwe directievoorzitter van sc Heerenveen. Hij heeft daar stimulerend aan bijgedragen op de hogeschool, lieten diverse sprekers weten. Ze fronsten wel de wenkbrauwen over het vertrek naar sc Heerenveen. Van de bestendigheid van Stenden naar de hectiek van de voetbalwereld is een hele omslag.

‘Waar begin je aan?,’ zei voorzitter Cees Bijl van de raad van commissarissen van Stenden. ‘Je kunt het nog zo goed doen, maar na drie nederlagen is iedereen in mineur.’ Bijl zei verder dat Robert een ‘vrije transfer’ werd gegund, met een knipoog naar het voetbal. Overigens heeft hij alle vertrouwen in de nieuwe toekomst van zijn vertrekkende bestuursvoorzitter: ‘Je bent een leider in de goede zin van het woord en een harde werker.’

Voorzitter Pieter Sieperda van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad liet weten dat Robert in de toekomst denkt en leeft: ‘Hij zal moeten wennen aan een wereld waarin de waan van de dag overheerst.’

Lid van de medezeggenschapsraad Ronald Schep sprak tot de zaal dat Robert de kernbegrippen missie en visie zowat heeft uitgevonden. ‘Ik hoop dat hij is klaargestoomd voor sc Heerenveen. De club krijgt in hem een betrokken coach,’ aldus Ronald.

Yannick Jonothan, voorzitter van de studentenvereniging Io Vivat Nostrorum Sanita, onderstreepte de goede band tussen de bestuursvoorzitter en studenten: ‘Hij bestuurt op basis van gelijkwaardigheid en hij stelt je snel op je gemak.’

‘Hij maakte mij supporter van sc Heerenveen,’ vertelde general manager Wayne Johnson van Stenden Qatar die recent aanwezig was bij de thuiswedstrijd tegen NAC Breda. Wayne ziet een overeenkomst tussen school en sportclub: ‘Talent herkennen is één, talent ontplooien is twee. Dat geldt voor zowel Stenden als sc Heerenveen.’

Educatie en sport zijn volgens hem sterke wapens in de strijd tegen onrecht, om samenlevingen sterker te maken en het respect onderling te vergroten.

Vicevoorzitter Klaas-Wybo van der Hoek van het college van bestuur van Stenden karakteriseerde zijn collega: ‘Hij heeft een ontwapenende jongensachtigheid, hij is niet bang, hij heeft lichtanarchistische trekjes, hij is een control-freak en hij communiceert als Apple-fan via de modernste apparatuur.’

Dat bleek al tijdens de persdag van sc Heerenveen waar de Apple-laptop voor zijn neus stond. Robert gaf toe dat hij het vizier altijd op de toekomst heeft gericht, maar dat hij geschiedenis heeft leren waarderen: ‘Om die reden kan ik weten dat ik leiding mag geven aan de mooiste voetbalclub van Nederland!’

Kledingontwerpster Moniek Miedema (byOni) heeft leren doorvechten

‘Zeven jaar geleden ben ik Moniek Miedema, geboren in Friesland in 1967, mijn eigen kledingontwerpstudio begonnen in Leeuwarden. Ik ben van Roemenie,waar ik een productiebedrijf heb gerund en waar ik o.a. voor Valentino, Maglificio Fontana en Calvin Klein heb gewerkt, teruggekomen naar Nederland met mijn twee kinderen, mijn hond, twee koffers, behoorlijk verdrietig en vooral berooid. Welnu, dat verdriet heeft niet zolang stand gehouden – dat berooide helaas iets langer – aangezien ik vastberaden was om mijn poten weer onder mijn gat te krijgen. Zoals we dat hier zo zeggen.

[banner]

En dat is me gelukt, na verwoede pogingen heb ik het solliciteren maar opgegeven: de een vond me te overtuigend, de ander te sterk, soms was ik te opvallend dan weer te assertief en weer een ander vond het een probleem dat ik alleenstaand met twee kinderen was. Enfin, prima, ik had immers nog nooit voor een baas gewerkt, dus besloot ik maar weer voor mezelf te beginnen.

Het begon met een winkeltje op de Voorstreek in Leeuwarden waar ik achter in de winkel de kleding ontwierp en in elkaar naaide, en vervolgens voor in de winkel verkocht.  Daarna verhuisde ik naar een iets betere locatie aan de Nieuwestad Ook hier verkocht ik mijn eigen ontwerpen. In die tijd waren dat vooral bruidskleding en prachtige leren jassen.

Maar toch was dit niet wat ik wou. Ik wilde mijn eigen collectie, chique, maar vooral lekker zittende kleding gaan ontwerpen, wat mooi staat en lekker draagt. Niet meer in opdracht ontwerpen, maar juist uit gedachten, herinneringen, ingevingen en passie.

Wat iedere zaken- of werkende vrouw nodig heeft is goed en lekker dragende kleding waarbij je vanaf het eerste ogenblik een statement maakt…..zo, dat ben ik, hallo!

En vervolgens thuis voor je partner niet onmiddellijk een huispak aantrekken, maar in diezelfde kleding heerlijk op de bank kunnen hangen.

Een mantelpakje, prachtig hoor, maar als je thuis komt dan wil je het toch wel zo snel mogelijk uittrekken. En dat is nou juist niet de bedoeling, ook als je op de bank hangt wil je er goed uit zien, toch?

Vandaar dat ik drie jaar geleden ben begonnen met het opzetten van het label ‘byOni’.

Een kledinglijn met prachtige silhouetten, materialen en kleuren. De naam van het label is afgeleid van mijn naam, Moniek. Vroeger werd ik vaak Oni genoemd. Vandaar ‘byOni’.

Een label op de markt te zetten is niet makkelijk zeker niet als je naar de 40 gaat, alleenstaand en twee opgroeiende kinderen hebt. Maar na 7 jaar voorbereiding is het zo ver. En heb ik de productie in gang kunnen zetten en hangt ‘byOni’ vanaf eind augustus voor het eerst door heel Nederland in de winkels. Ik vind het heerlijk om vrouwen in mijn kleding te zien lopen, soms zie ik ze voorbij fietsen, geweldig.

Alles wat ik heb ontworpen draag ik ook zelf, zo doe ik het al vanaf mijn eerste kledingstuk.

Op 25 en 26 juli heb ik met ‘byOni’ op de modefabriek in Amsterdam gestaan. Dit is één van de grootste modebeurzen van de Benelux. Je kan niet zomaar als merk daar staan, je komt door een ballotagecommissie. Ik ben gevraagd, wat een enorme eer is, aangezien er zeker bij nieuwe merken naar creativiteit, originaliteit, innovatie en tegenwoordig ook duurzaamheid word gekeken.

Wel, er is gekeken. Ik had een levende etalage met twee meiden die doodsstil zaten met kleine papieren paardjes. En twee meisjes die op de beurs rondliepen. Het was een fantastische ervaring en ik heb, naast dat ik goed verkocht heb, wat ik eigenlijk niet verwacht had, ook heel veel goede contacten opgedaan. Ik hoorde iemand nog zeggen: ‘tjee, ik geloof dat ze nog uit Friesland komt ook.’

Ik verzin regelmatig leuke grappige acties om mijn label onder de aandacht te brengen.

Zo heb ik bij de opening van de BedrijvenContactdagen in het WTC Expo in Leeuwarden begin dit jaar tien modellen in mijn kledinglijn laten lopen. Alleen was de kleding niet van stof, maar waren alle jurkjes met bodypaint op de meisjes getekend. Het leuke hieraan was vooral dat de modelletjes onderling ruzie kregen aangezien sommigen hetzelfde ‘jurkje’ wilden als de anderen. Let wel, het ging hier enkel om een tekening!

Wat een actie! Onze commissaris van de koningin John Jorritsma was aangenaam verrast en onze burgemeester Ferd Crone was uit het veld geslagen.

Onze gedeputeerde Jannawietske de Vries heeft model voor me gestaan. Zij heeft een heel goede uitstraling. Ook heb ik modeshows gegeven met levende kapstokjes en Friese vlagstof gebruikt om prachtige avondkleding van te maken. In een van mijn jurken heeft zangeres Denise Rivera met de Koningin gedanst in Makkum op Koninginnedag. Voorpagina van De Telegraaf en meerdere andere media gehaald. Tevens heb ik het Leeuwarder skûtsje drie jaar geleden helemaal in Friese jurken met een heuse grachtmeerman versierd.

Het is niet makkelijk in deze tijd een nieuw label op te zetten. Zeker omdat bijna de gehele Nederlandse markt beheerst word door een paar grote jongens. Er zijn momenten geweest….. maar goed, die gaan weer over, en is er niets wat ik liever zou willen doen.

Mijn kleding is vaak verrassend. Bijvoorbeeld een top die je ook om kunt draaien. Boven onder en dan wordt het een bolerootje, of een bolerootje wat een jurkje wordt.

Als ik aan mensen vraag wat mijn kleding nou ‘byOni’ maakt, dan krijg ik als antwoord: architectonisch, strak, stijlvol, soms een beetje streng, popart, sterk , combineerbaar, heerlijk draagbaar en vooral vrouwelijk.’

DVC kleurt Nederlands paviljoen World Expo in Shanghai

DOKKUM – Producten van de Dokkumer Vlaggen Centrale (DVC) vinden in toenemende mate hun weg naar China. In 2008 werd DVC geselecteerd als ‘hofleverancier’ van polyester vlaggenmasten voor de Olympische Zomerspelen in Peking. Daarmee heeft een eerdere investering in een eigen productiefaciliteit in China zich alweer gedeeltelijk terugbetaald. Dit jaar levert de Friese vlaggenspecialist een kleurrijke bijdrage aan de Nederlandse inzending voor de World Expo in Sjanghai. En sinds kort is de Dokkumer onderneming in de race als leverancier voor de 16de Asian Games die in november dit jaar plaatsvinden in Guanzhou.

Algemeen Directeur van DVC Robert-Jan Hageman is verheugd over deze ontwikkeling. Hij zegt: ‘Voor het Nederlandse bedrijfsleven ligt de nadruk meestal op de inkoop uit China. Voor ons gold dat ook. Om die reden hebben we een eigen productiefaciliteit opgezet. Maar door ons goed in de Chinese markt te verdiepen en zorgvuldig contacten op te bouwen, beginnen ook de afzetmogelijkheden toe te nemen. We weten onze weg steeds beter te vinden.’

Robert-Jan was kortgeleden zelf in China om een bezoek te brengen aan de World Expo in Shanghai, die op 1 mei van start is gegaan en die loopt tot en met 1 oktober. Zo kon hij met eigen ogen zien hoe het succesvolle Nederlands paviljoen – Happy Street – is opgeluisterd met dundoekproducten van DVC. In totaal leverde DVC 86 oranje en gele parasols. Daarnaast heeft de Dokkumer specialist gezorgd voor stijlvolle paviljoenvlaggen, landenvlaggen en provincievlaggen. De installatie en aankleding zijn ter plaatse door DVC verzorgd.

Robert-Jan over zijn bezoek: ‘De sfeer is uitstekend en het succes is uitzonderlijk. Architect John Körmeling en zijn team hebben een indrukwekkende prestatie geleverd. Dagelijks komen er 18.000 tot 29.000 mensen kijken, wat ver boven de verwachting ligt. Zelfs de Chinese staatstelevisie heeft er uitgebreid aandacht aan besteed. Als Dokkumer Vlaggen Centrale zijn we er trots op aan dit succes te hebben mogen bijdragen. We beschouwen de World Expo als een waardevol stukje aanvullende promotie van onze expertise naar het Chinese bedrijfsleven.’

Van der Werff Logistics gespecialiseerd in bouwmaterialen

HEERENVEEN – Van der Werff Logistics heeft als eerste in Nederland de specialisatie Bouwmaterialenvervoer binnen het Keurmerk Transport & Logistiek behaald. Het bedrijf is de huisvervoerder van NVB Ubbens. Het Keurmerk Transport & Logistiek is een overkoepelend kwaliteitskeurmerk voor het goederenvervoer over de weg en staat borg voor kwaliteit, efficiëntie, veiligheid en betrouwbaarheid.

Directeur Arjen tulner: ‘Certificering is een onmisbare schakel geworden in de samenwerking met onze klanten. Zo zijn al onze medewerkers ook VCA-gecertificeerd en beschikken onze kraanwagen chauffeurs over alle benodigde hijscertificaten.’

Succesvolle online kaartverkoop FC Twente dankzij TRES

HEERENVEEN – Na het echec van de kaartverkoop voor de bekerfinale tegen sc Heerenveen, ruim een jaar geleden, is de verkoop voor de Champions League voor FC Twente nu wel goed verlopen. Dit dankzij de inzet van het Friese internetbureau TRES uit Heerenveen, dat inmiddels ook voor AZ, FC Groningen en sc Heerenveen de online kaartverkoop gaat ontwikkelen.

Met het behalen van de landstitel mag FC Twente dit seizoen meespelen in het bal der kampioenen: de Champions League. Na de loting van vorige week in Monaco startte de kaartverkoop via internet. De laatste keer dat FC Twente de kaartverkoop voor een dergelijk groot evenement via internet verzorgde draaide uit op een waar debacle. Het toenmalige systeem werkte niet zoals verwacht en de club besloot de verkoop via internet te staken. Via de traditionele sigarenwinkels werd de verkoop vervolgens weer hervat. Hiermee was het vertrouwen in verkoop via internet weg; zowel bij de club als bij de fans.

Waarom het misging ligt volgens technisch directeur Harmen Visser van TRES aan te weinig capaciteit: ‘Het systeem kon de piekbelasting niet aan. Wij kunnen mechanismen inbouwen die de toestroom reguleert. Zie het als drukte bij een bakker. Als iedereen voor de toonbank gaat staan wordt het een chaos. Maar niet als men een nummertje trekt. Onze Friese nuchterheid is een prima eigenschap in ons werk. Wij denken heel doelmatig.’

TRES heeft een specialistische afdeling in piekverkopen via internet en was al actief voor het nieuwe kaartverkoopsysteem voor betaald voetbalclubs. ‘Uit ervaring weten we dat de vraag meerdere malen het aanbod overstijgt bij grote evenementen. Dit betekent dat  het systeem enorm belast wordt. Om te voorkomen dat het systeem overbelast raakt, ontvangen alle aanmelders een SMS met een code op het moment dat ze aan de beurt zijn. Een virtuele wachtruimte dus. Dit voorkomt dat iedereen tegelijk naar binnen wil en systemen gaan vastlopen,’ aldus Harmen Visser.

Admiraal Rients ‘Granaetama’ opende zeilregatta en Dokkumer Stadsfeesten

DOKKUM/LAUWERSOOG – Watersport in Friesland wordt nog teveel geassocieerd met alleen maar het merengebied in de provincie. Maar er is meer! Bijvoorbeeld het Lauwersmeer. Hoe geweldig je daar kunt varen, zeilen, van de natuur genieten en uitgaan bleek onlangs tijdens twee nautische evenementen: de Dokkum-Lauwerszee Regatta en het SKS-skûtsjesilen. Geholpen door prachtig zeilweer was dit de ultieme watersportbeleving.

Tussen deze evenementen door waren er de vierjaarlijkse Dokkumer Stadsfeesten die op vrijdagavond 29 augustus van start gingen met een vlootschouw van zeilpramen die langs de stadsbolwerken Dokkum binnenvoeren onder leiding van ‘admiraal’ Rients Gratama op het lokale vlaggeschip, de Wierumer Aek. De intocht met kanonschoten, rookwolken en muzikaal strijdgewoel uit de film Pirates of the Caribean vormde het openingspektakel van de Dokkumer Stadsfeesten 2008. Dokkum was met deze armada net als vroeger weer even een echte Admiraliteitsstad. De intocht van het admiraalschip verwijst naar de tijd waarin handel en economie van Dokkum als grootste noordelijke zeehaven aan de monding van de Lauwers grote bloei kende. Handelsschepen op zee genoten ondermeer bescherming van oorlogsbodems van de Friese Admiraliteit die tot 1645 in de stad was gevestigd.

Rients ging helemaal op in zijn rol van stoere en strijdlustige Friese zeeheld die Dokkum moest beschermen tegen oorlogszuchtig tuig. Hij bevrijdde bij de brug De Zijl het legendarische zeemonster de Dokkumer Granaet – een reuzengarnaal – uit diens vier jaar lange gevangenschap. Vandaar dat hij zichzelf tot ‘Rients Granaetama’ had gebombardeerd. Deze bevrijding was de symbolische opening van het festijn. Vervolgens werd het openingsfeest Night of the Praams opgeluisterd met zanger Gurbe Douwstra en de band Exposure.

Daags daarop, zaterdag 30 augustus, ging de regatta los met teams van ondernemers en zakenrelaties in veertien gelijkwaardige, snelle zeilpramen van De Nije Fryske Sylpream met Eelke Dijkstra als organisator. Deze jaarlijkse zeilwedstrijd is een initiatief van Ondernemers Sociëteit Dokkum (OSD). De zeilrace is dit jaar de eerste maritieme publieksattractie van de Dokkumer feestweek. Motto van de stadsfeesten in 2008 was namelijk ‘Dokkum, maritiem bolwerk’. Het klassement wordt opgemaakt na twee manches die vlak voor de kust van Esonstad/Oostmahorn werden gevaren.

In De Stadswaagh van Esonstad werd het palaver gehouden en de afterparty met buffet vond plaats in Het Booze Wijf in Lauwersoog van ondernemer Jelle Bos. Hij timmert er flink aan de weg met een mooie accommodatie die bestaat uit een jachthaven met museumhaven, een camping (die hij recent van zijn vader overnam), een speelweide met strand en een restaurant met zalen. ‘Steeds meer recreanten, watersporters en zakenmensen ontdekken dit gebied,’ aldus Jelle, die de organisatie assisteerde in zijn supersnelle boot.

Vanaf het water was het een mooi gezicht Esonstad te zien liggen. Het silhouet van dit bijzonder en succesvol recreatieproject tekent zich mooi en in stijl af achter de zeedijk. Wel is de entourage er nog een tikje steriel. In 1999 zijn de ontwikkelaars Woonveste en Heijmans begonnen met dit project dat indirect is voortgevloeid uit de MKZ-crisis twee jaar eerder. De noordoostregio had een impuls nodig en de getroffen boeren kregen compensatiegeld dat ze niet mochten benutten voor agrarische activiteiten maar wel voor een investering in Esonstad en niemand die er ongelukkig van is geworden.

De deelnemende bedrijven waren: Enno Aerosols, De Wijzen uit het Oosten, Beldock, Ensel konstruktie, Exact Fijnmechanika, Hema, Bouwgroep Dijkstra Draisma, Raadsma ijzerhandel, Drukkerij Douma, Van der Gang herenkleding, Makelaardij Roos, Holtrop & Jansma, Probosign, Drogisterij Hamstra, Rabobank en  De Plannenmakers.

Winnaar van de felbegeerde Wierumer Aek Bokaal werd Holtrop & Jansma in de praam van Douwe Idzinga. Dit bedrijf won vorig jaar ook al. Directeur Gerd Lindemann woont in Heerenveen. Kennelijk krijgt hij les van Piter Brouwer van het Heerenveenster kampioensskûtsje…

Feestelijke PC

Vaste prik op de PC is het bezoek van een aantal hotemetoten. Bij de laatste editie waren o.a. ondernemer Cor Boonstra (Koop Tjuchem), makelaar Cor van Zadelhoff en voorzitter Boele Staal van de Nederlandse banken te gast. Makelaar Folkert Popma was zoals gewoonlijk hun gastheer. Dat er celebrities op het kaatsfeest afkomen hoeft niet storend te zijn en kan zelfs een tikje grandeur geven. Maar dan moeten ze niet zoals de beide Corren even om de hoek kijken, pontificaal vooraan zitten, voor de fotografen poseren en dan weer snel wegwezen. Wat een aanfluiting was dat! Ze zouden een voorbeeld moeten nemen aan Riemer van der Velde die met zijn Annie op de achtergrond bleef, de sfeer opsnoof en achter de genodigdentent met de kaatsers sprak. Folkert doet er verstandig aan de invitaties een volgende keer aan echt geïnteresseerden te gunnen. Verder was het een prachtige dag die bewees dat een ouderwets decor de mooiste hospitality biedt.

Nieuwe gele conifeer

JOURE – Twaalf jaar geleden liep Anno Hettinga op een ochtend langs een kweekperceel coniferen en deed hij een vreemde gewaarwording. Tussen de groene coniferen stond er eentje met gelige takjes. Dit was volkomen vreemd voor hem. ‘Ik zei tegen mijn vrouw: moet je nou eens zien,’ aldus Anno. Na vele jaren van geduld, stekken en zorgvuldig doorkweken heeft hij nu zijn eigen conifeer: de Thuja occidentalis Hetti. Op de manifestatie Groot Groen te Zundert werd door de jury van de Koninklijke Boskoopse Culturen de conifeer bekroond met een zilveren medaille. Dit is een waardering die telt op deze hoogwaardige, streng gekeurde internationale tentoonstelling.

Grijnzend laat Anno de Hetti zien. Inderdaad, de gele gloed van de conifeer steekt behoorlijk af tegen het conventionele donkergroen van de doorsnee conifeer. Hoe kan zoets ontstaan? ‘Dat weet je niet. Alle kenners zijn hier geweest en ook zij waren verbaasd. Je moet deze conifeer als een albino zien. Het is een mutant. Een speling der natuur.,’ zegt Anno.

Hij wist op die bewuste ochtend dat hij wat bijzonders in handen had en hij ging ermee aan de slag. Anno: ‘Je moet er veel aandacht aan schenken. Een stekje knippen, in stektrays zetten met speciale stekgrond voor een optimale worteling. Na driekwart jaar schoot het stekje wortel en kon er geplant worden. Drie jaar heb ik moeten wachten voor ik een dermate groot exemplaar had dat ik er weer nieuw stekmateriaal van kon knippen. Kwestie van veel geduld opbrengen.’

Pas toen het geëxperimenteer achter de rug was en hij bij het kweken niet meer voor verrassingen kon komen te staan, trad Anno ermee naar buiten. In de Nederlandse bomenkwekerij was dit een grote primeur. Anno: ‘Stond ik daar ineens als gewone jongen tussen alle grote kwekers. Dit beleef ik waarschijnlijk nooit weer.’

Het kwekersrecht heeft Anno niet aangevraagd: ‘Dat is een hele procedure en het is prijzig. Je moet ook in grote aantallen produceren om voor dat recht in aanmerking te komen. Ik laat het zo. Er zullen straks ongetwijfeld na-apers zijn, maar dat kan me niks schelen. Het is wel bekend wie deze conifeer heeft gekweekt en er is vraag naar. Ik heb een voorsprong en een ander moet nog maar zien of hij er een markt voor krijgt. In ieder geval is dit een prachtig succes. Ik word er geen miljonair van, maar ik heb wel alle eer gekregen en de conifeer draagt mijn naam. Mooier kan niet.’

Dakenmarkering interessant door Google Earth

LEEUWARDEN – Google Earth is opzienbarend. Een fantastische ervaring hoe je werkelijk elke spot ter wereld inzoomend in beeld kunt brengen. De wereld ligt met deze software echt aan je voeten. Google Earth opent je ogen. In meerdere opzichten. Plotseling is het interessant om je als bedrijf ook vanuit de lucht te presenteren. Dat wordt ook al gedaan. Zo heeft de FBTO in Leeuwarden het platdak in de eigen blauwe huisstijlkleur gespoten met daarin de merknaam in het wit aangegeven: FBTO.nl. Wie inzoomt op de Lange Marktstraat in Leeuwarden ziet het gebouw er al gauw uitspringen op het scherm. Het Nederlands Wegen Markeerbedrijf in Oosterwolde (NWM) kan markeren als geen ander en dus biedt het bedrijf ook deze dienstverlening. Wie het belangrijk vindt om behalve de gevels van het bedrijfsgebouw ook het dak in de huisstijl of met de bedrijfsnaam of een boodschap aan te kleden, kan contact opnemen met NWM.

Mooie hoeden op Ascot Day

WOLVEGA – De drafsport in ons land kan wel een impuls gebruiken. In Wolvega snappen ze dat als geen ander. Een initiatief dat bijdraagt aan de popularisering van de drafsport is de jaarlijkse Ascot Day. Geheel in stijl van de Engelse hoogtijdag. De dames hadden heel erg hun best gedaan en de mooiste hoofddeksels uitgezocht of laten maken. Zo gaven zij grandeur aan deze dag. Het drafspektakel trok veel publiek onder wie commissaris der koningin John Jorritsma en zijn Georgette. Uiteraard ging de aandacht ook uit naar de koersen. Pikeur Arnold Mollema was de grote man met vier zeges. Eerder op de dag was er in Wolvega een draversveiling die werd bezocht door de in Frankrijk woonachtige Tjitse Smeding, een van de  beste pikeurs uit de Nederlandse geschiedenis (9 keer nationaal kampioen, 256 overwinningen).

Finale verkiezingsdebat Obama-McCain op ‘Friese’ Hofstra University New York

NEW YORK/HEMPSTEAD – De Amerikaanse presidentsverkiezingen hebben een Fries tintje gekregen. De finale van de serie van drie tv-debatten tussen de republikeinse kandidaat John McCain en zijn democratische tegenstrever Barrack Obama wordt op 15 oktober op de Hofstra University in Hempstead op Long Island bij New York gehouden. Deze universiteit werd in 1935 opgericht en gesticht op het landgoed van de Friese emigrantenzoon William Sake Hofstra (1861-1932) en zijn echtgenote Kate Mason Williams (1854-1933). De ouders van William Sake – Sake Hofstra (‘Sakee’ in Amerika) en Wilhelmina Zageweg – waren geboren in Friesland en ze emigreerden naar de Verenigde Staten. Het huwelijk van William Sake en Kate, voor beiden hun tweede, bleef kinderloos.

William Sake Hofstra belichaamde de Amerikaanse droom: een emigrantenzoon die zelfstandig een succesvolle carrière maakt en een fortuin vergaart met hout en papierpulp. Hij nam zijn kansen waar in ‘Het land van de onbegrensde mogelijkheden’. Hij werd geboren in het stadje Holland (Michigan) en toen hij twee was verhuisde het gezin naar Grand Rapids en daarna nog enige malen. Mogelijk was Sake bakker. In 1867 runde hij na vele ambachten een hotel in Muskegon. William trouwde in 1881, een jaar nadat zijn moeder aan tyfus overleed, met Anna Laura Morton en ze kregen twee dochters. William ging in de houtbusiness en hij runde een houtzaagmolen in Saginaw (Michigan).

Na hun scheiding ontmoette William in Leadville (Colorado) de rijke weduwe Kate. Ze trouwden in New Orleans. Ze besloten naar New York te verhuizen en daar een huis te bouwen. William verwierf het Van Wranken Landgoed in Hempstead om er vanaf 1902 de Nassau Hout Company te runnen. Zijn vriend en zakenpartner was Howard Brower, die de onderneming als speelgoed zag want hij had zijn schaapjes al op het droge. Hetzelfde gold voor William, die genoeg geld had verdiend met zijn investeringen in hout- en papierpulpmolens en in houtpercelen in Michigan, Canada, New Orleans, Florida en New York. De onderneming in Hempstead bood het tweetal de kans om het aangename met het nuttige te verenigen, te reizen en van het leven te genieten.

Nog steeds staat het vroegere koloniaal aandoende landgoed – toen en nu The Netherlands geheten – centraal op de campus van Hofstra University die voor 1963 Hofstra College heette. Bijzonder is dat het landhuis niet is ingeklemd tussen andere gebouwen. Uit dank voor de erfenis en uit eerbied voor de Hofstra’s. De universiteit verloochent haar afkomst niet en verwijst graag naar de roots. Het motto van Hofstra University luidt heel toepasselijk ‘Je maintiendray’ (Ik Zal Handhaven) en dat verwijst naar de lijfspreuk van Willem van Oranje. Het universiteitswapen beeldt twee leeuwen af. Aanvankelijk twee mannetjes maar sinds 1987 een mannetje en een vrouwtje. Informeel ‘Kate and Willy’ genoemd. De universiteitskleuren zijn het koninklijk goud en het Nassau-blauw en de vlag is goud/wit/blauw.

Sinds 1935 zijn er zo’n 100.000 studenten afgestudeerd en het is opvallend dat de universiteit veel creatieve figuren heeft voortgebracht zoals Ron Kovic (auteur van Born on the Fourth of July), de acteur James Caan en Christopher Walken (Oscarwinnaar), regisseur en scenarist Francis Ford Coppola (Oscarwinnaar met o.a. The Godfather), bestsellerauteur Nelson DeMille, schrijfster Marilyn French, Stephen Dunn (winnaar Pulitzer-prijs), Lou Berger (hoofdschrijver van Sesamstraat, 10 Emmy Awards) en winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede 1997 Robert O. Muller.

Onder de mensen die een eredoctoraat kregen van de Hofstra University bevindt zich Freddy Heineken (1996). Hij verkeert in eminent gezelschap van o.a. het echtpaar ex-president George H.W. en Barbara Bush, de voormalige presidenten Dwight Eisenhower en Gerald Ford, bankpresident Alan Greenspan, Jihan Sadat (weduwe van Anwar al-Sadat), de vroegere Engelse premier Margareth Thatcher en burgerrechtenactivist Martin Luther King.

Op 15 oktober zal de complete wereldpers neerstrijken op de campus van Hofstra University waar het slotdebat zal gaan over de buitenlandpolitiek. Een spannende hoogtepunt in het bestaan van deze ‘Friese universiteit’.

Bij de dood van een rasmuzikant en de teloorgang van het Friese kermisleven

Met de dood van de muzikanten Gerard Wiersma en Ben Mol (tien dagen later) is weer een stukje van het Friese feest- en kermisleven afgebrokkeld. Eigenlijk bestaan de ‘Merken’ nauwlijks meer. Waar je ook komt, overal staan afschuwelijke trailers met enorme geluidsboxen die je de trommelvliezen uit de oren doen slaan. De ene keer in een spookachtig decor zonder artiesten, de andere keer met een band waarvan je denkt: waarom hebben ze die vervroegd vrijgelaten?

Ik ben iemand die vind dat het vroeger vaak beter was en ik ga niet mee in dat modieuze gedoe om altijd maar weer schouderophalend te zeggen dat iets ‘niet meer in deze tijd past’. Muziek is bepalend voor de sfeer. Muziek zet letterlijk de toon. Muziek brengt de mensen in de stemming. Als er dan een Merke is, dan is het wel zo plezierig dat er een orkest in café of bovenzaal is dat de juiste snaar raakt en de menigte in vervoering brengt.

Gerard Wiersma – even goed bekend als Joets, of Joetska en in Sneek als Gaston Wiersma (de bijnamen zijn alleszeggend voor de volkse populariteit van Gerard) – kon als geen ander een heerlijk sentimentele feestsfeer teweegbrengen. Hij was een gangmaker zonder dat hij extra decibellen nodig had, zonder overschreeuwende liedjes. Gerard speelde melodieuze evergreens en hij wisselde prachtige Friese kermisliederen als ‘Pier hinget oan’ e laeije’, ‘Keapman Sybe’, ‘Ja, ja, ja, jááá, dat is de Jouster Merk!’ en ‘Voorwaarts Geel-Zwarten!’ gemakkelijk af met Duitse schlagers en walsen zoals ‘Tanz’ mit mir in der Morgen’ en het wegdromende ‘Schön is die Jugendzeit’.

De eerste keer dat ik dit fenomeen meemaakte was in 1974 toen ik overdag (kermissen vier je niet ’s nachts) op de Jouster Merk café Het Tolhuis bezocht. Het beeld wat ik toen voor ogen zag is voorgoed op het netvlies blijven hangen: een afgeladen benedenzaal, blauw van de rook, jong en oud en mannen en vrouwen aan tafeltjes met de Perzische kleedjes er nog gewoon op, keurige obers die geen moment rust werd gegund, het kasteleinsechtpaar Dicky en Wietske Kerkhof achter de toog en muziek, ja, en wat voor muziek!, gespeeld door het orkest van Gerard Wiersma die met zijn accordeon nonchalant en stoïcijns op zijn stoel in de hoek van de zaak zat. De hele zaal ingehaakt meedeinend als een boot die heen en weer wordt gezwiept op woelige baren. ‘Alle Menschen werden Brüder’ (refrein uit het Europees volkslied naar het gedicht ‘Ode an die Freude’ – gebruikt in de 9e Symfonie van Beethoven – uit 1785 van Friedrich Schiller) werd hier werkelijkheid. Dat laatste zag de rascommunist Gerard graag.

Gerard (Gerrit) werd in 1931 in Joure geboren als enige zoon van Willem Wiersma en Trijntje de Wrede. Tot zijn dood is hij blijven wonen in het hoekhuis aan de Slachtedyk waar hij is opgegroeid en wat al in eigendom was van zijn Pake en Beppe. Leren kon hij wel maar grillig als hij was hield hij de middelbare school vlak voor zijn examen voor gezien. Gerard was aardig handig in houtbewerking en na als krullenjongen te zijn begonnen was hij een poos meubelmaker. Maar dit was niet een kwaliteit waar hij zijn leven aan wilde wijden. De muziek trok hem van jongs af en hij zocht zijn voorbeeld Johnny Meijer op in Amsterdam. Accordeonmuziek was toen populair. Denk aan John Woodhouse en Manke Nelis. In Friesland had de virtuoze Pier Sambrink van de Sambrinco’s toen al furore gemaakt. Al gauw vestigde Gerard zijn naam tot ver buiten de provincie. Ook speelde hij op kermissen in plaatsen als Hoorn, waar hij zijn grote liefde, de frêle en hoogblonde Cathy Nooy, ontmoette. De jeugdliefde Henny moest wijken voor deze mondain ogende dame. In Joure was de schok daarover zo groot dat hij in dat jaar – 1962 – zelfs niet eens werd uitgenodigd om in Het Tolhuis te spelen! Een jaar later trouwden Gerard en Cathy en hun huwelijksfeest werd gevierd in een andere illustere, niet meer bestaande gelegenheid: hotel Van Terwisga.

De roem snelde Gerard vooruit en hij groeide uit tot een grote en zeer gevraagde artiest. Een topkermis zonder Gerard Wiersma was haast niet denkbaar. Hij was geen man van de wereld, maar een man van het leven. Vreugde vermengd met droefenis. Naast muzikant was Gerard jarenlang doodgraver, de vroegere term voor drager. Gerard liet zich geen knollen voor citroenen verkopen. Wie dacht een interessant verhaal te vertellen kon worden onderbroken met de oneliner die Gerard sjekkie draaiend in de mond bestorven lag: ‘Wite wy wol’.

In het skûtsjesilen maakte hij deel uit van de Zwaga-clan. Rienk was zijn vriend. Als deze schipper samen met Hil tijdens de SKS-weken op woensdagavond uit Terherne in Langweer arriveerde, dan hing de melancholie in de lucht en werd de verguisde matador in De Tapperij toegezongen als Gerard de eerste noten van ‘Hup, Zwaga, hup’ inzette. Een paar dagen voor zijn dood had Rienk’s zoon Ulbe hem nog opgezocht. Niemand van de ploeg ontbrak bij het afscheid.

Curieus was zijn uitvaart in het gereformeerd gebouw De Oerdracht waar aan het eind van de dienst de Internationale door de luidsprekers schalde en de Sovjet-vlag met hamer en sikkel op de kist lag. Vlak nadat was verteld dat Gerard 4 mei steevast herdacht op Texel waar Georgiërs liggen begraven. Dat Gerard alle (onderdrukte) volkeren achter het voormalig IJzeren Gordijn over één kam scheerde, voorbijging aan de controverse tussen Rusland en Georgië en het Sovjet-denken groot hield, nam nooit een mens hem kwalijk.

Zijn overlijden haalde de kranten niet en dat stelde velen teleur. Verslaggevers komen niet meer in de kroeg, bezoeken geen kermis en ze nemen ook niet meer de moeite de familieberichten te lezen. En zo vertrok Gerard Wiersma met stille trom.