Terug naar hoofdinhoud

Kroniek van het goede leven in Friesland

Zakelijk human interest magazine
Verschijnt tweemaandelijks – jaarabonnement € xxxx
Redactie: Albert van Keimpema
Abonnement: administratie@friesjournaal.nl

Enno Steensma (hoofd vrijwilligers), Bernard Jansen van boksschool De Wâldhoek, Jan Smid (hij bokste de hoofdpartij tegen Donovan Vroom), Siep Jan Riedstra en Cees Klarenbeek (bestuurslid Frisia).

De laatste ronde onder de kroonluchter

LEEUWARDEN – Hoe lang wordt er nog gebokst onder de kroonluchter in Zalen Schaaf? Dat is ongewis, want er staat op deze locatie aan de Breedstraat de bouw van appartementen gepland. Boksvereniging Frisia, in 2018 het 85-jarig jubileum vierend, heeft er al een voorschot op genomen. Het jaarlijks boksgala, stijf uitverkocht, werd aangekondigd als de laatste in de schitterende entourage van Zalen Schaaf: De Laatste Ronde.
,Voorzitter Siep Jan Riedstra zei: ,Als we op zoek moeten naar een nieuw onderkomen voor ons boksfeest biedt dat ook weer kansen. In bijvoorbeeld het WTC Expo kunnen we meer publiek ontvangen en dus ook een hogere begroting halen.’’ Die ligt nu ergens tussen de acht en negen ton. Dus geen gezeur. Maar wat zou het jammer zijn mocht Zalen Schaaf plat gaan. Weer een brok cultuur weg.
,,Maar dat krijg je als je zoveel subsidie steekt in De Neushoorn. Daar gaan alle popconcerten naar toe,’’ verklaart Riedstra.

Foto: Nog eenmaal in de ring in Zalen Schaaf: Enno Steensma (hoofd vrijwilligers), Bernard Jansen van boksschool De Wâldhoek, Jan Smid (hij bokste de hoofdpartij tegen Donovan Vroom), Siep Jan Riedstra en Cees Klarenbeek (bestuurslid Frisia).

Jacco Oosterhof (directeur Wijnvoordeel Heerenveen), Ilona en Stephan Pos, René Tulner en Herma van Keulen

Pos-wijn niet aan te slepen

GORREDIJK – ,,Ik zit vijfentwintig jaar in het vak, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt. Het is echt heel waanzinnig.’’ Herma van Keulen is confuus van het succes van de familie Pos, een van de drie stellen in de realitysoap ‘Helemaal het einde’ van RTL4. Een soort ‘Ik vertrek’, maar dan met een opdracht. De Posjes gingen naar Chili met € 75.000 aan zakgeld van RTL. Ze besloten in de wijn te gaan. Het bleek een absolute voltreffer waar Wijnvoordeel.nl van René Tulner veel voordeel van heeft. De flessen zijn niet aan te slepen. Herma fungeert als intermediair.

Foto – De samenwerking wordt beklonken in het proeflokaal van Wijnvoordeel.nl in Gorredijk. Vlnr Jacco Oosterhof (directeur Wijnvoordeel Heerenveen), Ilona en Stephan Pos, René Tulner en Herma van Keulen. (foto Douwe Bijlsma)

Eerste preuvenement 1834

ORANJEWOUD – Voor het eerst hield grand café 1834 van Tjaarda Oranjewoud een preuvenement. Dit proeffestijn viel goed in de smaak. Het sfeervol aangeklede terras zat vol en de gasten genoten van het gebodene.
Voordat de eerste hapjes konden worden geproefd was er een officieel moment. Tjaarda kreeg namelijk het Wâldpyk-certificaat dat staat voor maatschappelijk verantwoord ondernemen en een eerlijke keuken die vooral streekproducten gebruikt en de kruiden uit de eigen tuin haalt. Een mooie erkenning voor het befaamde hotel-restaurant en voor de keuken van De Oranjetuin onder leiding van chef Joram van der Staaij. Barend Potjer van Wâldpyk prees Tjaarda voor de innoverende bedrijfsvoering. Een mooi voorbeeld daarvan is het nieuwe incentive Lijn 1834 On Tour. In een prachtige oldtimer-dubbeldekker van Dalstra Reizen trekt men met groepen langs Tjaarda-leveranciers
Het Wâldpyk-certificaat kreeg Tjaarda-directeur uit handen van wethouder Coby van der Laan. Zij noemde De Wolff ‘een vaandeldrager van Heerenveen’.

Foto vlnr ober Harold Lodewegen, Joram van der Staaij, Coby van der Laan, Tjitte de Wolff, Barend Potjer en maître Riekele Heida.

Iris Kroes met links van haar Tjaarda-directeur Tjitte de Wolff, geflankeerd door de oud-transportondernemer Jouke van der Werff uit Reduzum en zijn vrouw Gjetsje

Iris laat Tjaarda swingen

ORANJEWOUD – Zangeres/harpiste Iris Kroes uit Drachten – winnares in 2012 van The Voice of Holland – heeft met haar muziek en sensibele stem een erg goede indruk achtergelaten bij de gasten die in zaal Tjaarda een voortreffelijk vier gangen dinerconcert bijwoonden. Terug van haar optredens tijdens cruises van de Holland Amerikalijn, verzorgde zij solo en met haar vier musici zowel een luister- als een dansconcert waarbij er volop op los geswingd werd. Plaats van handeling was de tot theater omgebouwde partyzaal met als decor een grote afbeelding van het statige Landgoed Oranjewoud.

Foto: Iris Kroes met links van haar Tjaarda-directeur Tjitte de Wolff, geflankeerd door de oud-transportondernemer Jouke van der Werff uit Reduzum en zijn vrouw Gjetsje

Fries Museum-directeur Kris Callens en Sietske Poepjes, de Friese cultuurgedeputeerde.

Mata Hari in Fries Museum

LEEUWARDEN – Mata Hari, de artiestennaam van de Leeuwarder Margaretha ‘Grietje’ Zelle (1874-1917), is na Alma Tadema de tweede ‘blockbuster’ in het kader van Culturele Hoofdstad. De derde is de Escher-expositie. Wederom belooft deze laagdrempelige tentoonstelling net als Alma Tadema een kassucces te worden. Voor iedereen, ook het volk dat niet zo gauw een museum binnenstapt, is een bezoek een prachtervaring. Ze maken kennis met een verheven, mondain leven van een ondoorgrondelijke, even opportunistische als naïeve, begaafde en liefdevolle vrouw die naam en faam maakte als danseres en verstrikt raakte in de Frans-Duitse intriges van de Eerste Wereldoorlog, en dat door vermeende spionage eindigde voor het vuurpeloton bij Parijs op 15 oktober 1917.

Foto: Fries Museum-directeur Kris Callens en Sietske Poepjes, de Friese cultuurgedeputeerde.

Uitgever Eddy van der Noord, Arjen van der Grijn en Kees van Kooten.

Het gezicht achter de typetjes

SNEEK – Hij is het gezicht achter de typetjes: grimeur Arjen van der Grijn (67) uit Grou. Veel tv-iconen heeft de bij Michels in Amsterdam begonnen grimeur getoverd: Wethouder Hekking, prof dr. Ackermans, Dr. Clavan, Jacobse & Van Es, Cor en Cock van der Laak, De vieze man, Jet en Koosje Veenendaal en vele andere personages van Kees van Kooten en Wim de Bie. Maar ook de mannen van Jiskefet (Herman Koch, Kees Prins en Michiel Romeyn) zijn door hem gecreëerd. Arjen heeft ontelbare artiesten een gezicht gegeven.

Het was zelfs zo dat een type pas werd geboren en een karakter kreeg als Arjen zijn creatie klaar had. In Theater Sneek werd zijn boek Grijngrime – een ode aan zijn oeuvre – gepresenteerd en kwam Ferd Crone de Grouster onderscheiden tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Die kreeg hij trouwens nog meer voor zijn fidele inzet voor amateurtoneelvereniging en de hulp aan mensen die een chemo ondergingen en door een pruik van Arjen weer toonbaar en met zelfvertrouwen door het leven konden. Kees van Kooten nam het eerste exemplaar in ontvangst.

Foto: Uitgever Eddy van der Noord, Arjen van der Grijn en Kees van Kooten.

Op de foto gedeputeerde Johannes Kramer, Brok, Vries en gedeputeerde Sietske Poepjes voor het document met zegel.

Replica vrijheidsprivilege onthuld

LEEUWARDEN – Op 30 september 2017 was het exact 600 jaar geleden dat de Rooms-koning Sigismund de Friezen het vrijheidsprivilege gaf. Daardoor kon het Friese volk een zelfbestuur installeren. Er was niet langer een vorst die het hoogste gezag uitoefende en dat was een bijzondere positie in de Middeleeuwen. Andere kant van de medaille was wel dat de Friezen belasting moesten gaan betalen. Om de zelfstandigheid te herdenken is een replica van het vrijheidsprivilege gemaakt en die kreeg een plek in het Provinsjehûs zodat de bezoekers daar het document kunnen bekijken. Het origineel, eind vorige eeuw opgedoken in de archieven van Gelderland, ligt in de kluis van cultuurhistorisch centrum Tresoar. Commissaris Arno Brok onthulde de replica nadat historicus Oebele Vries en directeur Bert Looper van Tresoar lezingen over het privilege hadden gegeven. Brok pleitte bij de gelegenheid voor meer bevoegdheden van Friesland.

Op de foto gedeputeerde Johannes Kramer, Brok, Vries en gedeputeerde Sietske Poepjes voor het document met zegel.

Midden ‘kapitein’ Geartsje van der Werff, links Johan Rietsema die ‘tekende’ voor het totale concept en rechts zijn partner Inge Rietsema

Uitdagende Qulotte

GORREDIJK – Op een gegeven moment wist Geartsje van der Werff het zeker dat zij aan het Fashionplein in Gorredijk haar tweede vestiging van Qulotte lingerie en badmode wilde vestigen. Dat was nadat ze haar ouders en schoonouders had geraadpleegd over haar voornemen.
‘As der ien is dy't wit hoe it wurket, bin ik it wol,’ zei buurvrouw Coby Rinsma, die met haar man Gerk Jan het Modeplein Rinsma runt.
Geartsje: ,,Als ik de Rinsma's en mijn eigen topteam al mee heb, ben ik er van overtuigd dat wij ons motto als we willen, kan het waar kunnen maken.”

Foto: Onderdeel van de opening waren opnamen die de zingende vrouwelijke fotografen maakten. Midden ‘kapitein’ Geartsje van der Werff, links Johan Rietsema die ‘tekende’ voor het totale concept en rechts zijn partner Inge Rietsema, specialiste in visuele communicatie.

 Melkveehouder en VVD-Europarlementariër Jan Huitema, CRV-voorzitter Peter Broeckx, commissaris Arno Brok, burgemeester Ferd Crone, gedeputeerde Johannes Kramer en wethouder Henk Deinum.

CRV-embryostal melkkoe voor Friesland

WIRDUM – Om aan de toenemende voedselvraag naar eiwitten te voldoen – in 2050 zal die verdubbeld zijn – en zonder een diepere ecologische voetafdruk in de weilanden te zetten, moet de koe van de toekomst nog gezonder en ouder worden en nóg meer melk produceren. De lat leek nauwelijks hoger te kunnen, maar CRV heeft zich dat fokdoel voor ogen gesteld. Bij Wirdum, gelegen aan het knooppunt Werpsterhoek, is het Dairy Breeding Center (DBC) van deze fokkerijorganisatie verrezen: een hypermoderne embryostal met laboratorium waar de ultieme veestapelverbetering tot stand gaat komen.

Fot vlnr: Melkveehouder en VVD-Europarlementariër Jan Huitema, CRV-voorzitter Peter Broeckx, commissaris Arno Brok, burgemeester Ferd Crone, gedeputeerde Johannes Kramer en wethouder Henk Deinum.

Vaartocht met legendarische ‘Friese’ generaal David Petraeus

Vaartocht met legendarische ‘Friese’ generaal

LEEUWARDEN – Gezeten in een amfibische DUKW van legervoertuigenverzamelaar Jorrit Volkers (2e van links) vaart de wijzende David Petraeus, voorheen de hoogste militair in de Verenigde Staten, in de Groene Ster. De veel gelauwerde viersterrengeneraal die de oorlogen in Irak en Afghanistan leidde, was op bezoek in Leeuwarden waar hij op uitnodiging van FB Oranjewoud, waarvan accountant Volkers bestuurder is, een lezing hield bij Stenden/NHL. Petraeus bezocht het Planetarium en het café Bogt fen Guné in Franeker waar zijn vader Sixtus, die in 1940 emigreerde, vandaan komt. In het voertuig zitten verder de voormalige commandanten der strijdkrachten Dick Berlijn en Mart de Kruif (links en rechts van Petraeus) en commandant Vliegbasis Leeuwarden Arnoud Stallmann uit Sneek (achter het drietal).
(Foto Jacob van Essen)

directeur Hilda Boesjes-Beljon van het Woudagemaal, Afsluitdijk-projectleider Joost van der Beek, Paul van Erkelens en Louis Schouwstra.

Woudagemaal breidt expositie uit met Afsluitdijk

LEMMER – De inlaat Teroelsterkolk bij het Woudagemaal is opgenomen in de permanente expositie over waterbeheer waarin het gemaal een verbinding legt met de (nieuwe) Afsluitdijk. Op de gevel van het gebouw is een infographic geplaatst die laat zien hoe boezem en polders zich verhouden tot het IJsselmeer, het grootste zoetwaterbekken van Europa, en de Waddenzee. Over en weer wordt er tussen deze verschillende niveaus water bemalen (bij hoog water) en ingelaten (bij laag water). Dat is belangrijk voor de veiligheid, de scheepvaart en flora en fauna. Het waterniveau in de Friese boezem ligt gewoonlijk op 0,52 cm onder NAP. In de Afsluitdijk worden in 2020 nieuwe pompen gebouwd. Die hebben een bemalingscapaciteit van tien grote zwembaden per minuut.
De opening van de vernieuwde expositie werd in de Week van het Water (het Woudagemaal draaide) verricht door dijkgraaf Paul van Erkelens van Wetterskip Fryslân en hoofdingenieur-directeur Louis Schouwstra van Rijkswaterstaat samen met groep 8 van de Daltonschool St. Jozef in Lemmer.

Op de foto vlnr directeur Hilda Boesjes-Beljon van het Woudagemaal, Afsluitdijk-projectleider Joost van der Beek, Paul van Erkelens en Louis Schouwstra.

internationaal grootmeester Auke Scholma (midden), vóór Klaas-Hendrik Leijenaar (l.) en Gerlof Kolk.

Tjalling Goedemoed Memorial

WÂNSWERT – Tjalling Goedemoed was briljant. Niet alleen als dammer en wiskundige, maar ook als bedenker van breinbrekers, puzzels, cryptogrammen, magische vierkanten en denkspelen als Meteoor en Krokodil. Hij was een denksporter pur sang en beheerste allerlei andere damvarianten, waaronder het Frysk Spul. Vorig jaar overleed hij, 45 jaar jong. Om hem te eren werd een Tjalling Goedemoed Memorial in Wânswert gespeeld en door Damcombinatie Fryslân, het team van Tjalling, georganiseerd. De eregroep werd gewonnen door internationaal grootmeester Auke Scholma (midden), vóór Klaas-Hendrik Leijenaar (l.) en Gerlof Kolk.

Vlnr Robert Echten (Heineken), Jan Heida (Wiis Events), Freddy Hut (sc Heerenveen), Berend Mink (Berend Mink Scheepsservice), Alinda Brouwer (MCL), Marjette Heida (Transavia) en Marcel van der Velde (Beijk Catering). Cor van Doorn werd uitgeroepen tot meest opvallende stamtafelgast.

Stamtafelen

WOUDSEND – Aan stamtafels in waterherbergen worden de sterkste verhalen verteld. Eenmaal per jaar komen er een paar wilde anekdotes bij als de Stamtafeltocht vanuit start- en finishplaats Langweer langs zo’n café voert. Het was de 18e editie deze keer. Organisator Jan Heida mocht 40 gasten verwelkomen op rondvaartboot De Oorden. Na vertrek uit De Drie Zwaantjes werd aangestoken in Sneek, IJlst en Woudsend, waar ’t Ponkje de stamtafel was. De stemming zat er goed in zoals op de foto is te zien. Vlnr Robert Echten (Heineken), Jan Heida (Wiis Events), Freddy Hut (sc Heerenveen), Berend Mink (Berend Mink Scheepsservice), Alinda Brouwer (MCL), Marjette Heida (Transavia) en Marcel van der Velde (Beijk Catering). Cor van Doorn werd uitgeroepen tot meest opvallende stamtafelgast.

Piet Kapenga, kleindochter Sigrit, burgemeester Ferd Crone en Sikko Kapenga. Op de achtergrond het tableau met daarop het ontstaan van het Bildtsch Meubelhuis van heit/pake Sikko Kapenga sr. in 1934.

Kapenga opent woonboulevard in Leeuwarden

LEEUWARDEN – Pake Sikko en beppe Hendrika Kapenga hebben in 1934 met het stichten van het Bildtsch Meubelhuis in St. Annaparochie niet kunnen bevroeden dat hun zoon Piet en kleinzoon Sikko een woonimperium uit de grond zouden stampen. Kapenga Wonen Buitenpost, het noordelijk grootste Home Center Wolvega en de nieuwe Kapenga Wonen Leeuwarden-West vormen nu een ijzersterk trio dat alles te bieden heeft in wonen en leven.
,,Wij vinden dat deze woonboulevard 2.0 in Leeuwarden de mooiste van Noord-Nederland is geworden. De collecties vullen elkaar aan en bieden wat de consument wil hebben. Sterke woonconcepten vormen daarbij de basis, want daar draait vandaag de dag alles om,’’ zei Sikko Kapenga op de officiële opening.
Foto: Piet Kapenga, kleindochter Sigrit, burgemeester Ferd Crone en Sikko Kapenga. Op de achtergrond het tableau met daarop het ontstaan van het Bildtsch Meubelhuis van heit/pake Sikko Kapenga sr. in 1934.

Eelke Bakker : Oudste man op historische markt

Eelke Bakker : Oudste man op historische markt

BALLUM – Op de historische markt van Ballum gaf een bijzonder persoon acte de présence: Eelke Bakker, met zijn 107 jaar de oudste man van Nederland. Bakker woont in Dokkum maar is in Ballum geboren. Een dag na de markt vierde hij thuis zijn verjaardag. In Ballum zat hij tijdens de optocht samen met burgemeester Albert de Hoop in een koets. Bakker maakte een heel kwieke indruk. Monter liep hij als een kievit rond, wuivend naar de mensen en handenschuddend. Hoe hij zo gezond zo oud is geworden?
,,Roggebrood met spek,’’ verklapte hij zijn geheim. Op zijn dertiende verliet Bakker Ameland. Het gezin verhuisde naar Anjum, waar hij zijn vrouw Baukje leerde kennen. Sinds haar overlijden in 2008 is Bakker niet vaak alleen. Er komt vrijwel dagelijks bezoek. Hij redt zichzelf. Zo nu en dan komt de Thuiszorg langs en de familie verzorgt het eten.
Bakker herinnert zich nog goed toen hij naar de vaste wal ging: ,,De hele huisraad ging op een boerenkar.’’ Van zijn jeugd in Ballum weet hij nog dat hij daar voor het eerst in zijn leven een auto zag. Die bestond toen nog niet zo lang. Genieten doet hij wel van zijn oude dag en strijdvaardig is hij ook nog: ,,Op naar de 110!’’

Foto: Eelke Bakker op een bankje in Ballum.

Marc van Gulick:  ‘De keuken is mijn domein niet’

Marc van Gulick: ‘De keuken is mijn domein niet’

BEETSTERZWAAG – Marc van Gulick (52) is directeur van Bilderberg Landgoed Lauswolt in Beetsterzwaag, het meest befaamde hotel-restaurant van het Noorden. Het hotel draagt 5 sterren en restaurant De Heeren van Harinxma is bekroond met een Michelinster. Gastheerschap straalt hij tot in elke vezel uit. Van Gulick is een de bekendste horecagezichten in ons land en ambassadeur van het hotelvak en van de gastronomie. Op vele fronten is hij actief: acht jaar bestuurslid van de Nederlandse Bocuse d’Or-organisatie die de deelname van ons land aan de meest prestigieuze kookwedstrijd ter wereld begeleidt, lid van de commissie SVH Meesterproefexamen en sinds 2014 bestuurslid en thans voorzitter van Neerlands’ oudste restaurantclub Alliance Gastronomique, die in 2017 het vijftigjarig bestaan viert.

Wat waren uw plannen toen u 18 was?
,,Eten fascineerde mij van jongs af. Toen ik veertien was wist ik dat ik kok wilde worden. Niet dat ik uit het metier kom. Helemaal niet. Mijn opa was olieboer in Brabant. Maar ik ben wel met lekker eten opgegroeid. Bij mijn grootouders werd elke woensdagmorgen appeltaart gebakken. Als ik bij hen logeerde verheugde ik me op die heerlijke lucht in huis. Voor mij waren dat heel bijzondere momenten. Opa en oma hadden het goed. Ze hadden zelfs een privé-kok. Ze aten thuis zwezerik en zo. Maaltijden werden op zilveren schalen opgediend. Niet alledaags dus. Mijn ouders hadden evenmin een link met de horeca, hoewel in mijn familie uit eten gaan belangrijk is. Dat hoorde bij onze opvoeding. Goed eten leren waarderen en ook hoe het hoort, hoe je aan tafel zit. Je zou kunnen zeggen dat mij dat met de paplepel is ingegoten. Vader was hoofd personeelszaken bij Philips en moeder runde de huishouding van twee kinderen. Zij schonk veel aandacht aan verzorging, aan voeding, aan warmte in huis en aan een goede sfeer. In het ouderlijk huis heb ik veel geleerd dat mij later van pas kwam.’’

Wat is er van terechtgekomen?
,,Ik was niet zo’n student. De keus tussen een opleiding of de praktijk was voor mij niet moeilijk. Al heb ik na de mavo via het leerlingstelsel een koksopleiding gevolgd en later nog een aantal HBO-cursussen, ik beschouw mij zelf als een autodidact. Ik schoolde mij in restaurants van naam. Ik ben een echte praktijkjongen. Ik had een enorme drive, wilde meesterkok worden. Toen ik uit dienst kwam leerde ik de kneepjes van het vak in restaurant Het Koetshuis in Bennekom. Een betere leerschool kon ik mij niet wensen. Ik ging wonen op de Veluwe. Een perfecte regio voor mij. Het geschoten wild kwam op het bord. Bourgondisch eten, wat ik van huis uit gewend was. Ik heb onder leiding van de beste chefs gewerkt; De Echoput en in Etten-Leur in De Zwaan, die ik als jongste chef, ik was vijfentwintig, naar een ster kookte. En toen waren het er nog maar 30 in Nederland, nu 120. In 1996 werd ik SVH Meesterkok. Drie jaar later, net nadat Brigitte en ik een huis hadden gekocht, ging ik op verzoek van toenmalig directeur Frans Wientjes naar Lauswolt, een zaak die qua gastronomie nog nooit wat had bereikt. Al binnen twee jaar kreeg het restaurant een ster. Een prestatie waar ik nog steeds trots op ben. Ik had een nieuw team geformeerd met onder anderen Leendert Klaassens en Geert Jan Vaartjes. Ik vergelijk onze branche vaak met voetbal, wat trouwens een favoriete sport van mij is. Ik ben fan van Ajax, kom er geregeld en ik kook in de Arena in de koninklijke loge en ook in de Champions Lounge van Geert Kuperus en gastheer Sjaak Swart. Je moet als trainer goede, jonge mensen in je team hebben en door selecteren. Mijn filosofie is dat een jonge kok niet langer dan twee jaar in een zaak moet werken. Het eerste jaar moet je leren en zien te overleven, in het tweede jaar moet je alles kunnen koken en bereiden, van hazenrug tot asperges, en in het derde jaar, wanneer routine op de loer ligt, moet je wegwezen. Zeven jaar lang was ik chef in Lauswolt tot De Hoefslag mij vroeg. Ik kon deze gerenommeerde zaak, waarin de familie Fagel furore maakte, overnemen. Maar dat ging niet door omdat afspraken anders liepen. Na een jaar was ik weer in Lauswolt. Dries van der Vossen, directeur van Bilderberg Hotels, wilde dat ik terugkwam. Lauswolt had namelijk de ster verloren en in de Lekker was het restaurant van de 21ste naar de 86ste plaats geduikeld. En het was een spannende tijd met de naderende bankencrisis. Wat wordt het, vroeg hij, de koksbuis of het pak? Ik koos voor het laatste. Koken is topsport. Dat kun je niet tot je 65ste volhouden. Ik realiseerde me dat ik over tien jaar uitgerangeerd zou zijn. Je moet in dit vak ook oppassen voor een generatiekloof. Die gasten in de keuken zijn twintigers en ik was al boven de veertig. Grote chefs koken op een gegeven moment niet meer zelf. Ze worden dikwijls het gezicht van de zaak. Het directeurschap ligt me. Ik praat makkelijk en ik kan goed met gasten omgaan. Veel koks zijn introvert, ik ben dat niet. Het zit in je, of niet. Nee, ik mis de pollepel niet. Ik kom ook nauwelijks in de keuken. Dat is mijn domein niet. Als ik mij daar laat gelden verliest de chef, in dit geval Arjan Bisschop, zijn gezag. Op locatie kan ik best de handen uit de mouwen steken of een kookworkshop geven, maar niet in onze keuken. Natuurlijk proef ik en overleg en evalueer ik met Arjan, maar verder gaat dat niet. Het duurde een poos om de ster terug te winnen. Het economisch klimaat zat niet mee. Voordien was het een glorietijd; the sky was the limit. Wij moesten ons herpakken. De focus moet dan op de basiskwaliteit zijn gericht en je moet je dan niet laten afleiden door trends en topics. Is de basis goed, dan kun je uitbouwen en allure aan je bereidingen geven. Sauzen maken is heel belangrijk. Die geven verdieping aan een gerecht. Arjan kan dat heel goed. Ik ontwikkel met anderen evenementen zoals Pasta e Basta, Wit Goud, Culinair ProAm en het NNO Zomerconcert. Het is hier niet Amsterdam. Ik moet business binnenhalen. Gelukkig gaat dat goed. Lauswolt is behalve een prachthotel voor de toerist en de rustzoeker, ook een perfecte locatie voor de zakelijke markt en daarnaast een bruisend oord voor feestvierders. We houden hier schitterende partijen. Een drempel is er echt niet. Hier lopen geen lakeien, wel ontzettend vriendelijke, gemotiveerde en behulpzame medewerkers. Ik probeer een gezellige, informele sfeer te creëren. En ja, dat past bij mijn Brabantse aard.’’

Jan (74) en Griet Kooistra (72) op Sail Hichtum, links het Kapiteinskoor dat met fans elke Sail afreist naar het dorpje. Jan en Griet vierden onlangs hun gouden huwelijk.

Kleinste Sail van Nederland

HICHTUM – Wist u dat naast al die grote maritieme evenementen in ons land ook Sail Hichtum bestaat? Het is de kleinste Sail van allemaal. Er ligt namelijk één schip aan de wal. Plus wat sloepjes van bezoekers. Maar van al die Sails is Hichtum de mooiste en zeker de gezelligste. Een keur van artiesten treedt gratis op en zorgt voor een ongekend vertier.
Het begon in 2003 toen in De Kuilart in Koudum de reünie werd gehouden van de Elfstedentocht van 1963. Telegraaf-verslaggever Ron Couwenhoven leerde daar Jan Kooistra uit Hichtum kennen. De twee konden het meteen prima met elkaar vinden.
Jan: ,,Ron vroeg mij wat ik met de Elfstedentocht van doen had. Ik vertelde dat ik in ’63 53-ste was geworden. Dat lijkt mij een mooie aanleiding om de nog levende nummers 53 te interviewen, zei hij.’’
Ron keek z’n ogen uit in het kleine maar prachtige Hichtum en ontdekte dat het stukje land tegenover de woning van Jan en Griet Kooistra zich uitstekend leende voor een muziekfeest met het Kapiteinskoor uit Zaandam, dat door Ron was opgericht.
,,In het begin kwam hier een stel uit Balk en vroeg: waar zijn de boten? Later hebben alle leden van het Kapiteinskoor eens op een skûtsje gestaan om het schip onder de betonbrug door te krijgen. We hebben hier wat afgelachen,’’ verhaalt Jan. Inmiddels is het een tweejaarlijkse happening die een must is voor de liefhebbers. Optredens waren er ditmaal van o.a. Jan de Haan uit Winsum als Annie de Rooy, het personage van Paul de Leeuw, en van Sytse Haima.

Foto: Jan (74) en Griet Kooistra (72) op Sail Hichtum, links het Kapiteinskoor dat met fans elke Sail afreist naar het dorpje. Jan en Griet vierden onlangs hun gouden huwelijk.

Op de foto overhandigt voorzitter Jerry Speel de formidabele cheque aan JSF-bestuurslid Herma van Keulen.

Geef de jeugd de kans te sporten

LEGEMEER – Soms kan het een item zijn welk belang ondersteund kan worden met betrekking tot fondswerving. Bijvoorbeeld bij een jubileum, een opening, een feest, een afscheid of een actie. Denk dan eens aan Jeugdsportfonds Friesland. Dat is een mooi doel voor een goed doel. Dit provinciaal fonds, onderdeel uitmakend van Jeugdsportfonds Nederland, zorgt ervoor dat kinderen die geen kans hebben om te kunnen sporten, omdat hun ouders daartoe financieel niet in staat zijn, toch hun geliefde sport kunnen beoefenen en lid kunnen worden van een vereniging.

Sport is heel belangrijk voor kinderen. Sport verbroedert, sport socialiseert, sport geeft afleiding, sport is gezond en sport geeft kinderen het gevoel dat ze er bij horen. Niets draagt zo sterk bij aan sociale integratie en acceptatie als sport. Elk kind moet kunnen sporten, luidt niet voor niets de slogan van het jeugdsportfonds. En kinderen, die zijn toch onze toekomst?

Vandaar dat Jeugdsportfonds Friesland serviceclubs, bedrijven en ondernemers in overweging wil geven dat ook eens gedacht kan worden aan het Jeugdsportfonds Friesland bij de bestemming van een werving, actie of evenement, zoals de Lions Heerenveen dat hebben gedaan door het organiseren van een golfdag, die maar liefst meer dan € 32.000 in het laatje bracht! Op de foto overhandigt voorzitter Jerry Speel de formidabele cheque aan JSF-bestuurslid Herma van Keulen.

Germ Koldijk uit Itens, Jan Boonstra uit Rien, Joop de Jong uit Sibrandabuorren en Henk de Vries uit Noordwolde zingen en spelen liedjes uit een oud schoolverzenboekje uit de jaren dertig.

Ielrikkersfeest in Rien

RIEN – Een mooie kleine happening die tot een van de vele onbekende cultuurdragers in Friesland gerekend mag worden is het Ielrikkersfeest van Fûgelwacht De Fjouwer Doarpen in Rien. Kinderen die zittend op de kade een hengel uitwerpen, waar zie je dit vertrouwde beeld van vroeger nog? Sipke Eekma rookt de paling in het schuurtje naast zijn woning die aan het feestterrein grenst. Het stukje land is eigendom van Jos en Judy van der Woude, maar dat herken je niet. Rien is een echte mienskip waar het mijn en dijn niet wordt afgepaald. Dat gevoel van vrijheid proef je tijdens het feest. Een oude tent biedt enige beschutting, een bebaarde man vlecht een einekoer. Bezoekers zitten op banken en strobalen. Natuurlijk doet iedereen zich te goed aan paling. Eenvoud siert niet alleen de mens maar ook een feest.

Foto Germ Koldijk uit Itens, Jan Boonstra uit Rien, Joop de Jong uit Sibrandabuorren en Henk de Vries uit Noordwolde zingen en spelen liedjes uit een oud schoolverzenboekje uit de jaren dertig.

Makelaar Dirk Hoekstra met dochter Jeanette.

De grootste makelaar viert een feestje

LEEUWARDEN - ,,Zie je die gebouwen daar? Hebben wij allemaal in beheer.’’ Trots wijst makelaar Dirk Hoekstra vanuit restaurant élevé boven het WTC hotel in de richting van het Leeuwarder Manhattan. Hij vierde het dertigjarig bestaan van zijn makelaardij die hij samen met dochter Jeanette runt. Zij is er al 28 jaar bij betrokken.

Of het nu om woningmakelaardij gaat, nieuwbouw en bestaand, of om bedrijfsmakelaardij en taxaties van onroerend goed, vastgoedbeheer, aan- en verkoop, Hoekstra heeft alles in huis, zoals de lijfspreuk van de grootste makelaar van het Noorden luidt. Hij heeft wat neergezet. Er zijn bij zijn kantoor, dat vestigingen heeft in Leeuwarden, Sneek, Joure en Heerenveen, 65 mensen in dienst. Hoekstra is uitgegroeid tot een begrip in het Noorden. En hoe no-nonsense die letterlijk en figuurlijk grote makelaar ook is, hoe duidelijk zijn visie en stellingname, hoe dominant het alfamannetje ook op de rots zit, een lichte snik kon hij niet onderdrukken toen hij zei dat hij het bedrijf met een gerust hart kan overdragen aan Jeanette als zijn tijd gekomen is.

Hoekstra kwam glorieus door de crisis. Een teken hoe vitaal het kantoor is en dat je met wat vet op de botten ook de zware tijden doorkomt. De malaise was gigantisch, omschreef Dirk in zijn altijd bombastische presentatie. Zaken worden altijd gedaan, weet hij.
,,Waar je ook bent, waar je ook staat, alles is onroerend goed. Altijd is er nieuwe aanwas op de markt, gezinnen breiden uit, mensen verhuizen, verdienen meer, bedrijven groeien, zoeken andere locaties, dorpen worden groter of krimpen, steden ontwikkelen wijken en in dit veld zijn wij werkzaam. Een prachtige uitdaging!’’

Op de fot Dirk Hoekstra met dochter Jeanette.

Kornelis de Vries (arbeidsrecht), Folly Postma (bestuursrecht), Anne Henk van der Wal (agrarisch recht), Mark Jonker Roelants (vastgoedrecht), Peter van Dijk en Siebe Swart (allround).

Culturele advocaten en notarissen

LEEUWARDEN – Hoe Fries De Haan is gebleven, blijkt wel uit de (hoofd)sponsoring van het advocaten- en notarissenkantoor van KH2018. Maar liefst een half miljoen euro spendeert men eraan. Niet alleen in duiten, maar ook in natura. Hopelijk gaat het wat betreft het laatste niet om geschillen of incasso’s, maar vooral om degelijk advieswerk om problemen te voorkomen. Bovendien ben je dan al een gauw een eindje op weg richting de eindstreep van het budget. De Haan is in geval van de Leeuwarder vestiging voortgevloeid uit het kantoor van Pieter Tuinman en Wim Sleijfer en is overgenomen door de Groninger Winfryd de Haan. Hij bemoeide zich niet met de generositeit van zijn Friese collega’s, die trouwens opmerkelijk genoeg in de persoon van Pieter Huitema de Groningers bijstaan in het verhalen van de aardbevingsschade op de NAM c.q. Nederlandse staat. Daar is men zo succesvol in, dat zelfs de immateriële schade door de rechter is onderkend.
Notaris Peter van Dijk liet tijdens de jaarlijkse aspergeparty weten dat er gericht cultuurgeld wordt gedoneerd, zoals in de tentoonstelling over Escher en het reuzenproject van het Franse Royal de Luxe. Niet alleen betrokkenheid bij de Friese samenleving wordt getoond, al even Fries is de coöperatieve bedrijfscultuur van het kantoor. In tegenstelling tot veel andere kantoren is de rechtspersoon niet in een naamloze of besloten vennootschap gegoten.
,,De partners verdienen niet meer dan hun collega’s die geen aandeelhouder zijn,’’ vertelde Peter met gepaste trots. Nou is dat ook niet echt nodig want de partners krijgen natuurlijk wel dividend uitgekeerd. Zo lang er winst is natuurlijk, maar daar hoeven we niet over in te zitten. De Haan draait namelijk uitstekend en mag zich rekenen tot de top twintig in Nederland.

Foto vlnr Kornelis de Vries (arbeidsrecht), Folly Postma (bestuursrecht), Anne Henk van der Wal (agrarisch recht), Mark Jonker Roelants (vastgoedrecht), Peter van Dijk en Siebe Swart (allround).

Miss Natuurbeheer Tineke de Vries, auteur Josefien Oude Munnink en gedeputeerde Johannes Kramer.

Predatiefrustratie

HARICH – Het bekt mooi – predatiefrustratie – maar was niet het onderwerp waarvoor Particulier Natuurbeheer Fryslân bijeenkwam. De bedreiging van vogels door roofdieren brengt wel ‘argewaasje’ teweeg. In landgoed-hotel Welgelegen, waar de particuliere natuurbeheerders bijeenkwamen, zei de Friese gedeputeerde Johannes Kramer het predatieprobleem te delen. Daarop reagerend kreeg Geert Peenstra, natuurbeheerder in het gebied Soarre Moarre bij Akkrum, dan ook veel bijval voor het idee om een film te maken waarin de emotie van vogels in de natuur in beeld wordt gebracht. Centraal stond overigens de presentatie van een boek over particulier natuurbeheer in Fryslân. Auteur Josefien Oude Munnink, wonend met haar partner Theo van Nood op it Eilân bij Grou, stelde een kleurrijk palet samen van de Friese particuliere natuurbeheerders. De pareltjes, ‘waar ze geen landschapspijn van kreeg’, beschreef Josefien in het fraai geïllustreerde boek ‘Natuur in eigen hand’. Weinigen weten overigens dat natuurgebied het meest door particulieren wordt beheerd. Merkwaardig, volgens Josefien, is dat bij de gevestigde organisaties een hardnekkig wantrouwen bestaat jegens de boeren, burgers en buitenlui met hun meer of minder grote natuurpercelen. In dat kader geldt Tineke de Vries als ‘miss natuurbeheer’.
,,Met mijn man Jan Henk van Dijk, verliet ik Sneek in 2007 om, met steun van de provincie, bij Elahuizen een natuurgebied van 15 hectare te beheren,’’ zo verwoordde Tineke de eerste stap. Met Romke Kinderman, die in 't Bûtenfjild bij Veenwoudsterwal 10 hectare laat groeien en bloeien, richtte zij vervolgens het Natuur Collectief Friesland op; ‘een club van eigenwijze mensen met particulier natuurbeheer als passie´.
,,Ook zij verdienen de ruimte,’’ aldus de in ‘zijn’ Gaasterland sprekende gedeputeerde Kramer. Hij liet weten dat er voor de provincie letterlijk en figuurlijk nog een terrein braak ligt.
,,Er moet namelijk nog 1.500 ha worden aangekocht om de mens dichter bij de natuur te kunnen brengen.” Noodzakelijk, gehoord de samenvatting van de tafelgesprekken die er op volgden. Daaruit kwam, zo stelde natuurboer Auke Stremler van het bij Jorwert gelegen Skrins, ook naar voren dat kinderen al op de basisschool meer bij ‘de natuur in het veld’ moeten worden betrokken.

 

Harry van der Molen en Isabelle Diks: twee Leeuwarder wethouders die voor Den haag kozen.

En weg is snelle Harry

LEEUWARDEN – De manier waarop en de snelheid waarmee Harry van der Molen (37) als Leeuwarder CDA wethouder handelde, zijn – zo werd tijdens zijn afscheid gesteld – bij de jongste Tweede Kamerverkiezingen niet onopgemerkt gebleven. Daarbij gevoegd dat hij als jonge christendemocraat al eens met de toenmalige premier Jan Peter Balkenende om de tafel zat, deed burgemeester Ferd Crone al bevroeden dat Van der Molen ‘wel een keer naar Den Haag zou vertrekken’.

‘Weg is snelle Harry,’ aldus Crone na drie en een half jaar samenwerking in het college van b en w.

Harry: ‘Wat ik hier ga missen is de strijd tegen sociale armoede onder de kinderen en de inzet voor dorpen en wijken met behulp van een speciaal gemeenschapsfonds èn de gemeentelijke dienstauto.’

Foto: Harry van der Molen en Isabelle Diks: twee Leeuwarder wethouders die voor Den haag kozen.

 

Twee vroegere schaatsmatadors: Yep Kramer, de vader van Sven, en Jan Ykema, organisator van de Zilveren Bal.

Schaatsspeedway

LEEUWARDEN – Waren het in Thialf de ijsspeedwaycoureurs die daar op spectaculaire wijze in actie kwamen, in de Leeuwarder Elfstedenhal gingen de schaatsers als speedwayers volop aan de bak over een afstand van 100 meter. Dat was in de nadagen van het schaatsseizoen; precies op de dag waarop het eerste kievit broedsje werd gevonden, Piet Paulusma nog vorst aan de grond aankondigde en waarop de Tweede Kamerverkiezing in volle hevigheid heerste. Evenals vorig jaar liet Jan Ykema – hij won bijna 30 jaar geleden als sprinter Olympisch zilver in Calgary – weer veel dames en heren met gestaalde spierbundels in de schaatsbroeken om de Zilveren Bal strijden. Onder wie de uiteindelijke winnaars (resp. 1, 2 en 3) bij de heren Dai Dai Ntab, wereldkampioen Kai Verbij en Jesper Hospes en bij de dames Floor van den Brandt, Dione Voskamp en Michelle de Jong. De zilveren trofee vormt een afgeleide van de Gouden Bal waar al vanaf de 17e eeuw om wordt gestreden als er natuurijs rond de Prinsentuin ligt.

Het schaatsfestijn vormde met het kort daarop nog volgende ‘belslydzjen’ (arresleewedstrijd) de afsluiting van een druk seizoen in de Elfstedenhal.

‘We hebben als een tierelier gedraaid,’ zei directeur Johan van der Kooi breed glimlachend.

Foto: Twee vroegere schaatsmatadors: Yep Kramer, de vader van Sven, en Jan Ykema, organisator van de Zilveren Bal.

 

De stuurgroep van het netwerkevent GIFT: Vlnr Ciska Bari, Chris Kalsbeek, Ard de Graaf, Douwe Kiestra, Monique van der Meulen, Monique Rienks en Marjon Hakse

Meer dan een GIFT

LEEUWARDEN – ‘Wer mear,’ zei Douwe Kiestra, voorzitter van de stuurgroep van het netwerkevent Get Inspired Foar de Takomst (GIFT) ten bate van het Ronald McDonald logeerhuis bij het MCL. Het bedrag – € 16.000 – mocht ook hoger zijn dan de voorgaande keer. In het WTC Congrescentrum waren namelijk beduidend meer bezoekers (175). ‘Dat is mede te danken aan de mediacampagne, waaraan Okkinga Communicatie en de Noordelijke Dagblad Combinatie hun medewerking verleenden,’ zo verklaarde logeerhuis-manager Chris Kalsbeek het succes van de vierde editie. In het kader van ‘Dromen, durven, doen’ beet gedragswetenschapper en publicist Ben Tiggelaar de spits af met zijn stelling dat een pijnlijke ervaring langer blijft hangen dan een plezierige gebeurtenis.
Onderdeel van de door dagvoorzitter Marijke Roskam geleide bijeenkomst was voorts de door Douwe Kiestra geveilde stukken: een ingelijst Cambuurshirt, adoptie van een kunstkoe in het logeerhuis en een schilderij van de door zijn trouwe hondje vergezelde Bonny Dijkstra. In totaal werd daarmee € 3.100 gescoord. Het zou geen netwerkevent zijn zonder versterking van de inwendige mens in restaurant Elevé. Daar zwaait Ifaf Boughammoura, de opvolger van Thom van der Heide, nu de scepter in nauwe samenwerking met manager Willy Stiekema van het zalencomplex. Wie bleef is chef-kok Gilbert van der Heide.

Foto: De stuurgroep van het netwerkevent GIFT. Vlnr Ciska Bari (eventmarketeer), Chris Kalsbeek (logeerhuismanager), Ard de Graaf (directeur Cambuur), Douwe Kiestra (voorzitter en commercieel directeur Strukton Worksphere), Monique van der Meulen (vrijwilliger RMcD huis), Monique Rienks (Buro Mpower) en Marjon Hakse (Welkom bij WIL).

De stuurgroep van het netwerkevent GIFT: Vlnr Ciska Bari, Chris Kalsbeek, Ard de Graaf, Douwe Kiestra, Monique van der Meulen, Monique Rienks en Marjon Hakse

De schipbreuk van Trump in Makkum

De schipbreuk van Trump in Makkum

MAKKUM – Dertig jaar geleden leerde Friesland de nieuwe Amerikaanse president Donald J. Trump kennen. De destijds 42-jarige beroemde projectontwikkelaar uit New York werd klant van scheepswerf Amels in Makkum. Those were the days! Het waren spannende, Amerikaanse tijden. Trump liet een jacht renoveren, hij liet er daarna een bouwen en toen hij zijn rekeningen niet kon betalen nam hij de werf over en verkocht hij die enkele weken later door… Dit ging de verbouwereerde Friezen een brug te ver. Zo’n opportunistische manier van zakendoen was niet eerder in onze provincie vertoond.

In 1987 had Trump het superjacht Nabila van de beruchte Arabische wapenhandelaar Adnan Khashoggi gekocht en hij liet het schip, dat werd herdoopt tot de Trump Princess, door Amels vernieuwen. In de ‘Kathedraal van Makkum’, zoals de werf in de volksmond werd genoemd, werd het werk verricht. Een klus van omgerekend € 80 miljoen. Maar in de ogen van Trump bleef het een tweedehandsje en dus bestelde hij twee jaar later het duurste jacht ter wereld voor de lieve som van € 180 miljoen. In Makkum waren ze wel wat gewend, maar deze opdracht sloeg alles. Orders moesten worden afgezegd of uitgesteld om deze klus te kunnen voltooien.

De naam van dit nieuwe speeltje werd de 126 meter lange Trump Princess II, want alles wat Trump doet of koopt draagt zijn naam. In tijden van zakelijke tegenspoed en opdrogende kredieten verloor Trump nogal eens bezit, maar de banken durfden zijn naam niet van de gevels te halen – en verlangden dat lopende projecten onder zijn naam werden voortgezet – om waardevermindering te voorkomen. Zo werd Trump een merk en dat is hij nog steeds. Het merk vertegenwoordigt waarde, zijn bedrijven minder dan het lijkt. Al doet Trump net als veel Quote 500-genoteerden zijn uiterste best op papier zo rijk mogelijk te zijn. Zo spande hij een proces aan tegen zijn biograaf Wayne Barrett omdat hij in zijn boek Trump op 700 miljoen dollar had gewaardeerd waar het volgens de zakenman 4,5 miljard had horen te zijn.

Amels had al naam in jachtbouw en dat was de reden dat Trump in Makkum belandde. Omdat het eerste project naar tevredenheid was opgeleverd (Trump: ‘You guys did a great job’) volgde een nieuwe opdracht. Trump kwam als geroepen want Amels had in de slechte economische jaren tachtig weinig werk in portefeuille. In 1987 was een faillissement na drie mislukte reorganisaties onafwendbaar ondanks dat een jaar eerder een prestigieuze opdracht was uitgevoerd in de vorm van een replica van het VOC-schip ‘Prins Willem’ voor de toeristenattractie Holland Village in Nagasaki. Een project waar de wereldpers op afkwam. Dat Amels ten onder ging was ook een reden voor Trump om juist daar zijn heil te zoeken. Hoe dan ook, door Trump werd de werf, toen in handen van de Britse beleggingsgroep CTS, nieuw leven ingeblazen. Dit tot opluchting van de gepensioneerde Wibe Amels die samen met broer Douwe de in 1918 opgerichte familieonderneming had geleid.

Van een leien dakje ging de monsterorder echter niet. Werf De Biesbosch in Dordrecht kon de opleveringstermijn van het casco niet halen en dat is kat in’t bakkie voor een man als Trump, die subiet ophield met betalen. Dat kwam hem goed uit want ook met de vastgoedmagnaat gingen de zaken slecht. In het vastgoed incasseerde hij grote verliezen, zijn peperdure casino Taj Mahal in Atlantic City moest per dag 1,3 miljoen dollar omzetten om quitte te draaien, wat bij lange na niet lukte, en de scheiding van zijn toenmalige vrouw Ivanka was een financieel bloedbad. In die tijd volgde ik als verslaggever van De Telegraaf de Trump-story en had ik nauw contact met Trumps rechterhand Jeffrey Walker. Dat was voor mij als journalist andere koek dan de toch wat stijve, terughoudende Friezen. Walker was altijd bereikbaar en mededeelzaam. Je kon gerust een afspraak met hem plannen in de Trump Tower.
Berichten dat zijn baas slecht boerde sprak Walker met klem tegen.
In de bekende Trump-taal zei hij: ‘Trump heeft al twaalf jaar succes. In de kranten staat dat hij nog 500 miljoen dollar zou bezitten. Ik weet dat het bedrag veel hoger is, maar 500 miljoen dollar blijft veel, vind ik. Dan kun je toch niet spreken van financiële problemen. Amels is solide en Trump is solide.’
De werf overnemen om de bouw van het jacht veilig te stellen of om er juist handig van af te komen, was volgens Walker evenmin aan de orde.
Hij liet mij weten: ‘We willen ’s werelds meest luxueuze jachten in Makkum bouwen. We zijn heel serieus bezig. Amels is niet te klein. De komende tijd gaan we de werf uitbreiden en 20 miljoen investeren. We willen in Friesland jachtgeschiedenis schrijven. Amels is daartoe in staat. We kennen de mensen, die borg staan voor kwaliteit. Het is een prettige ervaring hier te zijn. De arbeidsmoraal in Nederland is hoog. Iedere keer dat ik hier ben zie ik met plezier het vakmanschap van de mensen. Daarom was het een gemakkelijke beslissing. En de Friezen kunnen gerust zijn, we bouwen hier geen wolkenkrabbers, maar we zetten een rijke traditie voort.’

Grote woorden die uitkwamen als het om de toekomst van de werf ging, maar niet wat betreft de inbreng van de Trump Organization die eenvoudig van de verplichtingen af kon. Directeur Cor Smits van Amels was vooralsnog naïef en had alle vertrouwen in de nieuwe eigenaar.
Hij zei: ‘Ik durf te stellen dat je meer aan de woorden van Trump hebt dan aan een stuk papier (…). Ook ben ik ervan overtuigd dat we het internationale centrum van de luxe jachtbouw zullen worden, zoals bij Trump alles het grootste en het beste moet zijn.’

Inderdaad werd Amels toonaangevend in de wereld van zeer luxe jachten. Zeker nadat Koninklijke De Vries Scheepsbouw de werf Amels in 2005 had overgenomen. Amels mag worden gezien als een scheepsbouwmeester in de traditie van de glorie van de fluitschepen die in de Gouden Eeuw voor de VOC de wereldzeeën bevoeren.

In 1990 was Amels een rijp appeltje dat voor het oprapen lag. Door te dreigen met claims vanwege de vertraagde bouw kon de vleugellamme Trump Organization Amels voor € 3,6 miljoen overnemen – daar kon je nog niet eens de gordijnen, kussens en vloerbedekking van het schip van betalen – om de werf vervolgens zes weken later door te verkopen. Daarna werd Amels bezit van scheepsbouwer Kommer Damen die het bedrijf in 2005 weer van de hand deed. Later verkocht Trump ook zijn jacht, een van de weinige bezittingen waar hij als ‘stenenman’ emotioneel afstand van kon doen. Al snel klauterde hij weer bij de wal op. Aan zijn zelfvertrouwen zal een zakelijke miskleun trouwens nooit knagen. Trump is een winner. He takes it all.

 

Directieleden  René Visser en Ron Kleinsmit van Portena Logistiek

Portena Logistiek groeit door

HEERENVEEN/DRACHTEN – Portena Logistiek in Heerenveen heeft Bulstra Transport in Drachten overgenomen. Beide bedrijven zijn gevestigde namen in de logistieke wereld en vrijwel even oud; Portena is in 1932 opgericht en Bulstra in 1929. In omvang verschillen de bedrijven meer. Portena is qua omzet, medewerkers, warehousing en materieel ruim vier maal zo groot.

Volgens de directie van Portena past Bulstra uitstekend binnen de logistieke dienstverlening van de onderneming.
Algemeen directeur René Visser: ‘Bulstra is een specialistische distributeur die met name actief is in de markt tussen pakketbezorging en grotere zendingen. Hun zendingsvolumes zijn overwegend kleiner dan die van ons. Daar is ook hun vloot op toegerust. Wij willen in dit segment groeien om ons breder en sterker te positioneren. Het marktbeeld is dat zendingsvolumes kleiner worden en in aantal toenemen.’

Door de overname verschaft Portena zich een nog betere dekking in de fijnmazige distributie in het Noorden.
‘Daardoor wordt onze positie landelijk ook versterkt omdat Portena als de Hub van het Noorden wordt gezien. Wij vormen de perfecte uitvalsbasis voor dit landsdeel,’ aldus Visser.
Om die reden is Portena bezig met een strategische oriëntatie in andere delen van het land om goederenstromen viceversa te intensiveren. Nu al heeft het bedrijf specifiek voor transport en distributie van levensmiddelen een vestiging in het Waardenburg. Omvang en netwerk zijn belangrijke factoren. Meer overnames worden niet uitgesloten.
Operationeel directeur Ron Kleinsmit: ‘Deze overname past perfect bij onze koers vooruit en is voor ons hét moment om verder naar de gewenste schaalgrootte te groeien.’

Portena is sterk in food en consumentenartikelen. Het bedrijf is de grootste fietsendistributeur van Europa. Portena telt ruim 200 medewerkers (Bulstra ruim 40), 100 trekkende eenheden (Bulstra 32) en heeft een jaaromzet van meer dan € 25 miljoen (Bulstra € 6 miljoen).
Sibout Bulstra blijft voorlopig aan om een soepele transitie tot stand te brengen. Volgens hem was aansluiting zoeken bij een grotere partij noodzakelijk om in de veranderende wereld van transport het voortbestaan van het bedrijf en de werkgelegenheid te kunnen garanderen.

Foto:

 

Kostwinning,  Hans van den Brug: ‘Als mensen van ons fouten maken doen ze het goed’

Kostwinning, Hans van den Brug: ‘Als mensen van ons fouten maken doen ze het goed’

Leeftijd: 55.
Geboorteplaats: Drachten.
Woonplaats: De Wilgen.
Burgerlijke staat: Gehuwd met Henrike, 3 kinderen van 17, 18 en 21.
Opleiding: havo, heao en economie aan de Rijksuniversiteit Groningen
Functie: Algemeen directeur van de VDB Groep met participaties in Autoland van den Brug (VW, Audi, Skoda, Seat), Friesland Lease en twee schadebedrijven.
Werk/carrière: Gestart bij Bührmann-Tetterode.
Locatie: Grand Café 1834 Tjaarda Oranjewoud.
Chef-kok: Wim Koning.
Bediening: Riekele Heida.
Interview: Albert van Keimpema.

ORANJEWOUD – Hans van den Brug is niet het prototype van een autodealer. In zijn jeugd zat hij liever in een zeilboot dan in een auto, hij is doctorandus in de economie, hij was als dienstplichtige marineofficier, hij startte zijn werkzame leven als managementtrainee bij Bührmann-Tetterode en kwam aldus in de kartoninndustrie in Noordoost-Groningen terecht en in zijn showrooms staan naast auto’s ook e-bikes. Verder is hij als medeaandeelhouder van GroenLeven betrokken bij zonne-energie. Duurzaamheid is een belangrijk thema voor de maatschappelijk betrokken ondernemer, maar zijn engagement combineert hij met een nuchtere kijk en een pragmatische aanpak.

Pas op zijn dertigste kwam Hans in het familiebedrijf. Voorbestemd was hij niet.
‘Ik heb nooit gepoetst, stond nooit in de showroom om auto’s te verkopen. Ik leefde mijn eigen leven,’ zegt hij.
Of hij geschikt is voor de autobranche?
‘Mwah. Heit moet weleens getwijfeld hebben. Dat denk ik vast, hoewel hij erachter stond dat ik studeerde, de wereld verkende en hij vond dat ik elders aan de slag moest voordat ik in de zaak kwam, maar ik ben nooit gepushed.’
Van jongs af weet Hans wat het is, enige zoon in een familieonderneming, de derde generatie. Steevast luidde een begroeting met de opening: ah, Van den Brug, van VW. Een groot ego heeft hij niet: ‘Ik heb zeker geen hoge dunk van mij zelf, ben bescheiden. Ik hoef nooit op de voorgrond.’

Heb jij je ooit afgevraagd hoe de kost te verdienen?
‘Nee, ik heb alles op me af laten komen. Je moet de kansen pakken die voorbijkomen.’

Ben je met een gouden lepel in de mond geboren?
‘Zo lijkt het wel, maar dat valt wel wat mee. De autohandel is grillig. Je hebt goede en slechte tijden. Het is geen abc’tje om een autobedrijf te runnen. Komt bij dat wij niet verwend zijn en dat we een degelijke opvoeding hebben gehad. Het geld groeit ons niet op de rug, hield heit altijd voor.’

Geef je om geld?
‘De mooiste avonturen beleef je met het minste geld. Terug naar de basis. Nee dus. Als ik vandaag een grote zak geld binnenkrijg richt ik een fonds op voor het verzachten van klein leed. Een goed doel voor nooddruftige mensen.’
Een doel voor ogen heeft hij zeker. En micromanagement is niks voor hem. Hij is een man met een brede horizon, volgt de grote lijnen en geeft richting. En of je nu auto’s verkoopt of wasmiddelen, in wezen is er geen verschil.
Hans: ‘Onze business is ook geen auto’s, maar mensen. Dat geldt voor het hele commerciële leven. Zaken doe je met mensen.’

Samen met zijn zussen Gonnie, Ginie en Koosje is hij aandeelhouder van de onderneming, elk voor een kwart. Ongewoon, want de zussen zijn niet actief in het bedrijf. Meestal gaan de aandelen over naar de opvolger en wordt de naaste familie uitgekocht. Voor Hans is het echter geen probleem. Ze gaan harmonieus met elkaar om. Of zijn zoon, die Bedrijfskunde in Groningen studeert, in zijn voetsporen treedt is net als in zijn geval geen uitgemaakte zaak.
‘Maar hij zegt wel: heit, wat hebben wij een mooi bedrijf!’

Hij reist in een auto van jou?
‘Nee, hij gaat met de bus! Ik herken veel van mezelf in hem. Hij staat heel positief en relaxed in het leven en klaagt nooit. Hij woont in een hokje van drie bij vier en vindt dat ruim genoeg.’

Eenmaal in de zaak duurde het niet lang dat jouw vader uittrad.
‘Heit was directeur, mijn zwager Jan Ploeg, getrouwd met Gonnie, was adjunct-directeur, Bonno Veenstra was directeur van Friesland Lease en ik werd bedrijfsleider van de vestiging in Drachten. Dat waren wel wat veel kapiteins op het schip. Dat vond heit ook en toen is hij op zijn 67ste gestopt.’

Friesland Lease heeft de onderneming flink groter gemaakt.
‘Dit leasebedrijf is in 1973 opgericht. Een gouden zet. Wij waren onze tijd toen vooruit. Eerst was Friesland Lease een grote afnemer van onze auto’s, later is die koppeling losgelaten. Friesland Lease, waarvan de helft van de aandelen is verkocht aan Athlon, zet alle merken in de markt. Audi en VW hebben nu een aandeel van zo’n dertig tot veertig procent in de vloot.’

Autoleasing kan je ook kwetsbaar maken.
‘Dat hebben we gemerkt toen de Lehmann-bank omviel en de financiële crisis begon. Ik weet nog dat ik van vakantie terugkwam, van de zon naar de donkere wolken hier. Een cruciaal moment in onze bedrijfshistorie. Wij hadden de voorraden niet onder controle. Te veel nieuw en te veel occasions. De autobranche werd geconfronteerd met een kopersstaking. Landelijke leasebedrijven verloren miljoenen euro’s. Wij hebben in 2008 direct ingegrepen, eerder dan de rest. Beneden kostprijs stootten wij auto’s af. Je moet de durf hebben om je verlies te nemen. Er wordt wel gezegd dat dat je eerste winst is. Dat bleek. Wij konden daardoor sneller anticiperen op de markt dan anderen, 2009 en 2010 waren geweldige jaren voor ons.’

Hoe zat het met de mensen?
‘De sanering van de vloot betekende de grootste verandering binnen ons bedrijf. Er waren 21 verkopers. Ik zei tegen hen: we hebben twee keuzes, óf we reageren defensief en er moet een derde van jullie uit, óf we gaan ervoor. Het werd de laatste optie en dat is goed uitgepakt. Mijn formule luidde: e = k x a. Ofwel: effectiviteit, het plan, is het resultaat van kwaliteit maal acceptatie.’

Die wijsheid heb je zeker uit een managementboek? (Hans heeft een boek op tafel liggen: Handboek Betekenisvol Ondernemen)
‘Ik laat me de inhoud van managementboeken niet zomaar aanleunen, maar aan die formule hecht ik waarde, ja. Er was een omslag nodig en dan moet je mensen motiveren. Het creëren van een angstbeeld werkt niet, het schetsen van een positief beeld wel. Een verkoper zei toen tegen mij: jij komt niet uit de autowereld. Zo zag hij dat en niet ten onrechte. Maar ik antwoordde: als jij de koning bent van de brutowinst, ben ik de keizer van de nettowinst.’

Je ging anders leidinggeven?
‘Ja, ik stopte met een collectieve aanpak en ben de verantwoordelijkheden meer bij de persoon zelf gaan leggen. Als mensen van ons fouten maken doen ze het goed, want dan tonen ze initiatief en denken ze na. Wel ga ik er vanuit dat ze zich niet tweemaal aan dezelfde steen stoten.’

Heeft het sjoemelsoftwareschandaal negatieve invloed gehad?
‘Wij, importeur en dealers, wisten niet hoe het zat. We hebben wel onze mensen geïnstrueerd. Niet dat ze dachten: het zal bij andere merken ook wel zo zijn. Je moet altijd naar je zelf kijken, niet naar anderen.’

Ontwaar je wel eens fronsende blikken als klanten de elektrische fietsen zien staan?
‘Wij krijgen louter positieve reacties. Hoewel ik gek word van het woord duurzaam, hoef je geen helderziende te zijn om te onderkennen dat er aandacht voor het milieu moet zijn. Maar zonder geld verdienen kun je ook niks voor het milieu betekenen. Succesvolle ondernemers kijken trouwens altijd verder dan hun neus lang is, die zijn niet bekrompen en ze zoeken naar een balans in de maatschappij en in hun persoonlijk leven.’

Vlees of vis?
‘Vlees, karbonade. Jammer dat je die nauwelijks meer in restaurants kunt eten.’

 

Peter Karstkarel: 'Dag, mijn lieve moeder'

In de schijnwerpers: Peter Karstkarel, Auteur, historicus, neerlandicus, architectuurkenner
Item Grafcultuur in Friesland

LEEUWARDEN – Peter Karstkarel (72) heeft tientallen boeken op zijn naam staan. Ze handelen bijna allemaal over Friese cultuurhistorie en architectuur. Een opvallende uitgave is zijn laatste, het eind 2015 verschenen ‘Dag, mijn lieve moeder’ over de grafcultuur in Friesland. Zeker twee tot drie keer per maand trekt hij de provincie in om daarover te praten. De dood houdt de mensen bezig. Zijn jaren durende reis met zijn vrouw Klaske langs alle 480 Friese dodenakkers leverde bovendien tal van droevige maar ook smeuïge anekdotes op. En ook sommige namen vielen op, zoals de mevrouw die op Appelscha-Terwisscha begraven ligt: Rooks-Tabak.

Wat zette u aan om een boek over grafcultuur te schrijven?
‘Een uitgeverij had al eens het plan opgevat, maar de directe aanleiding was de restauratie van het protserige familiegraf van Van Limburg Stirum in Brongerga, Oranjewoud. Een serviceclub wilde dit regelen en van twee fondsen, het Prins Bernhard Cultuurfonds waarbij ik in de monumentencommissie zat en de Stichting Bouwcultuurfonds Friesland, werd een bijdrage gevraagd. Ik dacht: wat raar. Die familie leeft nog steeds en moet toch geld hebben voor een restauratie. Dat bleek en ze betaalden zeventig procent van de kosten. De aanvraag maakte me nieuwsgierig en ik toog naar Brongerga. Toen ik voorbij het talud van de grafkelder liep, viel mijn oog op vier eenvoudige graven en op een ervan stond ‘Dag, mijn lieve moeder’. Dit anonieme grafschrift ontroerde mij. Thuisgekomen zei ik tegen mijn vrouw: kom, we gaan een stukje rijden. Ik nam haar mee naar het graf zonder naam, zonder datum. Een graf als monument voor elke moeder van alle tijden.’

Heeft u ontdekt wie daar begraven ligt?
‘Ja. Het betrof een zekere Grietje Sevenster, gehuwd geweest met Arjen Miedema, een man van aanzien. Hun dochter Nel trouwde met een Kuipers en toen hij in1957 overleed kwam er nog een anoniem graf in Brongerga bij: ‘Jij, mijn man’. Vijf jaar later toen ik met een cameraploeg van Omrop Fryslân op het kerkhofje was bleken de vier graven tot mijn ontsteltenis te zijn geruimd. Zonde. Later gaf een man die een lezing van mij had bezocht een door hem zelf gehouwen zerkje aan mij met ‘Dag, mijn lieve moeder’. Hij was steenhouwer. Nu staat het zerkje bij ons in de kamer.’

Wat kwam u tegen op al die kerkhoven en begraafplaatsen?
‘Alles. Van een hondenbegraafplaats in Oranjewoud tot een drenkelingenbegraafplaats op Vlieland. Je wordt geconfronteerd met drama’s zoals de drie kinderen in Oudehaske die door koolmonoxide om het leven kwamen. Hele gezinnen die door epidemieën als cholera werden geveld. De laatste grote epidemie was de Spaanse griep in 1918. Achthonderd mensen in Leeuwarden stierven, in Harlingen slechts twee, zo lokaal heerste die ziekte. Meest schrijnend is het graf van Geertje Leenstra in Oosterzee die in 1912 door haar man, een predikant, van de brug in Spannenburg werd geduwd en verdronk. De drie kinderen waren volgens het grafschrift te jong om het zware verlies te beseffen. En dan de smartelijke kinderklacht op de steen van hun vader, de op 33-jarige leeftijd overleden Cornelis Gorter: Veel te vroeg reeds lieve vader ginkt Gij heen, wij konden U zo noode missen, nu zijn wij alleen.’

Namen doen het ook altijd goed. Nog wat saillants gezien?
‘Op de steen van Jaap Schriemer staat: Nea klaeije. In Nes bij Akkrum staan twee kleine zerkjes van mevrouw Klein en meneer De Groot. In Harlingen liggen Sije Willemsma en Willemke van Seijen. Bij de graven van beroemde Friezen blijf je natuurlijk ook even stilstaan. In Schingen ligt Isaac Hogerhuis, damkampioen Frysk Spul. Op zijn zerk staat een dambord en moest door anderen worden betaald omdat Hogerhuis erg arm zou zijn geweest. Later bleek er 35.000 gulden onder het bed in zijn arbeidershuisje te liggen. Achter veel stenen schuilt een verhaal. In Lekkum liggen de moordenaar en de door hem vermoorde vrouw op hetzelfde kerkhof, nog geen 80 meter van elkaar. Heerke Wester uit Kollum leefde 100 jaar, exact van 1800 tot 1900.’

Wat kunt u zeggen van de Friese grafcultuur?
‘Die is vrij eenvoudig. In de 19e en 20ste eeuw was er veel poëzie. Ik heb in totaal 640 grafdichten gezien. De laatste 30 jaar wordt opvallend vaak Fries gebruikt. Geen teloorgang te merken, de taal komt juist terug. Stadsfries heb ik niet gezien, het Bildts evenmin. En in het Stellingwerfs zag ik één steen; van de moeke van Johan Veenstra.’

U laat zich natuurlijk niet cremeren. Inspiratie gekregen?
‘Mijn wens is een graf bij het kerkje van Swichum.’

Wat komt er op de steen te staan?
‘Dat moet de langstlevende maar bepalen en zover is het nog niet. Iets van stukjesskriever of zo.’

 

Henk Angenent: ‘Toerrijders horen bij de magie van de Elfstedentocht’

Henk Angenent: ‘Toerrijders horen bij de magie van de Elfstedentocht’

Hemd van het lijf – Henk Angenent

WOUBRUGGE – Het is 20 jaar geleden dat de laatste Elfstedentocht werd gehouden. Nog twee jaar en dan duurt dit sportieve ‘interbellum’ langer dan de Elfstedentochtloze periode tussen 1963 en 1985. Winnaar Henk Angenent was op 4 januari present op de reünie van de tocht van 1997 in Hindeloopen. De voormalige spruitjeskweker is tegenwoordig druk in de paardenbusiness.

Geboren 1 november 1967.

Geboorteplaats Woubrugge.

Woonplaats Woubrugge.

Partner Sannah de Bruijn, drie kinderen: Boyd (17), Vince (12) en dochter Bhodi (10).

Opleiding Lagere en middelbare landbouwschool en daarna de praktijkschool voor de melkveehouderij in Oenkerk, mijn eerste kennismaking met Friesland, dat mijn tweede thuis is geworden.

Werk/carrière Ik ben altijd boer geweest en heb het bedrijf van mijn ouders overgenomen. Het is een gemengd bedrijf van veeteelt en akkerbouw. Omdat we onder meer spruitjes verbouwden ben ik in de media altijd als spruitjeskweker aangemerkt. Het boerenbedrijf is wat afgebouwd. Sannah en ik zijn ons vooral gaan toeleggen op het fokken en trainen van springpaarden. Allemaal merries die als ze een jaar of zes zijn worden verkocht. In het schaatsen ben ik nog actief met een eigen ploeg: Ormer ICT. Met mijn vriend Syb van der Ploeg ben ik aandeelhouder en ambassadeur van Fan Fryslân House, een bedrijventent die bij Birdaard langs de route wordt neergezet als er een tocht komt. Verder geef ik lezingen en clinics. Volop werk dus.

Geloof Nederlands hervormd, maar niet belijdend. Sannah is van huis uit rooms en onze kinderen zijn in de katholieke kerk gedoopt.

Politieke partij Ik heb altijd VVD of CDA gestemd. Dit keer was ik er lange tijd niet uit.

Hoogtepunt Mijn Elfstedenoverwinning natuurlijk. Ik zeg wel eens: ik heb twee levens, een vóór 1997 en het andere daarna. Verder zijn privémomenten heel belangrijk voor mij geweest; mijn huwelijk en de geboortes van onze kinderen.

Dieptepunt De breuk met TVM. Ik ben er nog steeds niet helemaal achter hoe dat nou kon. Er speelden meerdere belangen op de achtergrond. Verder was het missen van een medaille op het WK 10 kilometer in 2003 een domper; ik werd vierde.

Favoriete kunst Landschapsschilderijen.

Voorbeeld(en) Arjen Robben. Een man die veel tegenslagen overwon, die grote successen heeft gevierd en een wereldster is geworden, terwijl hij altijd dezelfde is gebleven.

Eten Spareribs. Vlees is goed voor een sporter.

Drank Wat alcohol betreft wijn. Ja, dat dronk ik ook tijdens mijn carrière. Niks mis mee, een glas wijn op zijn tijd.

TV Boer zoekt vrouw. Prachtig volk wat er aan meedoet.

Film Robin Hood, de bestrijder van het kwaad.

Artiest Gloria Estefan. Mooie vrouw, mooie muziek. Toen ik nog wel eens een disco bezocht werden haar nummers veel gedraaid.

Krant/tijdschrift Het Algemeen Dagblad en vakliteratuur over paarden en de agrarische wereld.

Boek Ik ben niet zo’n boeklezer. Een boek van Mart Smeets nog wel eens, als het over het wielrennen gaat.

Gadget Daar ben ik niet van op de hoogte. Wat dat betreft ga ik niet helemaal met de tijd mee.

App De weer-app.

Hobby’s Fietsen, schaatsen en paardrijden. Het laatste doe ik al m’n hele leven. Op m’n zevende kreeg ik een pony. Dat ik m’n brood er nu mee verdien is mooi meegenomen, net als met schaatsen. Ik heb eigenlijk nooit het gevoel gehad te moeten werken voor de kost. Ja, ik ben een bevoorrecht mens.

Sport(en) Behalve de genoemde sporten is dat ook voetbal. Mijn beide zoons zijn voetballiefhebber. Trainer Henk de Jong is bovendien een maat van mij geworden en een andere goede vriend, Albert de Jong, is voorzitter van Excelsior. Wij gaan naar bijna elke thuiswedstrijd van die club. Soms kom ik ook bij sc Heerenveen, dit jaar nog bij de wedstrijd tegen FC Groningen, samen met twee zonen van Wiepke van de Lageweg uit Beers, een goede relatie van mij uit de paardenwereld.

Vervoermiddel De fiets.

Auto Een Tesla, heel gaaf. Maar ik rij in een ?

Vakantie Niks doen. Ik heb een druk bestaan, alleen op vakantie kan ik luieren. Naar een zonnige bestemming, waar maakt niet zo veel uit. Wij hebben ook wel eens een cruise gemaakt.

Doen met een miljoen Een paar goede paarden kopen.

Blij van Een gelukkig gezin, dat de kinderen happy zijn.

Hekel aan Mensen die ze achter de ellebogen hebben.

Wat moet anders? Minder regels.

Over vijf jaar Hoop ik dat een van onze paarden tot de wereldtop behoort.

Elfstedenwinnaar of wereldkampioen Er gaat niks boven een Elfstedentocht. Wiepke zei het ooit treffend: een wereldkampioen herinnert men zich enkele jaren, een Olympische titel vier tot acht jaar en een Elfstedenzege heeft eeuwigheidswaarde.

Stempelen is zinloos Nee, dat moet blijven. Het hoort bij de Elfstedentocht. Wel moet duidelijkheid komen of tv-beelden leidend mogen zijn of niet. In 1997 werd Piet Kleine uit de uitslag gehaald omdat hij in Hindeloopen doorreed in plaats van zijn kaart aan te bieden, maar als daar geen beeld van was geweest was er voor hem niks aan de hand.

Wedstrijd van tocht loskoppelen Ook daar ben ik op tegen, alhoewel ik vroeger anders heb beweerd. De toertocht hoort bij de magie van de Elfstedentocht.

Minder Elfstedentochten door klimaatverandering? Ik denk van niet. Het wil nog steeds winteren. Van 2009 tot en met 2013 hebben we vijf NK’s marathon op natuurijs gehad, dat is nog nooit voorgekomen. Er zullen clusterwinters blijven zoals toen en in de jaren tachtig en negentig. Klimaatverandering is van alle tijden, waarmee ik niet wil zeggen dat we alles op zijn beloop moeten laten en dat er geen klimaatbeleid nodig is. Aan de andere kant moeten we niet overdrijven. Er is nog nooit zoveel ijs rond Argentinië geweest, hebben er nooit zoveel ijsberen – 25.000 – op de Noordpool rondgelopen en is de ijslaag op de Zuidpool nog nooit zo dik geweest. Ik verwacht in de jaren 2023-2025 een volgende tocht.

 

Ger Jaarsma werd beroepsbestuurder

Ger Jaarsma werd beroepsbestuurder

LEEUWARDEN – Ger Jaarsma dacht dat zijn toekomst in de wegenbouw lag, maar het liep anders. Hij werd beroepsbestuurder. En niet zomaar een. Sinds voorjaar 2016 is hij voorzitter van de NVM (Nederlandse Vereniging van Makelaars en Taxateurs in onroerende goederen), de eerste van buiten de beroepsgroep. Vanuit die functie is hij tevens lid van het hoofdbestuur van MKB-Nederland en plaatsvervangend lid van de Sociaal Economische Raad (SER). Verder is de 49-jarige Leeuwarder commissaris van Rabobank Leeuwarden-Noordwest Friesland, van het IMK (Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf), van Omrop Fryslân en Caparis. Dan nog is hij landelijk penningmeester van de VVD, wat een onbetaalde functie is.
Ik hoef niet de baas te spelen, maar ik wil wel graag de aanvoerder zijn. De voorzittersrol ligt mij nu eenmaal het best,’ zegt de man van het professionele pluche die de huren in de vrije sector de pan ziet uitrijzen en leden van zijn partij ziet wegstromen.

Voorheen was een bestuurder/toezichthouder iemand die op de achtergrond bleef, nauwelijks verantwoordelijkheid droeg en zich weinig kritisch opstelde. Dit is het profiel van het zogeheten ‘erebaantje’. Maar dit beeld is niet juist meer. Er is veel veranderd. Van een commissaris wordt betrokkenheid verlangd. En visie, daadkracht en scherpte. Hij moet tevens een bindende factor zijn. Er zijn nu zelfs opleidingen (Nyenrode) in toezichthouden. Het is een vak geworden. Je krijgt er centen voor. Er moet dus een prestatie tegenover staan.

Jaarsma’s achtergrond ligt in de schuldhulpverlening. Hij was van 2009 tot 2016 directievoorzitter van Kredietbank Nederland, die is ontstaan uit een fusie tussen GKB Friesland en Stadsbank Midden-Nederland.

Ger Jaarsma groeide op in Leeuwarden met twee broers die 13 en 6 jaar ouder zijn. Zijn ouders waren 45 en 39 toen ze hun jongste zoon kregen. Oudere ouders dus.
‘Ze waren van een heel andere generatie. Mensen die nog bewust de oorlog hadden meegemaakt. Mijn vader was rijksambtenaar en moeder ging later halve dagen werken bij de ABN. Modern voor die tijd. Mijn vader vond het eerst niks. Hij kwam uit een antirevolutionair nest. Ik noem mij zelf een agnost. Ik geloof niet in een God, maar er moet meer zijn tussen hemel en aarde. Wel wil ik moreel zuiver leven. Ik leg voor mijn handelen verantwoording af aan een hogere macht, wie dat dan ook moge zijn. Mijn vader is niet oud geworden. Ik was 16 toen hij overleed. Mijn broers waren het huis al uit. Drie jaar heb ik samen met mijn moeder gewoond. Zoiets vormt je. Ik werd vroeg volwassen.’

Na de MTS ging Jaarsma twee jaar aan de slag bij wegenbouwer KWS. Hij moest toen nog in dienst. Na 16 maanden eindigde zijn diensttijd in december en kon hij terugkeren bij KWS. Vanwege de winter moest hij drie maanden wachten voor hij aan de slag kon. Omdat hij geen zin had thuis te zitten werd hij na een ‘super relaxed’ sollicitatiegesprek – niks hoefde of moest immers – aangenomen bij Oomen (nu Maintec) waar hij technici uitzond. Hij kocht een pak, een stropdas en nette schoenen. Zo had hij er in de bouw nog nooit bijgelopen.
Het werk beviel hem: ‘In deze functie kwam samen wat uit een beroepskeuzetest naar voren was gekomen. Namelijk dat ik zowel technische als commerciële aanleg heb. Vijf jaar heb ik er als officiemanager gewerkt. De zaken gingen goed. Ik zette vestigingen op in Leeuwarden, Drachten en Sneek. Zodoende werd ik regiomanager Friesland.’

Hoe druk de baan ook was, Jaarsma vond de tijd om in de avonduren zijn HTS-diploma te halen en een doctoraal Bedrijfskunde in het specialisme Organisatie & Strategie aan de Open Universiteit. Plannen doet hij niet.
‘Mijn mentaliteit is: gewoon doen. Ik leef bij de dag.’

Omdat hij voor zijn baas genoeg geld had verdiend nam hij ontslag om zelf te ondernemen. Hij was tenslotte 27, er waren nog geen kinderen.
‘Ik ontmoette een Belg van 65. Hij had een fabriek in kozijnprofielen. Wij gingen een franchiseformule opzetten onder de naam All Window. Maar we pasten niet bij elkaar. Nederlanders en Belgen steken zakelijk anders in elkaar. Belgen doen zaken tijdens de lunch met een glas wijn erbij. Ze nemen de tijd. Nederlanders zijn directer, pinnen zich vast op afspraken. Kwam bij dat er een generatiekloof lag tussen ons. Binnen een jaar waren we uit elkaar. De zaak werd verkocht aan één van de franchisenemers en de naam bestaat nog steeds.’

Dat was een levensles. De volgende kwam snel daarna. Jaarsma ging met twee compagnons in keramiek. Dat kon mooi worden meegenomen uit Zuid-Europa en Noord-Afrika op de lege ritten van vee-exporteurs terug naar Nederland. De zaken liepen als een trein want iedereen wilde een mooie vaas in huis. Het was een trend en die houdt eens op. De drie gingen net een jaar te lang door en toen was het te laat: te veel voorraad in een instortende markt. De onderneming ging ter ziele.
‘Toen wist ik waarom de Aldi’s en de Lidl’s zo voordelig zijn.’

Ger Jaarsma ging gelouterd op eigen kracht door en ging zichzelf verhuren. In 2002 bij de GKB – de Gemeenschappelijke Krediet Bank in Leeuwarden – waar de directeur met pensioen was gegaan. De organisatie stond niet. Daaraan bouwen lag Jaarsma. De bank groeide in zeven jaar van 38 naar 100 medewerkers.
Jaarsma: ‘Door die groei vond ik dat er een nieuw bestuursmodel nodig was met een directeur/bestuurder. Voorzitter Arno Brok zei toen: wil jij dat dan niet worden?’

Daarnaast werd Jaarsma voorzitter van de stichting Schuldhulpverlening Voor Ondernemers (SVO) en van de landelijke brancheorganisatie NVVK. Kredietbak Nederland groeide naar een club van 240 mensen, maar ontkwam niet aan de crisis. Jaarsma zag zich genoodzaakt in de jaren 2011-2014 te saneren naar een omvang van 160 medewerkers.

In 2015 stopte hij. Zijn taak zat erop. Jaarsma ging nadenken en vroeg zich af: wat vind ik nou het mooist om te doen? Geen openbaar bestuur. De besluitvorming gaat hem daar niet snel genoeg. Voorzitter van een bond of van een branchevereniging, dat was het.
Hoe word je dat? Wel, jezelf aan dienen. Bijvoorbeeld bij headhunters. En solliciteren, liefst op verzoek.
Jaarsma: ‘Een goede ontwikkeling. Wat ik niet meer vind kunnen is coöptatie. Dat is al gauw vriendjespolitiek en kan leiden tot bestuurlijke inteelt. De NVM wilde iemand van buiten, een frisse wind. Iemand die een nieuwe dynamiek met zich meebrengt en met een gezond kritisch oog naar de organisatie kijkt. Ik werd voorgedragen en een selectiecommissie heeft mij gekozen. Het is een baan voor drie dagen. Ik sta niet op de loonlijst, maar stuur een factuur via mijn vennootschap.’

Het toezicht werkt in ons land, meent Jaarsma.
‘Toezichthouders en commissarissen worden op hun beurt gecontroleerd door aandeelhouders of ledenraden.’
Toch gaat er nog wel eens wat mis.
Jaarsma: ‘Dat kun je nooit uitsluiten, maar heeft ook te maken met de overgangsfase waar we nu in zitten. Er wordt nu vooral op toegekeken dat er kwaliteit in huis wordt gehaald.’
En waarom heeft hij zich laten leiden toe te treden tot de rvc van het altijd met negatieve publiciteit omgeven werkvoorzieningsschap Caparis?
‘Omdat het een prachtig, maatschappelijk zinvol bedrijf is dat winst draait en omdat er qua organisatie en directievoering werk aan de winkel is.’

Zijn uitdaging de komende tijd bij de NVM?
Jaarsma: ‘De huren in de vrije sector betaalbaar maken. Een van de instrumenten is dat gemeenten hun grond voor lagere prijzen verkopen aan institutionele beleggers. Hiervoor is een samenwerkingstafel opgericht waarvan Rob van Gijzel de voorzitter is. Een evenwichtige woningmarkt is economisch van groot belang.’
De rol van de makelaars is aan het veranderen, laat Jaarsma weten.
‘Van pandgericht naar klantgericht. Voorheen stonden de transactie en de courtage voorop, nu in toenemende mate het advies.’

Politieke ambities heeft hij nooit gehad. Dat Jaarsma op zijn dertigste lid werd van de VVD en via Herma Dijkgraaf in de lokale besturen kwam, vloeide voort uit een maatschappelijke insteek: de instandhouding van de democratie.
‘Je wil toch geen bananenrepubliek? Ik vind het belangrijk dat het liberalisme blijft bestaan. Dat moet je geld waard zijn als je de grondbeginselen onderschrijft. Zoals natuurliefhebbers bijvoorbeeld doneren aan Natuurmonumenten.’
Als penningmeester van de VVD ziet Jaarsma steeds minder contributies in de kas vloeien. Ooit in de tijd van Wiegel waren er meer dan 100.000 leden, toen Jaarsma vier jaar geleden in het bestuur kwam 33.000 en thans is het aantal geslonken tot 26.500.

Andere politieke partijen zien eveneens leden vertrekken. Geld is nodig voor het vormen en trainen van kader voor het openbaar bestuur. Komt dat in gevaar?
Jaarsma: ‘Talent opleiden en mensen rekruteren kost geld. Enige zorg is gerechtvaardigd en ik geloof niet in een eenpersoonspartij als de PVV.’
Flinke donaties zijn wat hem betreft welkom. Maar die moeten – boven de 4.500 euro – openbaar worden gemaakt.
‘Nederlanders denken al gauw dat er anders wat achter zit. Daar zijn we in ons land goed in: het verdacht maken van mensen, met name politici. Dat is niet goed voor het publiek vertrouwen in het openbaar bestuur. Ik heb trouwens geen problemen met die transparantie, hoor. Maar ik vind het niet vreemd dat er bemiddelde burgers zijn die een financieel aandeel willen leveren.’

 

Speedbooks Frisian Polo Trophy  onderdeel van Dutch Polo Tour

Speedbooks Frisian Polo Trophy onderdeel van Dutch Polo Tour

ORANJEWOUD – De grasmat van Landgoed Rijs waar de Speedbooks Frisian Polo Trophy wordt gehouden is officieel erkend als poloveld, het eerste in Friesland. Landgoedeigenaar Ule Haarsma ontving van organisator en topspeler Aki van Andel het certificaat van toetreding tot de Dutch Polo Tour en erkenning van de bond Polo Nederland.

Friesland is een belangrijke sportaccommodatie rijker. Polo begint in onze provincie vaste grond onder de voeten te krijgen. In 2016 werd de eerste editie gehouden en in september volgt de tweede. Een goed veld is van groot belang. Voldoet dat niet aan de eisen, dan komen de polospelers niet eens.
‘Ze nemen voor een kapitaal aan paarden mee. Die laten ze echt niet los in een knollentuin,’ zei founder Johan Schikker tijdens de kick-off in Tjaarda, een van de partners van het event.
Wel moet de organisatie haar best doen om de kwaliteit te handhaven, want de erkenning geldt voorlopig voor één jaar. Ule Haarsma liet weten dat men blijft investeren in een goede ondergrond. Dit jaar worden eventuele verzakkingen gerepareerd. De aanleg vorig jaar was stressvol, liet Haarsma weten.
‘Eerst was het te nat, daarna te droog. Maar er lag op tijd een topveld.’
Nu de Speedbooks Frisian Polo Trophy onderdeel uitmaakt van de Dutch Polo Tour staat het toernooi landelijk op de kaart en is het nog interessanter voor teams en voor sponsors.
Momenteel zijn Johan Schikker en zijn collega Virgil Hoekstra van het organiserende Landgoed Rijs druk bezig met de programmering voor 16 en 17 september. Nieuwe elementen worden daarin opgenomen, zoals een harddraverij over 300 meter, een springconcours, een slipjacht en op zondag een brunch/high tea. Zaterdags is er een assado, oftewel een Argentijnse barbecue die helemaal past in de traditie van de sport. Natuurlijk staat het Friese paard centraal in het showprogramma van de KFPS.

Waren vorig jaar alle wedstrijden op zaterdag, ditmaal worden die op beide dagen gehouden; de semifinals op zaterdag en de finals op zondag.

 

FJ Feest 95: La dolce vita in Friesland

FJ Feest 95: La dolce vita in Friesland

Wat Pasta e Basta.
Waar Landgoed Lauswolt.
Wanneer Vrijdag en zaterdag 3 en 4 februari.
Aantal gasten 260.
Wie Gastronomen, feestvierders, Lauswolt-fans en liefhebbers van la dolce vita.
Bijzonderheden Pasta e Basta is het concept van eigenaar Hans Duijf, een man met Friese (Terschellinger) wortels. Ditmaal was hij er niet bij omdat hij in Zuid-Afrika verbleef. Zijn Italiaans restaurant aan de Nieuwe Spiegelstraat in het kunstkwartier van hartje Amsterdam is een succesnummer.

BEETSTERZWAAG – Eén keer per jaar speelt het circus van Pasta e Basta zich af buiten de hoofdstad. Dan is Lauswolt het decor van eten aan lange tafels, een Italiaanse sfeer, de heerlijkste gerechten, prachtige muziek en een zingende bediening. Voor de zesde maal deed de equipe van Pasta e Basta Lauswolt aan. Net als voorgaande edities was het ‘full house’ op het landgoed. Het is een van de weinige evenementen in Friesland met een mediterraan temperament. Uitgebreid eten aan tafels waar de wijnflessen op blijven staan, want Italianen houden niet van afruimen. Die willen zien wat ze gedronken hebben.

Ard Schenk blijft in beweging

Ard Schenk blijft in beweging

BIDDINGHUIZEN – Twee rondjes draaide schaatslegende Ard Schenk op de ijsbaan FlevOnice in Biddinghuizen tijdens een reünie van oud-schaatsers. Het ging hem nog soepel af. Die prachtige lange slag heeft hij nog in benen. Wat wil je ook, Schenk schaatst elke week op de ijsbaan in Hoorn, hij fietst, hij crost regelmatig op zijn mountainbike door de duinen en hij doet wekelijks twee keer aan fitness.
Gevolg is dat de matador van weleer op zijn 72ste (!) nog steeds een adonis is en grote populariteit bij de dames geniet, zoals merkbaar was op het EK in Thialf waar hij aan Rintje Ritsma de naar hem vernoemde Oeuvre Award uitreikte.

Wat is zijn geheim?
Schenk: ‘Heel simpel, bewegen. Zitten is het nieuwe roken, wordt wel gezegd. En zo is het. Een mens zit al gauw te veel; thuis op de bank, op kantoor, in de trein, in de auto. Je moet actief zijn. Schaatsen is voor senioren een geschikte sport om te beoefenen. Tenminste, als ze dat van jongs af hebben gedaan en deze sport hebben onderhouden. Je kunt niet op je 75ste zeggen: laat ik maar eens beginnen met schaatsen. Dat worden ongelukken. Schaatsen is bovendien goed voor je omdat het balans en lichaamscoördinatie vraagt.’

Elk moment moet je aangrijpen om te bewegen, stelt Schenk.
‘Traplopen, fietsend of wandelend boodschappen doen of tuinieren. Je komt dan al genoeg in beweging.’
En geen excuses zoeken bij het voornemen om te sporten: ‘Je moet er even doorheen als het hard waait, regent of vriest. Zodra je beweegt heb je daar geen last van.’
Als ambassadeur van het schoolschaatsen geeft hij dus het goede voorbeeld en dan trekt hij tijdens clinics ook zijn baantjes. Hij heeft er als gepensioneerde de tijd voor, maar hij geniet er vooral van.

Wat opviel in Biddinghuizen en eerder ook op de reünie van de Elfstedentocht van 1997, is dat veel schaatsers die al dik in de veertig, vijftig of zestig zijn, in een puike conditie verkeren.
Schenk: ‘Ik verkeer onder schaatsers in goed gezelschap. Heel veel reünisten zoals Jan Bols en Marten Hoekstra zijn even actief als ik. Schaatsen is een natuursport en kweekt karakter.’
Met een beetje geluk, want dat heb je in het leven altijd nodig, kun je dan lang gezond en zelfstandig blijven.
‘Dat is de grote winst die bewegen kan opleveren,’ laat Schenk weten. Hij legt zichzelf nog flinke uitdagingen op, zoals fietstochten naar Denemarken en Zwitserland.
‘Mooi dat ik dat nog kan.’
Schenk is altijd bereid adviezen te geven, zoals aan Harm van der Pal (ook present op de reünie) die een licht herseninfarct kreeg.
‘Veel klachten hebben te maken met leefstijl. Negeer je die, dan zegt het lichaam: zoek het zelf maar uit.’

Maar niet alleen de fysieke gesteldheid is van belang, een mentale gezondheid is van even groot belang. Dat is trouwens een wederkerigheid. Wie beweeg steekt beter in zijn vel, wie gezond eet en stress weet te vermijden voelt zich lichamelijk ook fit. Samen met neuroloog Dick Swaab en neuropsycholoog Erik Scherder toert Schenk door het land. Hun hersengymnastiek trekt volle zalen.

Aan de lijn met Meindert Talma Zanger, muzikant en schrijver

ZUIDHORN – Meindert Talma (48) bracht op 5 maart zijn laatste voorstelling over de bijzondere dammer Jannes van der Wal, die in 1996 op 39-jarige leeftijd overleed. Tijdens de Zwarte Cross zal hij ook nog Jannes-nummers zingen, en op verzoek. Talma maakte indruk met deze productie. Verder is hij Wâlddichter (en Wâldsanger) van Achtkarspelen geworden. De liedjes die hij in dat kader schrijft gaan in première tijdens de maandelijkse optredens die hij met vrienden in de Kroeg van Klaas in Groningen en Neushoorn in Leeuwarden verzorgt. De nummers verzamelt hij op een cd die de eerste compleet Friestalige van zijn hand wordt.

Eerst Jannes. Heb je hem gekend?
‘Niet echt persoonlijk. Ik heb hem wel regelmatig gezien in het Groninger uitgaansleven en we ontmoetten elkaar in de mensa. Hij was een bekende stadsfiguur. Ik heb veel over hem gelezen. Zodoende wist ik veel over zijn leven en was ik in staat deze voorstelling te maken. Het is een show met een vijfmansband. Zang en tekst lopen synchroon.’

Hebben jullie overeenkomsten?
‘Ik denk van wel. Beide eigenzinnig, wij gaan ons eigen gang. Verder zijn we opgegroeid in dezelfde streek. Jannes in Driesum en ik in Surhuisterveen. En we hebben beide in Groningen gestudeerd. Jannes wiskunde, dat hij na een jaar voor gezien hield, en ik geschiedenis.’

Was je ook een dammer?
‘Toen ik jong was heb ik veel gedamd. Dammen was een populaire sport in de Wouden. Later had ik er geen tijd meer voor. Wel vond ik het leuk de damsport via de media te volgen.’

Waarom heb je een voorstelling over hem gemaakt?
‘Omdat hij me altijd heeft geïntrigeerd. En omdat hij in 1956 is geboren en in 1996 is overleden. Dan is 2016 een mooi en toepasselijk jaar me creatief aan hem te wijden. Mijn fascinatie voor hem ontstond in 1982 toen hij in Brazilië wereldkampioen werd.’

En hij eenmaal in Nederland op tv werd geïnterviewd door Mies Bouwman. Historische televisie.
‘Jannes viel stil. De vraag hoe oud hij was vond hij zo onbeduidend. In het voorgesprek was hem dat ook al gevraagd. Mies doet dan een paar simpele pogingen tot een conversatie te komen.’

Was het van haar kant geen dommige ongemakkelijkheid?
‘Zo zie ik het niet. Ze is gehaaid genoeg en ze buitte het volgens mij juist uit. Ze wist dat deze beelden heel Nederland bij zou blijven. Er zaten miljoenen mensen naar te kijken.’

Werd Jannes niet miskend?
‘Hij stond bekend als de damclown. Dankzij mijn programma en de uitzending van Andere Tijden Sport is het beeld over hem bijgesteld. Jannes was een scherpzinnig man.’

Jij hebt de damsport onder de aandacht gebracht. Dat kan het dammen wel gebruiken.
‘Er is inderdaad veel publiciteit over geweest. De impact was groot. Grote stukken in de kranten.’

Wat vond de familie van jouw voorstelling?
‘Mooi. Jannes’ broer Harke was er bij in De Lawei. Op de 60ste verjaardag van Auke Scholma heb ik mem Tryntsje een cd gegeven.’

Hoe ga jij jouw rol van Wâlddichter invullen?
‘Ik woon in Zuidhorn en dus is het aardig om artistiek naar Achtkarspelen terug te keren en de gemeente op de kaart te zetten. Ik ga Friese verzen schrijven over allerlei personen uit het heden en verleden van Achtkarspelen. Een mooie gelegenheid om na twee jaar een Friese cd uit te brengen.’

 

Marijke Roskam ‘Ik wil niet in een hokje te stoppen zijn’

LEEUWARDEN/ROTTERDAM – Marijke Roskam (34) is een heel bezig bijtje. Ze is behalve station-voice bij BNR Nieuwsradio ook presentator, dagvoorzitter, debatleider, mediatrainer en communicatieadviseur en ze is hoofd communicatie van Floriade waar voormalig gedeputeerde Jannewietske de Vries de leiding heeft. Ze kan al die activiteiten verenigen omdat ze zelfstandige is. Marijke woont doordeweeks in Rotterdam met collega/nieuwslezer Walter Monster en diens zoontje van elf, terwijl ze weekends vaak naar Friesland afreist en in haar woning in Leeuwarden verblijft. Deze stoere Friezin met flair treedt in haar eigen woorden ‘met een flinke bak nuchterheid, humor en voor niks en niemand bang’ de wereld tegemoet.

Wat waren jouw plannen toen je 18 was?
‘De journalistiek en het presenteren zat er al vroeg in. Als meisje stond ik met een microfoon in de hand voor de spiegel. Toch heb ik lang gedacht dat ik later een baan in de zorg zou hebben. Maar het bloed kroop waar het niet gaan kon. Zo zat ik in de redactie van de schoolkrant en de dorpskrant. Maar mijn geld verdienen met vragen stellen? Ik wist niet dat dat ook kon. Ik ben geboren in Den Helder waar mijn vader bij de marine zat. Later verhuisden wij naar Blauwhuis. Daar ben ik opgegroeid. Zonder vader. Hij ontmoette een Australische vrouw en ging scheiden van mijn moeder. Vervolgens vertrok hij, toen ik zeven was, voorgoed naar Australië. Hij heeft amper naar ons om gekeken. Af en toe belde hij, we maakten wat grapjes en dat was het. Om die reden ben ik er zo fel op dat gescheiden ouders hun kinderen blijven zien. Het enige positieve wat ik over mijn vader kan zeggen is dat ik zijn genen heb. Hij is in Australië journalist en radiomaker geworden. Als correspondent versloeg hij – Wabe Roskam – koninklijke bezoeken en sportevenementen als het Australian Open en de Olympische Spelen. Radio maken deed hij trouwens al bij de marine tijdens lange reizen. Vanaf de boot zond hij verzoekplatenprogramma’s uit. Die leken op de uitzendingen van Good Morning Vietnam. Luisteraars konden de groeten overbrengen. Nu heeft hij een eigen studio op King Island, een eiland bij Tasmanië zo groot als de provincie Utrecht. Wat hij doet heeft wel een link met wat ik wekelijks doe op KX Radio, het webradiostation van Rob Stenders. Beetje met knoppen en audio pielen, we houden er beide van. Wij hebben wel eens contact via Facebook, maar een gevoel bestaat er niet tussen ons. Mijn vader heeft meer verdriet om een aangereden hond dan om de scheiding van ons. Mijn moeder kreeg later een vriend, Fons. Hij is op zijn 54ste overleden door een herseninfarct, ik was 18. Zijn dood was weer een klap voor haar. Gelukkig is er later een nieuwe man in haar leven gekomen, toevallig weer een Fons. Met hem ben ik zo blij. Ik heb mijn moeder in mijn tienerjaren gesteund, ik voelde dat ze dat nodig had. Ze heeft geen gemakkelijk leven gehad. Zwanger op haar achttiende, een man die met de noorderzon vertrekt, de dood van haar stiefman en dan ook nog een schoonzoon die na de scheiding met mijn zus zelfmoord pleegt. Mijn jeugd was af en toe Spartaans met een strenge stiefvader, mag ik wel zeggen, maar mooi. Hij bedoelde alles goed en hield erg van de natuur. Ik kijk er nu met plezier op terug.
Opgroeien in een dorp heeft voordelen, vind ik. Jongeren mogen er meer. Ouders daar laten hun kinderen vrijer dan ouders in de stad. Je krijgt al jong verantwoordelijkheid. Bovendien gaat iedereen er met iedereen om. Of je nu de huisarts bent, de boer of de klauwverzorger. Een dorp is sociaal in balans. Het mienskipsgefoel beleef je juist daar.
Blauwhuis is een actief dorp en ik deed in alles mee. Ik deed mee aan volleybal, was vrijwilliger op de jongerenclub, leidde kinderkampen, zat bij het toneel en ik schreef kerstvoorstellingen op school. Schitterend, je leert er veel van. Na de middelbare school ben ik sociaalpedagogisch werk gaan studeren aan de Friese Poort in Sneek. Dat zorgende zat er in bij mij. Ik wilde mensen met een beperking helpen en ik kreeg een baan in een woonvorm in Sneek.’

Wat is er van terechtgekomen?
‘Tsja, ik wilde meer. Ik ben nieuwsgierig, gedreven. Het moment was aangebroken om buiten de provincie te gaan. Ik ging journalistiek studeren aan Windesheim in Zwolle. In Kampen zat ik op kamers. Mijn moeder moest huilen toen ik vertrok. “Dan moast wol stikjes skriuwe”, zei ze. Ze zag het niet direct gebeuren dat je daar werk in kon vinden. En we misten elkaar, want we woonden echt samen. Gelukkig heb ik die stap toch gezet. Ik had het nodig om m’n vleugels uit te slaan. Na mijn opleiding kreeg ik direct werk, bij Omrop Fryslân. Daar heb ik zes jaar gewerkt. Tussen de bedrijven door was ik debatleider voor de Provincie Friesland. Maar weer bekroop me het gevoel dat ik de wereld in moest trekken. Ik ging in 2008 als verslaggever werken voor BNN. Een mooie start. Ik had nog nooit in de trein naar de Randstad gezeten. Bij BNN zat ik tussen populaire, hippe types. Ik voelde me niet direct thuis in deze andere mediawereld maar kreeg allerlei kansen, ging aan de slag als dj en nachtjock bij 3FM en als reporter bij Radio 2. Daarna volgde Omroep Flevoland. Een vreemde stap misschien, maar ik wilde me breder ontwikkelen en bij die omroep kreeg ik de kans om te presenteren.
Naast het journalistieke werk heb ik altijd commerciële klussen gedaan, zoals mediatrainingen aan ceo’s en dagvoorzitter zijn op congressen en seminars. Ik vind dat gewoon kunnen. Ik wil niet in een hokje te stoppen zijn. Als men mij inhuurt wil dat nog niet zeggen dat ik his masters’ voice ben. Dat zeg ik ook altijd vooraf: ik doe mijn werk en ik stel de scherpe vragen die ik wil stellen. Vanuit een kritische geest. Maar deze houding vormt nooit een beletsel. Ceo’s zijn vaak verkeerd getraind. Het is alsof ze in een keurslijf van teflon zijn geperst. Ze zijn onnatuurlijk, durven geen weerwoord te geven. Ik leer ze ontspannen te zijn, mededeelzamer te worden en een vraaggesprek op te bouwen. Als dagvoorzitter ben ik constructief om alles aan de orde te laten komen wat belangrijk is.
Nee, een vaste baan is niks voor mij. Geen zekerheid? Ik redeneer juist omgekeerd. De grootste zekerheid is dat je lot in je eigen handen ligt. Ik kan immers geen baan verliezen, ik hoef niemand te vriend te houden. Een georganiseerd gezin en een baby lijken mij nou onzeker. Er kan van alles misgaan. Ik heb het gezien dat iemand er alleen voor staat. Ik wil meerdere ijzers in het vuur hebben, werk me de rambam. Ik verdien inderdaad goed. Een bedrag met drie nullen bij zulke sessies ja. Ik vind het oneerlijk als ik zie hoe hard iemand in de zorg daar voor moet werken. Drie keer per jaar geef ik een gage aan een goed doel. En ik support andere ondernemers met kleine geldbedragen, omdat ik weet hoe hard werken het is in het begin.
Trouwen lijkt me niet nodig en ik wens uiteindelijk toch ook geen kinderen. Ja, ik lijd misschien aan een syndroom dat elke man vreemd gaat, dood gaat of weggaat. Ik heb veel ellende om me heen gehad. In Walter heb ik trouwens een man waar ik van kan dromen. Hij houdt van huiselijkheid, strijkt m’n bloesjes, maakt geweldig eten. En hij blijft. We hebben het heel goed samen.
Ik ben geworden wat ik wilde worden, wat ik het liefste doe: interviewen en presenteren. Net als dat meisje voor de spiegel.’

Timo Slump, Syb Osinga, Marieke Warmerdam en Ivo Krikke aan de boorden van het Pikmeer.

Na de brand nu een ‘Theepaviljoen’

GROU – Het afgebrande Theehuis Grou mag er dan niet meer staan, de zaken gaan gewoon door. Aan de steiger ligt namelijk een paviljoen op pontons van 18 bij 18 meter. Het gebouw meet 12,5 bij 18 meter. De helft kleiner dan het Theehuis, maar wat geeft het. Het terras aan de waterkant blijft trouwens in gebruik, dus er kunnen veel gasten worden ontvangen.
‘Het gevoel blijft,’ zeggen de uitbaters Timo Slump en Marieke Warmerdam.

De twee belandden na de brand in een, zoals zij het noemen, ‘een wervelstorm’ van emoties, meeleven en verzekeringszaken. Meteen wisten ze: we gaan door. En zo ontstond het plan voor het drijvend paviljoen, een ‘Theeviljoen’ waar je net als in het Theehuis kunt eten en drinken, van echte thee tot sterke thee.

Het hele dorp leefde mee. Veel mensen konden hun tranen niet bedwingen toen ze de smeulende resten aanschouwden. Het Theehuis, dat was Grou. De entree naar het water en omgekeerd de entree van het water naar het dorp. Grou bewees het mienskipsgefoel. Gezamenlijk werden de handen uit de mouwen gestoken. De roeidames, de leden van de voetbalclub en anderen hielpen mee om het paviljoen ‘op te leuken’. Ook de plaatselijke businessclub ondersteunde.
Voorzitter Ivo Krikke: ‘Er is ons veel aan gelegen dat de gastvrijheid hier blijft. Daar heeft heel Grou wat aan.’

Foto: Syb Osinga, Marieke Warmerdam, Timo Slump en Ivo Krikke aan de boorden van het Pikmeer.

Tjeerd van Bekkum, Pieter van Groos en Marja Krans voor de Philipsbrug.

Philips bruggenbouwer in Drachten

DRACHTEN – Hoe zou Drachten er uit zien als Philips, dat in 2016 het 125-jarig bestaan vierde, er niet was gekomen? De beslissing van het concern om een scheerapparatenfabriek in Drachten te openen, gaf een enorme stimulans aan de economische ontwikkeling en groei van de tweede ‘stad’ van Friesland.

Met tweeduizend medewerkers van 35 verschillende nationaliteiten biedt Philips hoogwaardige werkgelegenheid in de regio en is het bedrijf een innovatieve kracht binnen het Innovatiecluster. Philips is sinds 1950 een begrip in Smallingerland. Als eerbetoon heeft de gemeente om die reden besloten de nieuwe ophaalbrug in de Tjalling Wagenaarstraat de naam Philipsbrug te geven. Voorheen was daar ook al een brug maar die werd in 1966 overbodig toen de vaart aan het Molenend werd gedempt. Nu is dit vaarwater terug met de realisatie van het project Drachtstervaart.

‘Deze fabriek danken we aan de uitvinding van Alexander Horowitz, die in 1939 het roterend scheren, oftewel het droog scheren lanceerde,’ vertelde sitemanager Pieter van Groos. Met wethouder Marja Krans, net als zovelen in de gemeente kind van een Philips-werknemer, het naambordje op de brug. Ze noemde Philips een goede sociale werkgever die investeert in mensen.

‘Het bedrijf is altijd een bruggenbouwer in Drachten geweest,’ zei burgemeester Tjeerd van Bekkum toepasselijk.

Omke Jan herleeft in Woudsend

Omke Jan herleeft in Woudsend

WOUDSEND – Met een ouderwets handjeklap om een koe openden Jan Bles sr. en gedeputeerde Johannes Kramer een nieuwe uitspanning in Woudsend, Omke Jan geheten. Genoemd naar een oom van deze Bles en een oudoom van diens zoon Jan jr. Hij en zijn partner Nienke de Boer zijn een bijzonder avontuur aangegaan door de boerderij naast hun woning aan de Iewâl te kopen en om te toveren tot een grote herberg voor ite, drinke en sliepe.

Omke Jan moet een ‘boergondische ontmoetingsplek’ worden waar boeren en burgers weer aan één tafel komen, waar je eet zonder liflafjes of een halve bloementuin. Waar producten uit de omgeving komen. Met de oude melkboot aan de kade worden healmingels bij de boeren opgehaald om er de lekkerste yoghurt van te maken, het vlees komt van De Kempenaer in Echtenerbrug en Freerk Visserman vangt op de Hegermar, de Fluessen en de Sleatmermar skiere iel. Omke Jan haalt het beste van eigen bodem.

De familie Bles is een bijzonder slag. Het zijn vrijmoedige mensen die onbevangen in het leven staan, geen beren op de weg zien, laat staan een vijand achter een boom, als er al een vijand zou zijn. Jan Bles was directeur van de Frico, een alom bekende verschijning in de Friese zuivel en in de wereld van boeren en burgers. Hij en zijn Klazina Houwman kregen drie zonen: Beene en de tweeling Henk en Jan. Beene ging de melkdistributie in, Henk runt Bles Dairies, een wereldwijd actief bedrijf in vee-export, melkveehouderij en spermahandel met vestigingen in Leeuwarden, Broek, Afrika en Hongkong, en Jan heeft een mooie carrière opgebouwd bij FrieslandCampina. Hij zat in Oeganda toen Jan de Wolff belde dat de boerderij naast hem te koop stond. De transactie was in enkele uren ‘beslikke’. Jan ging eerst bij de buren langs voordat ze mochten denken dat er ‘sliepkeamers mei reade lampkes’ zouden komen. Drie jaar gingen de plannenmakerij en de realisatie duren. Niemand minder dan designer Piet Hein Eek (de man van de steigerhouten meubels) tekende samen met Iggie Dekkers voor de eigentijdse architectuur in een oude jas.

Wat er staat is in de geest van de echte Omke Jan (1888-1969), een man van gezelligheid, in smout praatsje en folk om de doar. Heit Bles, 85 maar verhalend vanaf de strobalen, schetste zijn oom.
‘Hij was een veekoopman en dat is wat anders dan een veehandelaar. Een veekoopman is een vertrouwensman die het beste met de boer voor heeft, die kan omgaan met de commissie die hem wordt toevertrouwd. Afrekenen deed hij bij voorkeur in het café, op zaterdag wanneer de boeren ook het melkgeld van de fabriek ontvingen aan de gelagtafel, een heilige tafel waar je niet zomaar aan kon zitten. Als mijn oom een boer had uitgekeerd zei hij steevast: segen mei’t jild. Vervolgens kreeg het omsittend laach een borrel aangeboden. Mijn oom was een man van eenvoud, zonder franje want dan hou je ’t langste vol, maar hij gaf kleur aan het leven. Niet door moppen te tappen, maar door getapte levenswijsheden.’
Met de drank moest je om kunnen gaan. Zonder smeermiddel ging het niet.
‘Mijn oom zei: hannel mei drank is min, hannel sûnder drank is noch folle minder.’
Jan moest blij zijn met zijn naam, vond zijn oom.
‘Hwant Jan en Manchester (de ribfluwelen broek) gean noait tenein, zei hij.’

De gasten werden verwelkomd met een glas rauwe melk van Romke Schaap. Bij de entree stond Gelske 135, een schitterende koe met een uier om te zoenen. Rustig stond zij in de bleek met een dek op de rug ter bescherming tegen een venijnige voorjaarswind. Het was een plaatje. Omke Jan zou het dier goed hebben verkocht op de markt in Sneek of Leeuwarden. En zich keurig hebben gehouden aan de afgesproken commissie. De koe is heilig in India, maar ook bij Omke Jan, waar Ús Mem een ereplaats heeft en fier staat afgebeeld op een wand in het restaurant.

 

Omke Jan in de avondschemering met links de graanmolen ’t Lam.
Omke Jan in de avondschemering met links de de houtzaagmolen De Jager..
Wie handelt om een koe, geeft er één toe. Links Johannes Kramer, rechts Jan Bles sr.
Wie handelt om een koe, geeft er één toe. Links Johannes Kramer, rechts Jan Bles sr.
Nienke de Boer en Jan Bles jr.
Nienke de Boer en Jan Bles jr.
Geld en romers op de gelagtafel.
Geld en romers op de gelagtafel.
Het echtpaar Fetsje Kleefstra en Henk Bles.
Het echtpaar Fetsje Kleefstra en Henk Bles.
Het stel dat de scepter zwaait in Omke Jan: Daryanto Jongman en Annick Booy. Zij exploiteerden voorheen Hjir is’t op Huis ter Heide.
Het stel dat de scepter zwaait in Omke Jan: Daryanto Jongman en Annick Booy. Zij exploiteerden voorheen Hjir is’t op Huis ter Heide.
Bert Visscher in rubriek Kostwinning Fries Journaal

Bert Visscher in Rubriek Kostwinning in nr. 96 Fries Journaal

SCHIERMONNIKOOG - Albert van Keimpema interviewt op het terras van hotel-brasserie Om de Noord op Schiermonnikoog cabaretier Bert Visscher. Lees het artikel voor de rubriek Kostwinning van het Fryslân Culinair Journaal in nr. 96 van het Fries Journaal, dat begin mei 2017 verschijnt.

Woudagemaal door andere bril

TACOZIJL – Bezoekers zien voortaan het Woudagemaal, het grootste nog werkende stoomgemaal ter wereld, in één oogopslag rondom en van binnen en buiten. De virtuele 360° tour is door minister Jet Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in gebruik genomen en biedt een bijzondere kijk op waterbeheer, techniek en industrieel erfgoed. Het Woudagemaal, daterend van 1920, staat op de werelderfgoedlijst van de UNESCO.

Foto: Paul van Erkelens, Jet Bussemaker en Woudagemaal-directeur Hilda Boesjes-Beljon tijdens de opening.

Piet Kleine drukte stempel op tocht 97

Piet Kleine drukte stempel op tocht 97

HINDELOOPEN – Afstempelen op een kaart is voor de wedstrijdrijders hinderlijk en lang niet altijd zuiver. Dikwijls wordt er in de hectiek maar wat gedaan. Stempels staan nauwelijks zichtbaar op de wedstrijdkaart, of op een handschoen, het schaatspak of ze ontbreken. Piet Kleine miste in 1997 in Hindeloopen de stempelpost. Dat werd geconstateerd door de wedstrijdleiding. Die besloot vervolgens om Kleine nog tijdens de tocht te diskwalificeren. Dat Kleine niet voorkomt in de uitslag deerde de wereldkampioen allround van 1976 niet. Immers, hij won niet. Maar wat als dat achteraf onverhoopt wel was gebeurd?
Het land zou wel eens te klein zijn geworden wanneer grote Piet dit lot als winnaar was beschoren vanwege de willekeur, want er zijn door de jaren heen veel meer deelnemers geweest die stempels misten. Bij een volgende tocht kan het stempelprobleem zich niet weer voordoen. De wedstrijdrijders schaatsen met een transponder waardoor ze automatisch bij de controles worden geregistreerd.

Foto: Toenmalig voorzitter Henk Kroes, Piet Kleine en rayonhoofd Wilt Kelderhuis.

Spectaculair hengstenbal Faderpaard

Spectaculair hengstenbal

LEEUWARDEN – Friese hengsten stalen de show op de jaarlijkse keuring van het Koninklijk Friesch Paarden Stamboek in WTC Expo, dat drie dagen vol zat. Kampioen werd Jurre 495 van Jelmer en Anita Chardon uit Jorwerd. Maar de aandacht ging evenzeer uit naar het prachtig samengestelde concert- en showprogramma Faderpaard tijdens Friesian Proms waarin behalve de artiesten het Friese paard de hoofdrol vertolkte. Met name het optreden van de Catalaan Santi Serra Camps sprak tot de verbeelding. Zonder teugels en leidsels en zonder zadel demonstreerde hij een vrijheidsdressuur met paarden, waaronder Friezen, die blindelings op hem vertrouwen. Camps fokt Friezen, die door hun elegantie en intelligentie zijn favorieten zijn. Onder de artiesten vielen de prachtmeiden van O’G3NE op; de zussen Lisa, Amy en Shelley Vol. Zij houden dit jaar de Nederlandse eer hoog op het Eurovisie Songfestival.

Foto: Voorbrenger Tim Kruijt en de eigenaren Jelmer en Anita Chardon met hun kinderen Sem en Fleur op de arm. (foto Marcel van Kammen)

Night zonder Glasblazers

Night zonder Glasblazers

HEERENVEEN – Na 20 jaar moet de Night Of The Koemarkt het zonder dweilorkest de Glasblazers stellen. De band van18 mannen en een vrouw, waarvan de naam is ontleend aan muziekgroothandel Van der Glas Heerenveen, gaat zich meer richten op shows in theaters, samenwerking met producers en internationale evenementen. Bestuurlijk blijven ze wel betrokken bij de Night, want Alle Kruizinga is nu voorzitter en Heleen Kamphuis doet de pr en marketing voor dat, vanwege vrije toegang, in Friesland unieke muziekevenement.
‘Getuige de 4.000 volgers op Facebook timmeren we er goed mee aan de weg,’ aldus de pr-vrouw. Zij het iets minder grootschalig dan vorig jaar bij de jubileumviering, krijgt het publiek op zaterdagavond 24 juni een aantrekkelijk promconcert voorgeschoteld met optredens van o.m. Erica Greenfield, Edward Reekers en Ronny Montero, begeleid door het A orkest van brassband Pro Rege onder leiding van Anne van der Meer. Op vrijdagavond er aan vooraf treden de Originals op, zaterdagmiddag wordt een muziekfestival XXL georganiseerd en nieuw is vooraf aan het avondconcert, een 10 kilometer lange nightwalk to the Koemarkt langs allerlei kunst, cultuur en sport uitingen.
Foto: Tom Mulder van café It Houtsje, Alvin Sibbald, Heleen Kamphuis en Alle Kruizinga.

De grote C van Club2018

De grote C van Club2018

DRACHTEN – Culturele Hoofdstad toert door de provincie. Om te laten zien dat het niet alleen om Leeuwarden draait. De hoofdstad is blij dat de reizende karavaan overal juichend wordt onthaald, dat de aandacht niet alleen op Leeuwarden is gericht. Moet je ook alles in je eentje organiseren, ben je overal verantwoordelijk voor. Doen ze slim, daar in Leeuwarden. Burgemeester Ferd Crone is evenmin onnozel. Hij laat overal zijn gezicht zien. Je zou bijna denken dat hij de nieuwe commissaris van de koning is. In het stadskantoor in Drachten, waar collega Tjeerd van Bekkum van Smallingerland de gastheer was, schudde hij vele handen.

Foto: Aftrappen in Drachten. Vlnr: Lieven Bertels (directeur KH2018), Ferd Crone, Gerlof Reijneker (Steinfort Glas), Gerrit Keen van hoofdsponsor ING, Tjeerd van Bekkum en sponsorintermediair Jan van Erve.

Boksgala Leeuwarden

Boksgala Leeuwarden

LEEUWARDEN – Zalen Schaaf is de mooiste accommodatie van Leeuwarden maar wordt schrijnend genoeg uit de markt gedrukt door het met miljoenensubsidies ondersteunde poppodium Neushoorn. Goochelaar Joop Fenstra ijvert voor het behoud van Zalen Schaaf dat een rijke historie kent van roemruchte concerten, bekende artiesten en variété. Als boksarena is er geen mooiere locatie denkbaar. De ring stond onder een imposante kroonluchter, het publiek zat er dicht om heen. Onder de boksers waren leden van Friese clubs als Frisia, De Wâldhoek en Sneek waardoor het evenement veel Friezen trok. De zaal was uitverkocht en de tijden van weleer met kampioenen als Rudi Koopmans, Lolle van Houten en Reino van der Hoek herleefden.

Foto: De organisatie op de eerste rang. Vlnr Henk van Zomeren (trainer), Frisia-voorzitter Siep Jan Riedstra, vrijwilligerscoördinator Eddo Steensma en penningmeester Frank van Zomeren.

De lekkerste Friese appeltaart

De lekkerste Friese appeltaart

ROTTEVALLE – Marion Kuil-Brandt uit Heerenveen bakt de lekkerste Friese appeltaart. Dat deed ze tijdens het jaarlijkse Oogstfeest van Stichting Fryske Frucht in De Herberg van Smallingerland in Rottevalle. Volgens juryvoorzitter en meesterkok Albert Kooy haalden de deelnemers een topniveau. Patrick den Hollander en Jordy Smids haalden de tweede en derde prijs. De bezoekers van het goed bezochte Oogstfeest konden tijdens diverse demonstraties door topkoks van Golden Tulip Tjaarda Oranjewoud, Het Spijshuys in Boornbergum, Landgoed Lauswolt in Beetsterzwaag, Het Ambacht in Heerenveen en De Herberg van Smallingerland volop proeven en inspiratie opdoen. Burgemeester van Smallingerland Tjeerd van Bekkum plantte ter ere van het feest een appelboom.
Foto: Marion Kuil-Brandt met haar winnende appeltaart en burgemeester Tjeerd van Bekkum. (foto Marcus van Gelder).

Meest markante horecaondernemer

Meest markante horecaondernemer

BEETSTERZWAAG – Haar derde keer als juryvoorzitter van de verkiezing ‘meest markante Friese horecaondernemer’ was voor de Leeuwarder wethouder Isabelle Diks ‘geen sinecure’. Daaruit, en uit reacties van de in landgoed Lauswolt geïnviteerde gasten, mocht worden afgeleid dat het een nek aan nekrace was voor de drie genomineerden. Geert Bosman ging met de hoogste eer strijken. Second best van de aanvankelijke dertien kandidaten werden Norma de Jong van grill en tapas restaurant Norma Serveert in Grou en Harold van Workum van de luxe Amelandse ‘strandtent’ Sunset.
Begonnen als melkboer in Balk, ondernam hij later een wereldreis van vier jaar, alvorens zich met compagnon Luberto Agricola in de horeca te storten. Inmiddels runnen zij samen op het Gemeenteplein restaurant 't Gerecht in het fraaie Oenemastate en grand bistro Het Postkantoor, met daarboven horeca-uitzendbureau Inzet.

Foto: Wethouder Coby van der Laan en Geert Bosman.

Onbeperkt in galop

Onbeperkt in galop

BEETSTERZWAAG – Om kinderen met een beperking letterlijk in het zadel te helpen, waren zo’n 100 ondernemers bereid om daar een dag voor in te ruimen doormiddel van deelname aan het Foppe Open golftoernooi. Evenals voorgaande keren hadden zij weer een BN’er in hun team. Uit de voetbalwereld waren Ronald de Boer, Jurgen Streppel, Willem van Hanegem, Ronald Waterreus, Gerald Sibon, Hans Vonk, Henk de Jong, de volleyballers Reinder Nummerdor, Jan Posthuma, Peter Blangé en de schaatsers Rintje Ritsma, Falko Zandstra en Jan Ykema. Het team Richard de Jong (Innovation IT consultants), Robert Kliphuis (directeur Rabobank Sneek-ZuidwestFriesland) en Henk Hanenburg (Lokaal 55 Sneek) voelde zich vereerd met de voormalig tophockeyster Marjolein Bolhuis in hun midden. Zij is een dochter van Hans Eijsvogel, de tandarts die landelijke bekendheid kreeg als paardensportverslaggever. Marjolein vertelde dat zij een zinvolle functie heeft als directeur van de landelijke stichting Spieren voor Spieren: ‘Meest recente mijlpaal is ons expertisecentrum voor Spinale Spier Atrofie; een ziekte waaraan nog steeds de meeste kinderen overlijden.’
Paralympisch dressuuramazone Rixt van der Horst uit Grou – zij won in Rio de Janeiro op haar back-up paard Caraat eenmaal zilver en tweemaal brons – vervulde in het restaurant van golf- en countryclub Lauswolt met verve haar rol als ambassadrice van het Foppe Fonds. Bij Geke, de vrouw van Foppe, had zij een aandachtig luisterend oor over haar Road to Rio.

Foto: Geke de Haan (l.) en de ambassadrice Foppe Fonds Rixt van der Horst, met in hun midden Mustafa Gumussu, fotograaf van het golfevent.

Art Diner in élevé

Art Diner in élevé

LEEUWARDEN – Voor de tweede keer organiseerde élevé een Art Diner, waarop ditmaal Randolph Algera centraal stond. Randolph is een veelzijdig kunstenaar die niet alleen prachtige schildert (magisch realisme), maar ook restaureert, decoreert en glas-in-lood maakt. Zo heeft hij de gebrandschilderde ramen van de uit de as herrezen Sint Clemens-kerk in Nes op Ameland gemaakt. Een schitterend kunststukje. Randolph heeft internationale prijzen gewonnen hij heeft dit jaar exposities in Sint Petersburg en New York.
Thom van der Heide wil van het Art Diner een traditie maken: ‘Culturele Hoofdstad bracht me op het idee. Kunst en eten passen bij elkaar. Je moet het proeven en ervan genieten.’

Foto: Randolp Algera (l.) met zijn partner Gabriëlle Westra (eveneens beeldend kunstenaar) en John Bonnema (zakelijk leider Culturele Hoofdstad) en Sander Rispens (manager cultuur gemeente Leeuwarden).

Foppe Open

BEETSTERZWAAG – Om kinderen met een beperking letterlijk in het zadel te helpen, waren zo’n 100 ondernemers bereid om daar een dag voor in te ruimen doormiddel van deelname aan het Foppe Open golftoernooi. Evenals voorgaande keren hadden zij weer een BN’er in hun team. Uit de voetbalwereld waren Ronald de Boer, Jurgen Streppel, Willem van Hanegem, Ronald Waterreus, Gerald Sibon, Hans Vonk, Henk de Jong, de volleyballers Reinder Nummerdor, Jan Posthuma, Peter Blangé en de schaatsers Rintje Ritsma, Falko Zandstra en Jan Ykema. Het team Richard de Jong (Innovation IT consultants), Robert Kliphuis (directeur Rabobank Sneek-ZuidwestFriesland) en Henk Hanenburg (Lokaal 55 Sneek) voelde zich vereerd met de voormalig tophockeyster Marjolein Bolhuis in hun midden. Zij is een dochter van Hans Eijsvogel, de tandarts die landelijke bekendheid kreeg als paardensportverslaggever. Marjolein vertelde dat zij een zinvolle functie heeft als directeur van de landelijke stichting Spieren voor Spieren: ‘Meest recente mijlpaal is ons expertisecentrum voor Spinale Spier Atrofie; een ziekte waaraan nog steeds de meeste kinderen overlijden.’
Paralympisch dressuuramazone Rixt van der Horst uit Grou – zij won in Rio de Janeiro op haar back-up paard Caraat eenmaal zilver en tweemaal brons – vervulde in het restaurant van golf- en countryclub Lauswolt met verve haar rol als ambassadrice van het Foppe Fonds. Bij Geke, de vrouw van Foppe, had zij een aandachtig luisterend oor over haar Road to Rio. Yke Faber, voorzitter van het Foppe Fonds, toonde zich uiteraard blij met het mooie bedrag van € 34.500 als opbrengst van de golfdag.
Nieuw in het kader van fondsenwerving is dat dankzij het samenspel met de businessclub OSSH bij elke thuiswedstrijd van Heerenveen elf stoelen voor € 750 worden aangeboden (JdK).

Foto: Geke de Haan (l.) en de ambassadrice Foppe Fonds Rixt van der Horst, met in hun midden Mustafa Gumussu, fotograaf van het golfevent.

ViaData slaat data op in echte cloud

ViaData slaat data op in echte cloud

SPANNENBURG – Na jaren van computeren en de enorme ruimtebesparing die dat op de kantoren opleverde, begint het te knellen: waar laten we de servers? Tientallen datacenters zijn er de laatste jaren gebouwd en de behoefte blijft groeien. Eén datacenter springt er, ook letterlijk, bovenuit: Toren Spannenburg van Via Data Automatisering in Heerenveen. Een betere locatie is niet denkbaar. Hoog en droog, veilig tegen een eventuele overstroming, tegen inbraak en een goede, natuurlijke koeling daar hoog in de lucht, wat een forse besparing in het stroomverbruik oplevert. Dus ‘groen’ is het datacenter ook nog want er wordt alleen windenergie ingekocht

De toren van Spannenburg aan het Prinses Margrietkanaal is in 1972 gebouwd als omroepzendmast. Rijksgebouwendienst was opdrachtgever want de gebruiker, de PTT, was een staatsbedrijf. De toren behoorde tot de noodinfrastructuur van ons land. Dat hield in: de communicatietoren mocht niet uitvallen. Niks werd bij de bouw aan het toeval overgelaten. De toren is sterker dan sterk. Zo wordt er niet meer gebouwd, en om de kosten al helemaal niet meer. De zichtbare hoogte is 118 meter, maar de hele betonconstructie (inclusief fundering) bedraagt 145 meter. Diep genoeg om er nog een antenne van 46 meter op te kunnen plaatsen, wat nooit is geschied. De toren is het hoogste gebouw van Friesland en laat de Achmea-toren (115 meter) net achter zich.

Eigenaar van de toren is Alticom die nog 32 andere mediatorens in het land heeft. Overal is het concept hetzelfde, maar Spannenburg hoort volgens directeur sales en marketing Robin Verlangen bij de vier groenste en is van het totale aantal van 155 communicatietorens ook de modernste. Een huurder had hij evenwel nog niet gevonden. Wel had Verlangen ViaData op het oog, maar het kostte enige moeite om in het contact te komen met directeur Robert Procee. Eenmaal ‘op de hoogte’ was hij meteen enthousiast.

‘Idealer kan het niet. Onze klanten willen dat hun eigen servers binnen een betrouwbare omgeving worden beheerd en het liefst in de eigen regio,’ aldus Procee.

Ruimte is er volop. ViaData heeft nu één verdieping in gebruik, maar dat kunnen er meer worden. Wel tien etages. Zo ver is het echter nog lang niet want op één rack passen 42 servers. In totaal kunnen er op een etage 500 worden gehuisvest. Een verdieping wordt door compleet voor de servers ingericht. Met name het koelsysteem (frisse lucht in en weer uit) is ingenieus. Veilig is de toren sowieso, maar ook op de grond en bij de entree doormiddel van hekwerken, camera’s, bewaakte toegang en vingerprintsysteem en pasjescontrole.

‘Een geweldige voorziening. Hier zijn we heel blij mee. Ik mag wel zeggen: een hoogtepunt in ons bestaan!,’ zo besloot mededirecteur Ytzen Terpstra van ViaData.

Foto boven: Robert Vermaat (Alticom) draagt symbolisch de sleutel over aan Robert Procee. Op de achtergrond kijken Ytzen Terpstra en burgemeester Fred Veenstra van De Fryske Marren toe.

 

Foto: De accountmanagers Werner Bergsma en Henk Smeding met Robin Verlangen (rechts) op de uitzichtring.

Foto: Productmanager Anne Fahner van ViaData showt de serverruimte.

Vastgoed moet energieleverend zijn

Vastgoed moet energieleverend zijn

LEEUWARDEN – De Friese vastgoedwereld liep er monter bij op hun jaarlijkse borrel, die net als in 2015 gehouden werd in restaurant élevé in Leeuwarden. Aannemer Biense Dijkstra van Dijkstra Draisma, samen Makelaardij Hoekstra en De Haan Advocaten en Notarissen gastheer, wees op het toegenomen consumentenvertrouwen: dat ligt weer op het niveau van twaalf jaar geleden. Dat is te merken aan de woningmarkt. In 2016 werden twee maal zo veel woningen verkocht als het jaar daarvoor. Dat is trouwens vooral te danken aan de steden die hot zijn, zoals Amsterdam, Utrecht en Groningen.

Het algeheel vastgoedbeeld is trouwens nog niet helemaal rooskleurig. Zo is er nog altijd behoorlijk wat leegstand in de winkelstraten. Veel ketens legden het loodje (o.a. Schoenenreus, Miss Etam, Halfords, Mexx, Scheer & Foppen, Perry Sport, Dixons, V&D, MS Mode, Mitra, Mc Gregor, de schoenenmerken van Macintosh, Siebel, DA, Henk ten Hoor, De Harense Smid, Oad, Free Record Shop etc.). Duizenden winkelpanden kwamen leeg. Ook de kantorenmarkt herstelt moeizaam, liet Dijkstra weten.

‘Maar er is mede door de lage rente een gunstig investeringsklimaat. De komende jaren zal het accent met name liggen op transformatie. Op het herbestemmen van kantoren en winkelpanden,’ aldus Dijkstra, die eraan toevoegde dat er gouden kansen liggen.
‘Juist nu krijgen we de mogelijkheid om in te zetten op duurzaamheid en energiebesparing, zoals we bijvoorbeeld met de Elfstedenhal hebben gedaan: van een verbruik van negentigduizend kuub gas per jaar naar negenduizend.’

De energiebehoefte van de bebouwde omgeving kan zeker met veertig procent omlaag. Het is nu de tijd om stappen te maken, proclameerde Dijkstra.
‘We moeten met ons allen sociaal gaan investeren en beseffen dat vastgoed energie kan opleveren, zowel bestaande als nieuwe panden. We moeten toe naar een circulaire economie waarin energieopwekking net zo normaal is als een voordeur. Gelukkig loopt Leeuwarden onder de gemeenten voorop en wil men in de toekomstvrij zijn van fossiele energiebronnen.’

In ieder geval is de crisis overwonnen en daar brachten de gasten op de twaalfde editie van deze mooie netwerkavond een toast op uit. Dijkstra bleef niettemin bedachtzaam, pessimist als hij is.
Zijn lijfspreuk bezigde hij om die reden nog maar eens: een pessimist is een optimist met ervaring.

Foto boven: Joop Akkerman en Johan Diks (Bent Acera Drachten). Joop is betrokken in een prachtig recreatieproject in Frederiksdorp aan de Commewijnerivier in Suriname, op een kilometer of 30 van Paramaribo. Het is een gerenoveerd resort met ‘cabana’s’, oftewel 18e eeuwse plantagehuizen. Joop: ‘Ik was in 2015 op vakantie in Suriname en toen liep ik hier tegenaan. Samen met enkele compagnons ben ik erin gestapt. Er is belangstelling uit de hele wereld.’

Foto: Richard de Boer (commercieel manager Dijkstra Draisma), Michelle Zweferink uit Poppingawier (tweede in Hollands Next Top Model en namens Makelaardij Hoekstra medeorganisator van de Vastgoedborrel), makelaar Jeanette Hoekstra en Ruud Glas van De Haan.

Foto: Thijs Spijkervet en Anke Oosterbaan van Synaeda Psycho Medisch Centrum waarvan Thijs commissaris is.

Foto: Sjoerd Voortman (vastgoedmanager), Mark Verzendaal (vastgoedmanager), Folkert Leijten (directeur), alle drie van planontwikkelaar Leyten, en Erik de Jong, directeur Vinco Vastgoed.

Foto: De vroegere kaasexporteur Tjalling Schaaf geflankeerd door Sietske Lok van Makelaardij Hoekstra (l.) en Mariska Poelsma, partner van Pieter Poelsma (actief in offshore windenergie).

Foto: Cambuur-voorzitter en tankondernemer Ype Smid, Romke Hekstra (Van Wijnen Projectontwikkeling Noord) en de broers Johan (Van Wijnen) en Eddie de Leeuw (VAMOS Vastgoed).

Foto: Daan Zethoven (Zethoven Planontwikkeling) en Douwe Faber (Ekwadraat – duurzame energie). Beide mannen geven vorm aan verduurzaming in de bouw. Daan heeft het Ecomunity Park in Oosterwolde gerealiseerd (gebouwen van Ecostyle met de hoogste duurzaamheidswaarde) en Douwe is met zijn bedrijf als belangrijke adviseur druk met het revolutionaire Energiecampus Leeuwarden.
‘We kunnen wat voor elkaar betekenen,’ zei het tweetal.

Foto: Thom van der Heide (hij stapt over van élevé naar Van der Valk Leeuwarden) en hotelondernemer Harry Westers van WestCord.

Opera Spanga Corina van Eijk

Spannend in Spanga

SPANGA – In de opera Macbeth vloeide minder bloed dan inleider Bo van der Meulen, bevriend met regisseur Corina van Eijk, liet geloven. Minstens zo spannend als het er op het podium van veengrond om toe ging, is de vraag of Opera Spanga op die locatie kan blijven. Jacob en Cobie de Wolf  hun boerderij en het land, waarop al 22 jaar een opera wordt opgevoerd en waarmee Spanga naam en faam verwierf, staan namelijk te koop. “Maar het blijft wel in Spanga”, zegt Oeds Westerhof als projectdirecteur van KH 2018. “En anders maar bij mij in de achtertuin”, opperde burgemeester Gerard van Klaveren, met de wethouders present als ontvangende partij namens de gemeente Weststellingwerf. “Hoe dan ook, ik zet er in 2018 een streep onder”, aldus Jacob de Wolf , die stilletjes hoopt dat de nieuwe eigenaar Opera Spanga ook wil omarmen. Verslag in FJ 93 (november/december).